Geef uw mening!
Stuur uw brieven, foto's, afbeeldingen, filmpjes of cartoons naar
theo.kooijmans@gmail.com
Maak het niet te bont. De redactie behoudt zich het recht voor om inzendingen zonder opgaaf van redenen te weigeren.

zondag 29 november 2009

Motie Aptroot-Roemer - begin met de IJssellijn

Bijgaand de volledige tekst van de motie van Aptroot en Roemer waarin zij vragen om een onderzoek naar de overlast rond spoorwegen. Tevens een eerste, nogal verward overkomende, reactie van Camiel Eurlings daarop.

Zij vragen om:
- maximumnormen voor trillingen veroorzaakt door treinvervoer
- inventarisatie van spoortrajecten waar mensen veel overlast ondervinden
- meten van geluid en trillingen in het jaar 2010
- opstellen van plannen om geluid- en trillingshinder onder die normen te brengen
- te starten met de IJssellijn

Aanstaande dinsdag wordt er over de motie gestemd.


We moeten afwachten of de motie het haalt. En daarbij in het oog houden welke partijen vóór en welke partijen tégen die motie zullen stemmen. Indien de motie wordt aangenomen dan krijgt de minister een jaar de tijd om de de motie uit te voeren.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat door het toenemende gebruik van het spoor overlast door geluid en trillingen langs het spoor toenemen;

constaterende dat veel spoor is aangelegd voor beperkt gebruik voor personenvervoer en nu steeds intensiever wordt gebruikt voor personen- en goederenvervoer;

dat er geen normen zijn voor trillingen veroorzaakt door treinvervoer;

spreekt als haar mening uit dat er voor trillingen van het treinvervoer maximumnormen moeten worden opgesteld;

dat een inventarisatie moet worden gemaakt van spoortrajecten waar bebouwing dicht langs het spoor is gelegen en waar sprake is van substantiële klachten van omwonenden;

dat voor deze trajecten moet worden gemeten of er sprake is van overschrijding van geluids- en trillingsnormen;

verzoekt de regering deze inventarisatie en metingen in 2010 te doen, te beginnen met de IJssellijn, en op basis daarvan plannen op te stellen waardoor geluid en trillingen niet de normen overschrijden;

de Kamer daarover te informeren voor 1 november 2010,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Aptroot en Roemer. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 27 (32123-XII)


De eerste reactie van minister Eurlings slaat nergens op. Hij zit met zijn hoofd al in de kroeg em haalt zaken door elkaar. Lees maar:
De motie op nr. 27 van de leden Aptroot en Roemer betreft de IJssellijn. Ik moet helaas ook deze motie ontraden. Nu laad ik de verdenking op mij dat ik inderdaad te negatief ben aan het einde van deze avond, gezien de strenge blik van de heer Roemer. Wij drinken er een biertje op. Dat zeg ik richting de heer Roemer,voorzitter, maar misschien ook richting u. Ik moet deze motie helaas ook ontraden want de HSL Noord voldoet ten aanzien van de trillingen in de baan en in de ondergrond aan de normen zoals gesteld door de Stichting Bouwresearch in de richtlijnen. Ook hier is dus sprake van een feitelijke onjuistheid.

zaterdag 28 november 2009

VVD en SP willen studie naar overlast door spoor IJssellijn

Tweede Kamerlid Charlie Aptroot houdt woord.

Hij vraagt, samen met SP-kamerlid Emile Roemer, in een motie om een studie naar de overlast langs het spoor van de IJssellijn.
Zie het bericht in de Gelderlander "VVD en SP: studie naar overlast door IJssellijn"

En nog 'n stukje uit de handelingen van de Tweede Kamer van 25 november 2009 (behandeling begroting Verkeer en Waterstaat:

De heer Aptroot (VVD):
....
Dan het woon- en leefmilieu langs het spoor. Wij vinden dat dit meer prioriteit moet krijgen. Het beleid met betrekking tot het spoor is goed: meer personen- over het spoor en meer goederenvervoer over het spoor. Wij hopen dat de HSL-Noord en de Betuwelijn straks een succes worden. En dat gaat op termijn heus gebeuren. Wij zijn bezorgd over de milieuproblemen langs het bestaande spoor. Wij hebben als politiek veel aandacht voor eventuele milieuproblemen langs de wegen, maar de rijkswegen lopen over het algemeen niet zo dicht langs woonwijken. Het spoor gaat vaak dwars door woonwijken en kernen. Afgelopen week was ik op bezoek in Velp, gemeente Rheden. De IJssellijn -- ooit een spoorlijntje voor een paar passagierstreinen -- loopt dwars door kernen en woonwijken, soms op tien tot vijftien meter en soms op dertig tot veertig meter van woningen. Volgens de inwoners veroorzaakt de nieuwe sprinter meer geluid dan de hondenkop. Zij klagen er echter vooral over dat het aantal goederentreinen enorm toeneemt. De bewoners zeggen dat er veel geluidsoverlast is. Ik heb de huizen gezien en daar zitten joekels van scheuren in die kennelijk de laatste jaren door het toegenomen gebruik van het spoor zijn ontstaan. ProRail houdt volgens de bewoners claims af. Er is tien jaar geleden gevelisolatie toegezegd, maar die wordt steeds vooruitgeschoven. De bewoners zeggen tegen mij zich belazerd en in de steek gelaten te voelen. Ook langs de HSL bij de gemeenten Kaag en Braassem en Landsingerland is er een groot probleem met het geluid. Wat ons betreft, kan dit zo niet langer. Wij denken dat het goed is om te meten in de gebieden waar er klachten zijn. Dat heeft de minister bijvoorbeeld in Landsingerland al laten doen. Ook op andere plaatsen waar dit speelt, zou moeten worden gemeten. Moet er geen norm voor trillingen worden ontwikkeld? Als je een norm hebt, kan je meten en objectief bepalen of de klachten terecht zijn of dat het geluid binnen acceptabele normen blijft. Is de minister bereid om te kijken hoe de overlast van het spoor aangepakt kan worden?.

Er wordt gewerkt aan het basisnet voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. Dit zou aan het eind van dit jaar klaar zijn. Graag hoor ik van de minister of dit inderdaad gaat lukken. In steden zoals Dordrecht is er sprake van een situatie die eigenlijk op lange termijn niet verantwoord is. Dat verander je niet in een dag, maar dit moet wel zo snel mogelijk gebeuren.


De lokale VVD heeft haar collega-raadspartijen opgeroepen om bij hun partijgenoten in de Tweede Kamer te pleiten voor steun aan deze motie. De motie komt komende week (waarschijnlijk dinsdag) in stemming.
Klik op de afbeelding om te vergroten


(zodra ik meer informatie heb meld ik me: TKO)

vrijdag 27 november 2009

Reactie Wim Pieper op "Vuile handen"

Voormalig wethouder Wim Pieper reageert op het artikel "Vuile handen". dat afgelopen dinsdag op deze blog werd gepubliceerd.

De reactie van dhr Pieper verdient het om breed onder de aandacht te komen.

Lees daarom Adriaan Dolk's artikel "Vuile handen". en de reactie daarop van Wim Pieper.(onder het artikel).

De brief van de minister van Binnenlandse zaken, mevr. Ter Horst, aan de Tweede Kamer waar Wim Pieper op doelt in onderstaande reactie (een reactie op dit bericht) over heeft kunt u via het aanklikken van deze titel openen of downloaden. Klik daarvoor op Herbenoeming (en benoeming) burgemeesters.

woensdag 25 november 2009

Camiel

In Zuid-Limburg is Camiel Eurlings, de minister van Verkeer en Waterstaat, mateloos populair. Er schijnen vanuit het bronsgroen eikenhout regelmatig bussen vol huisvrouwen naar Den Haag af te reizen om “Us Camieleke” te bewonderen. Hij heeft ook internationale ambities. Van de week levert hij 150 oranje fietsen af in New York. Goed voor de vertering van de hamburgers, goed voor de conditie en goed voor Camiel. Of hij ook zelf een rondje over Manhattan maakt is niet bekend.

In onze regio staat hij er minder goed op. Ik krijg soms de indruk dat Camiel en de zijnen ons een beetje aan het jennen zijn. Neem nou zo’n ambtenaar van Rijkswaterstaat die zonder te verblikken of verblozen roept dat de A12 mogelijk uitgebreid moet worden naar 2 x 4 rijstroken als de A15 niet wordt doorgetrokken naar de A12. De boodschap die hij ons geeft is duidelijk. “Jullie moeten eens ophouden met dat gedram over die overkapping , de luchtkwaliteit en de leefbaarheid. En waag het niet om je tegen het doortrekken van de A15 te verzetten”.

Met het spoor is het van hetzelfde laken een pak. Hoe ze het in Den Haag in hun hoofd halen om hier 100 goederentreinen over het spoor te laten rijden is mij een raadsel. Ik zie dan hele batterijen rekenmeesters voor me die met een kaart van het spoorwegnet op schoot en gewapend met grote tabellen zoveel mogelijk treintjes op dat spoor willen zetten. Op die kaart staan uitsluitend spoorlijnen ingetekend. Hoe Nederland er verder uitziet doet niet ter zake. Laat staan dat je rekening gaat houden met mensen.

Maar ja, het heeft ook goede kanten. Het woud aan actiegroepen en belangenverenigingen tiert welig en houdt tienduizenden mensen van straat. Een prima vrijetijdsbesteding voor vroeg gepensioneerden en andere bemoeials zoals ik.

En de politiek heeft ook weer wat te doen. Afgelopen vrijdag kwam kamerlid Aptroot op bezoek om de situatie langs het spoor te bekijken. De onderlinge politieke kinnesinne kwam daar weer eens duidelijk aan het licht. De VVD had het bezoek georganiseerd maar had de andere partijen ook uitgenodigd. Henk Molenaar van de SP en Piet Wubs van Gemeentebelangen waren aanwezig. De overige partijen waren in geen velden of wegen te bekennen. Die wilden natuurlijk niet als franje voor het VVD-feestje dienen. Ze hebben immers al genoeg van de VVD te verduren. Het gedrag van Haverkamp c.s. loopt de spuigaten uit en in een van mijn volgende stukjes zal ik de coalitiegenoten eens wat gratis advies geven. De VVD moet bestreden worden want zo wordt het een eentonige boel. En dan heb ik straks niks meer om over te schrijven. Dat laat ik niet over mijn kant gaan.

Maar ik dwaal af. Ik was begonnen over Camiel en zijn vervoersclub. Hij is een fervent wielerenthousiast. Misschien een idee voor het CDA om hun partijgenoot uit te nodigen voor een fietstochtje. Met z’n hondervijftigen peddelen langs de IJssellijn, op oranje fietsen, geleverd door Camiel. Eindpunt is Velp. Dat is vanwege die fietsen. Daar heb ik mijn oog op laten vallen. Goed voor de lijn. Als ons belastinggeld naar New York gaat dan kan er hier ook wel een fietsje af . Ik wil er ook graag een.

dinsdag 24 november 2009

Jurriëns had draaikont Elsenaar moeten doorzagen over de rondweg Laag-Soeren.

Vanavond vroeg raadslid Jurriëns aan wethouder Elsenaar of het bericht op een weblog (Jurriëns: "ik zal de naam niet noemen", ach gut die Jurriëns) over de rondweg Laag-Soeren klopte en waarom wethouder Elsenaar daar niet eerst de raad over had geïnformeerd.

Daarop begon Elsenaar te draaikonten. Hij verwees naar de moties in provinciale staten (zie het bericht "IA,IA...Ze gaan met onze rondweg aan de haal" ). Hij vermeed te melden dat hij tegen mij had gezegd dat de rondweg er kwam. Maar hij verraadde zich toch. Op het einde zei Elsenaar dat hij samen met zijn collega's uit Apeldoorn en Brummen een plan aan de provincie had voorgelegd waarin het nieuwe tracé van de
N786 was opgenomen. Op dat moment had Jurriëns moeten doorvragen. Een alerter raadslid had dat ongetwijfeld gedaan.

Ik zeg het hier nog maar eens: Elsenaar heeft tegenover mij herhaald de uitspraak gedaan en herhaald bevestigd dat er op bestuurlijk niveau overeenstemming is over de rondweg om Laag-Soeren. Ondubbelzinnig. Die gaat volgens die bestuurlijke overeenstemming, zoals Elsenaar zei, het oude rondwegtracé volgen.

En Jurriëns heeft natuurlijk gelijk: Elsenaar had de raad moeten informeren dat Apeldoorn, Brummen en Rheden eruit waren en dat zij overeenstemming hebben over die N786 inclusief de rondweg om Laag-Soeren. Vreemd genoeg ging niemand in de raadszaal daarop door. Heel, heel merkwaardig!

Ik moet nu even tot tien tellen...!
Wordt ongetwijfeld vervolgd!

IA,IA... Ze gaan met onze rondweg aan de haal!

Het CDA ziet het dossier waar zij haar zinnen op had gezet uit haar handen glippen. Het bericht waarin ik meldde dat de wethouders van Apeldoorn, Brummen en Rheden overeenstemming hebben bereikt over de aanleg van de rondweg om Laag-Soeren joeg het CDA in de gordijnen.

CDA-raadslid Bert de Boer mailde me dat hij er al op de informatieavond van 12 november “wat over geroepen had” en had gewezen op de “reserve T22 van bijna 1 mln die wij nog hebben staan”

Ter ondersteuning stuurde hij twee documenten mee: een amendement en een motie over een voorbereidingskrediet voor de N786 die door Provinciale Staten zijn aangenomen. Het amendement (wijziging op de “Beleidsbegroting 2010”) spreekt van een voorbereidingskrediet van € 500.000 voor de N786 Dieren-Apeldoorn.
De Boer meldde ook “Het is een gezamenlijk initiatief van de coalitiepartijen geworden met als trekker statenlid CDA'er Jan Hutten.”

Het is heel mooi dat er een verkenning wordt uitgevoerd en dat CDA'er Jan Hutten de trekker is maar NERGENS in die documenten wordt gesproken over het aanleggen van de rondweg. Niet in de Begroting 2010, niet in het amendement en niet in de motie. Ik lees alleen dat er geld is vrijgemaakt om een verkenning op te starten.

Maar het CDA maakt het, uit angst de boot te missen, nu wel erg bont. Op de CDA-website staat een bericht met de kop “De N786 rondweg Laag Soeren moet worden opgestart zegt PS Gld.” Het bericht is verluchtigd met een schets van de rondweg. Maar in de tekst is niets over de rondweg terug te vinden. Opnieuw wordt alleen gesproken van “een verkenning rondom de N786” Dat wil dus zeggen dat alle mogelijkheden open staan. De rondweg wordt niet genoemd. Laat staan dat provinciale staten heeft gezegd dat de rondweg moet worden opgestart. Anders gezegd: De kop boven het bericht dekt de lading dus niet. Ronduit suggestief en misleidend.

Hans Elsenaar, wethouder Verkeer van de gemeente Rheden, was afgelopen vrijdag tegenover mij wel specifiek. Hij beklemtoonde dat de oude rondweg nieuw leven is ingeblazen en dat daarover een akkoord is bereikt met Apeldoorn en Brummen, als onderdeel van de totaaloplossing voor de N786.

Het CDA doet alsof die rondweg vanzelfsprekend onderdeel van de oplossing is "waarvan CDA'er Jan Hutten de trekker is.” Met andere woorden "Die rondweg is onze verdienste". Nog sterker "Die rondweg is exclusief eigendom van het CDA."
Jaja, je moet toch wat hè.

In de provinciale "Beleidsbegroting 2010" van de provincie staat
Op basis van besluitvorming door uw Staten zullen wij de voorbereiding van de feitelijke uitvoering van projecten op de N320 en N322 direct ter hand nemen in samenwerking met de betrokken gemeenten. Realisatie van oplossingen voor deze twee knelpunten is voorzien in de volgende Statenperiode. Voor de meer complexe knelpunten op de N309, N345 en N786 zal, eveneens conform Statenvoorstel en de moties daarop, gestart worden met brede maatschappelijke verkenningen naar de meest gewenste oplossingen. Deze verkenningen krijgen hun beslag in 2010

Niet meer en niet minder. En heel mooi allemaal maar de tekst rept nergens van een rondweg.

Als het CDA toch al weet van die rondweg had waarom hebben ze daarmee dan niet de publiciteit gezocht? Ontbreekt het ze aan politiek benul? Hebben ze eindelijk iets waar de partij mee kan scoren dan laten ze zich nog de kaas van het brood eten. En dan nu moord en brand schreeuwen en net doen alsof ze daarvan al lang op de hoogte waren? Kom, kom!

De druiven zijn kennelijk nogal zuur voor het CDA.

Ik mag Bert de Boer graag, 'n beste vent en capabel raadslid. En van mij mag het CDA met de eer voor de rondweg gaan strijken hoor. Maakt me geen moer uit. Maar ze moeten niet krampachtig gaan doen. Eef van Ooijen en Hans Elsenaar hebben het over een rondweg en niet over verkenningen. Zij hebben die verkenningen namelijk al uitgevoerd en zijn sowieso al 'n paar stappen verder dan het CDA. En tja..helaas voor het CDA, ze zijn beide van een andere partij.

Als troost onderstaand de motie en het amendement die in proviciale staten zijn ingediend. Onder leiding van statenlid en trekker Jan Hutten. En die is van het CDA. Als je dat maar weet!
Klik op onderstaande afbeeldingen om te vergroten.


Joop Zijlstra gekozen in bestuur Nieuw Republikeins Gernootschap

Amsterdam, Zaterdag 21 november 2009.

Tot leden van het bestuur van het Nieuw Republikeins Genootschap (NRG) zijn gekozen de heren L. Verhoef te Overdinkel (O) en Drs. J.A. Zijlstra te Ellecom (Gld).

Dit gebeurde op de Algemene Ledenvergadering van het NRG in Amsterdam op zaterdag 21 november 2009.

Het Nieuw Republikeins Genootschap stelt zich ten doel de republiek als regeringsvorm te doen herinvoeren. Nederland zou de oudste republiek ter wereld zijn geweest (sinds de Unie van Utrecht in 1579) als niet in 1813 (na de val van Napoleon) Willem Frederik, zoon van stadhouder Willem V met steun van de geallieerden tot vorst van de Verenigde Nederlanden was gekroond.

Het N.R.G. wil zijn doel bereiken door te benadrukken dat het erfelijk koningschap niet meer van deze tijd is. Het NRG stoort zich weliswaar ook aan de vele incidenten in en rondom het koningshuis, maar verwerpt veeleer de feitelijke omstandigheid dat de hoogste post in ons land bij erfrecht toevalt aan één familie met alle prerogatieven die daarbij lijken te horen.

Een eventuele instelling van een ‘ceremonieel koningschap‘ verandert niets aan dat erfrecht en is daarom onwenselijk. In een waarlijk democratisch land dient de functie van staatshoofd, naar de vorm ceremonieel, in principe open te staan voor iedereen. Pas dan kan er in ons land sprake zijn van een echte democratie.

Het NRG is sinds zijn oprichting in 1998 gestadig groeiend en telt thans 1400 leden. Nadere informatie is te vinden op de website van het Nieuw Republikeins Genootschap."

--
Hugo Beunder
Nieuw Republikeins Genootschap, voorzitter

Vuile handen

Door: Adriaan Dolk

Via het weblog Politiek Rheden werden wij op 28 oktober en 7 november jl. geinformeerd over bestuurspraktijken in de gemeente Rheden. Het is najaar 2006 en een vertrouwelijk rapport van het GITP te Nijmegen met persoonlijke gegevens van een wethouder wordt tegen de afspraken in door wethouder J. Kock besproken in een fractievergadering van de PvdA. Vervolgens treedt er een praatcircuit in werking waar bezoekende burgers op het gemeentehuis zonder schroom in worden betrokken.

Joop Zijlstra uit Ellecom verkrijgt bevestiging over deze onverkwikkelijke gang van zaken van de beschadigde wethouder en schrijft vervolgens op 2 november jl. een brief aan de burgemeester, mevr. Van Wingerden-Boers waarin hij haar onder meer vraagt of:

1 de burgemeester in haar hoedanigheid als voorzitter van het College wethouder Kock heeft aangesproken op het feit dat hij de beloofde vertrouwelijkheid van het rapport en daarmee de privacy van de betrokken wethouder heeft geschonden?

2 de burgemeester maatregelen heeft genomen tegen de heer Kock naar aanleiding van diens schending van vertrouwelijkheid en zo ja, welke?

3 de burgemeester de beschadigde wethouder wiens privacy gegevens op straat terecht waren gekomen nog namens het College haar verontschuldigingen heeft aangeboden voor het optreden van de heer Kock?

Het antwoord van de burgemeester aan de heer Zijlstra (brief d.d.18.11.2009) gaat volkomen voorbij aan deze vragen en komt er op neer dat de burgemeester over deze zaak geen verdere informatie wenst te verstrekken aangezien de privacy van de heer Pieper dan in het geding komt. Want over hem gaat het, zoals elke lezer kan nagaan bij verdere raadpleging van dit weblog.

Zelf niet zo thuis in ambtelijke formuleringen begrijp ik wel dat hier in ernst wordt geprobeerd de vragensteller met een enorme kluit in het riet te sturen.

Doordat vertrouwelijkheid niet in acht is genomen is de privacy van een wethouder geschonden en over deze zaak kan geen verdere informatie worden verstrekt omdat de privacy van de wethouder in kwestie dan wordt geschonden. Dat is - zeker voor een burgemeester - een diepzinnige gedachte.

Geen van de vragen aan de burgemeester betreffen de privacy van de heer Pieper. Er is geen enkele reden waarom de burgemeester de privacy van de heer Pieper nog verder zou moeten schenden als zij de bovengenoemde vragen van de heer Zijlstra beantwoordt.

Integendeel, voor twee vragen is een eenvoudig ja of nee voldoende en bij vraag 2 volstaat, indien het antwoord ja is, een opsomming van de genomen maatregelen.

Het gaat bij die vragen helemaal niet over de privacy van de heer Pieper maar over een schending van integriteit van bestuur door wethouder Kock.

Van den Heuvel en Huberts, twee hoogleraren verbonden aan de VU Amsterdam, zijn auteurs van het boekje ‘Integriteitsbeleid van gemeenten’ (Lemma bv 2003).

Een tweetal citaten die in het boekje zijn te vinden:
(1) ‘Een samenleving kan zich geen ambtelijke en bestuurlijke organisatie permitteren die moreel niet hoogstaand en onkreukbaar is.’
(2) ‘Integriteit raakt inmiddels uit de bespiegelende sfeer. Het besef is doorgedrongen dat integriteit een harde les van deze tijd is. Maar zakelijke maatregelen zoals heldere regels en afspraken, gedragsregels, organisatorische maatregelen en controlemechanismen zijn niet voldoende, want al dit soort instrumenten loopt het risico ineffectief te blijven als bij bestuurders en ambtenaren niet een mentaliteit van betrouwbaarheid, openheid en onkreukbaarheid bestaat.’

Die betrouwbaarheid en onkreukbaarheid van wethouder Kock is in de gemeente Rheden in hoge mate aan de orde. Het is onaannemelijk dat de burgemeester deze schending van integriteit is ontgaan. Maar zij heeft wel verzuimd passend te handelen.

Want, zeggen de auteurs op blz 75, (door mij samengevat) :
Als er een verdenking van schending van integriteit in een gemeentelijke organisatie aan de oppervlakte komt dient snel te worden gereageerd. Ontkennen werkt averechts. Eerst dient een voorlopig oriëntatie plaats te vinden; indien geen grond aanwezig om het onderzoek verder door te zetten wordt dat publiekelijk met redenen toegelicht. Als echter uit deze oriëntatie blijkt dat de verdenking min of meer serieus kan worden genomen dan dient een echt onafhankelijk onderzoek te volgen. Maar beslist niet door de gemeentelijke vertouwenspersoon omdat deze te dicht op de gemeentelijke personen staan. De betrokken politicus, onderwerp van het onderzoek, doet er verstandig aan terug te treden in afwachting van de uitkomsten van het onderzoek. In ernstige gevallen dient formeel te worden geschorst.

In de duistere werkelijkheid van 2006 in de gemeente Rheden, is gezien de verklaring van de heer Pieper op dit weblog van 7 november sprake van een ernstige integriteitsschending door een bestuurder van de gemeente. En dat speelde zich af in 2006.

De burgemeester verzuimde op te treden en de raad verzuimde om het college over deze kwestie kritisch aan de tand te voelen.

Voor de laatste maal nog even de twee hoogleraren van de VU die een aantal vaak voorkomende missers wat betreft integriteit in germeentelijke organisaties hebben ingedeeld in vijf groepen; nummer vier luidt als volgt::

‘Het probleem van de vuile handen heeft betrekking op de vraag of het doel de middelen heiligt; men maakt vuile handen als men omwille van het bereiken van het doel wat minder precies omgaat met bijvoorbeeld rechtvaardigheid, openheid of collegialiteit.’

Door niet te reageren op op een duidelijke schending van integriteit heeft - naar het oordeel van de auteurs - het bestuur van de gemeente Rheden - zowel het voltallige college als de voltallige raad - vuile handen gemaakt

En ik meen me te herinneren dat vandaag 24 november 2009 een vertrouwenscommissie uit diezelfde raad zal worden benoemd die een aanbeveling zal moeten opstellen voor een eventuele herbenoeming van diezelfde burgemeester. Daar zal beslist geen aanbeveling uit voortkomen die het keurmerk integer kan worden opgeplakt. ‘Een beetje integer kan niet’ zei Ien Dales

Het is maar beter die aanbeveling over te laten aan de leden van de nieuwe gemeenteraad die volgend jaar, na de verkiezingen in maart zal worden geinstalleerd.

Adriaan Dolk, Dieren

maandag 23 november 2009

De "Burgemeester" schrijft

Door: Joop Zijlstra

Bijgaande brief krijg ik van de burgemeester; dat wil zeggen van haar gemeentesecretaris. Ieder moet de inhoud ervan zelf maar beoordelen.

De burgemeester verschuilt zich, wederom, dat staat voor mij wel vast.
Zij staat niet voor de gemeente en de inwoners van de gemeente. Zij is niet de juiste vrouw op de juiste plaats.

Misschien is het wel daarom dat zij de huidige gemeentesecretaris naar Rheden heeft gehaald: tot hulp. De gemeente Rheden is de vierde in rij voor deze ambtenaar. Na Millingen a/d Rijn, Denekamp en Opsterland.

Als een kandidaat in persoonlijk moeilijke omstandigheden verkeert betekent dat nog niet dat een vriendin-burgemeester zich mag bemoeien met de procedure. Sollicitatie-in-noodgeval mag er niet zijn.

Dat is hier wel gebeurd. Het bijgaande briefje tekent haar situatie.
Burgemeester in vervelende omstandigheden, de gemeentesecretaris springt in.

Overigens: niet alleen Canters en zeven van zijn collega-raadsleden (Zie de site ‘politiekrheden.nl’) dienen terug te treden op het einde van de raadsperiode.
Alle gemeenteraadsleden die bij Hart van Dieren waren betrokken moeten hun ontslag nemen bij het einde van de raadsperiode. Sommige fouten zijn onvergefelijk. Geheel schoon schip maken is het beste.

Terwijl ik een brief krijg namens de burgemeester, krijgt zij er een van mij.
Persoonlijk, met de hand geschreven. Met een beroep de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB) verzoek ik haar aan mij een afschrift toe te zenden van haar brief van eind september 2009 aan de Commissaris van de Koningin (partijgenoot) over mij.

Met een groet aan de beoogde lezers!

Joop Zijlstra

Onderstaand de brief. Klik op de afbeelding om te vergroten


zondag 22 november 2009

Toch rondweg voor Laag-Soeren!

Ik viel van m’n stoel toen ik het hoorde maar het is echt waar. En ik heb het uit de eerste hand. Van wethouder Hans Elsenaar persoonlijk.

Goed nieuws voor Laag-Soeren. Zeer goed, zeer belangrijk nieuws zelfs.

Bij het werkbezoek van Charlie Aptroot zaten we aan de lunch bij kookenbarbecue.nl op de Velpse Beemd. Prima geregeld en een geode sfeer. Ik deelde ’n overgebleven biefstukje met Hans Elsenaar en raakte in gesprek over de rondweg en het vonnis van de Raad van State die zojuist een streep door het vrachtwagenverbod had gehaald.

Laag-Soeren krijgt misschien toch zijn rondweg.

Ik zeg misschien want er zijn nog genoeg hobbels te nemen. We beginnen opnieuw aan het proces. Lees het bericht daarom zorgvuldig. Er is een eerste weliswaar zeer belangrijke stap gezet.

De Rhedense wethouder Hans Elsenaar vertelde dat er bestuurlijke overeenstemming is tussen de gemeenten Rheden, Brummen en Apeldoorn over de aanpak van de verkeersproblemen op de N786, de Harderwijkerweg, tussen Dieren en Beekbergen. Naast aanpassingen bij Loenen staat ook de rondweg om Laag-Soeren weer op de rol. Mijn nadrukkelijk herhaalde vraag of het inderdaad de “oude” rondweg betreft werd door wethouder Elsenaar met overtuiging bevestigend beantwoord. De rondweg om Laag-Soeren is integraal onderdeel van het plan. Over hetzelfde ongewijzigde tracé. Op mijn vraag of dit kon worden gepubliceerd kwam eveneens een bevestigend antwoord. Geen enkel probleem.

De wethouders van de gemeenten Apeldoorn, Brummen en Rheden hebben hun plannen gepresenteerd aan gedeputeerde Marijke van Haaren. De provincie is akkoord

De steun van Brummen voor het plan is opmerkelijk. Onder druk van een deel van de Eerbeekse bevolking en de lokale politiek partij IPV trok de gemeente Brummen enkele jaren geleden haar steun aan de rondweg in. Een Eerbeekse lobbygroep bestreed met succes de plannen voor de rondweg bij de Raad van State. De NIMBY-club maakte daarbij dankbaar gebruik van procedurefouten die de provincie gemaakt had. Daarna gingen Rheden en Brummen vooraf bindend akkoord met de resultaten van een onderzoek dat onder auspiciën van de provincie werd uitgevoerd. Toen daar uitkwam dat omleiding van de vrachtwagens over de Kanaalweg geen optie was besloot Rheden alsnog tot een vrachtwagenverbod. Brummen beschuldigde Rheden van woordbreuk en vocht het besluit met succes aan. De Raad van State haalde afgelopen week een streep door dat vrachtwagenverbod. Daarmee leek een einde te komen aan de mogelijkheden om de problemen op de Harderwijkerweg in Laag-Soeren aan te pakken. Na 30 jaar had Laag-Soeren definitief verloren.

Maar zie..als de nood het hoogst is dan is redding nabij. Ook Brummen zag in dat er een einde aan de strijd moest komen. En nu er een integrale oplossing voor de N786 komt is er voor Brummen geen reden meer om steun aan de rondweg te onthouden. Daarin speelt mee dat ook bij Loenen een oplossing is gevonden waar ook het (vracht)verkeer van en naar Eerbeek voordeel heeft.

Er is nog een lange weg te gaan. Dit is een akkoord op bestuurlijk niveau. Dat wil zeggen: de wethouders hebben overeenstemming bereikt. Nu de Brummense politiek nog. Ik ben benieuwd of de Eerbeekse lobby tegen de rondweg opnieuw opstaat en of die dan nog steeds zo’n grote invloed op de politiek heeft. De strijdbijl tussen de Brummense en het Rhedense college is in ieder geval begraven. Een stoutmoedige stap van de Brummense wethouder Eef van Ooijen. Echt leiderschap. Zulke PvdA-ers hebben we nodig.

Ik ben reuze benieuwd naar de details van het plan. Is het echt waar? Het is haast niet te geloven.

De Soerenaren krijgen hierbij mijn felicitaties. Er is hoop. En hoop doet leven.
Zou na 30 jaar dan toch…….?

Even terzijde. Zijn er nog meer van die werkbezoekjes? Ik ben altijd bereid om een vorkje mee te prikken. Ik hou wel van biefstuk. Maar nog meer van zulke berichten. Laat de kamerleden maar aanrukken.

Raad van State schrapt vrachtwagenverbod Laag-Soeren


Just for the record. De uitspraak van de Raad van State inzake het geschil tussen de gemeenten Brummen en Rheden. Rheden wilde op de Harderwijkerweg een vrachtwagenverbod instellen. Brummen bestreed dat. Volgens de Brummenezen schond Rheden daarmee eerder afspraken. De Raad van State geeft Brummen gelijk en haalt daarmee een streep door het vrachtwagenverbod.

Bijgaand de volledige tekst van de uitspraak.

ZAAKNUMMER 200901870/1/H3
DATUM VAN UITSPRAAK woensdag 18 november 2009
TEGEN het college van burgemeester en wethouders van Rheden
PROCEDURESOORT Hoger beroep

RECHTSGEBIED Kamer 3 - Hoger Beroep - Wegenverkeerswet

200901870/1/H3.
Datum uitspraak: 18 november 2009

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:
het college van burgemeester en wethouders van Rheden,
appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Arnhem van 6 februari 2009 in zaak nr. 08/3408

in het geding tussen:
het college van burgemeester en wethouders van Brummen
en
appellant.

1. Procesverloop

Bij besluit van 20 maart 2007 heeft appellant (hierna: het college van Rheden) de Harderwijkerweg te Laag-Soeren ter hoogte van de bebouwde kom gesloten verklaard voor vrachtverkeer met uitzondering van bestemmingsverkeer.

Bij besluit van 1 juli 2008 heeft het college van Rheden het door het college van burgemeester en wethouders van Brummen (hierna: het college van Brummen) daartegen gemaakte bezwaar deels gegrond en deels ongegrond verklaard en het besluit van 20 maart 2007, onder aanvulling van de motivering ervan, gehandhaafd.

Bij uitspraak van 6 februari 2009, verzonden op dezelfde dag, heeft de rechtbank Arnhem (hierna: de rechtbank) het door het college van Brummen daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 1 juli 2008 vernietigd voor zover daarbij het bezwaar van het college van Brummen ongegrond is verklaard en bepaald dat de door de voorzieningenrechter van de rechtbank uitgesproken schorsing van het besluit van 20 maart 2007 vervalt zes weken nadat het nieuw te nemen besluit op bezwaar is bekendgemaakt. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft het college van Rheden bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 16 maart 2009, hoger beroep ingesteld. De gronden van het hoger beroep zijn aangevuld bij brief van 15 mei 2009.

Het college van Brummen heeft een verweerschrift ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 26 oktober 2009, waar het college van Rheden, vertegenwoordigd door mr. drs. I.E. Nauta, advocaat te Arnhem, J.C. Elsenaar, wethouder, E.F. Beekman en mr. M.T.J. Fleuren, beiden ambtenaar in dienst van de gemeente Rheden, en H.M.J. Wolf, werkzaam bij Grontmij Nederland B.V., en het college van Brummen, vertegenwoordigd door W.W.G. Brinkman en P.B. Zwiers, beiden ambtenaar in dienst van de gemeente Brummen, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Ingevolge artikel 2, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: de WVW 1994), zoals dit luidde ten tijde van belang, kunnen de krachtens deze wet vastgestelde regels strekken tot:

a. het verzekeren van de veiligheid op de weg;

b. het beschermen van weggebruikers en passagiers;

c. het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

d. het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer.
Ingevolge het tweede lid kunnen de krachtens deze wet vastgestelde regels voorts strekken tot:

a. het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer;

b. het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden.

Ingevolge artikel 15, eerste lid, geschiedt de plaatsing of verwijdering van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens, en onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd, krachtens een verkeersbesluit.

Ingevolge artikel 21 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (hierna: Babw) vermeldt de motivering van het verkeersbesluit in ieder geval welke doelstelling of doelstellingen met het verkeersbesluit worden beoogd. Daarbij wordt aangegeven welke van de in artikel 2, eerste en tweede lid, van de WVW 1994 genoemde belangen ten grondslag liggen aan het verkeersbesluit. Indien tevens andere van de in artikel 2, eerste en tweede lid, van de WVW 1994 genoemde belangen in het geding zijn, wordt voorts aangegeven op welke wijze de belangen tegen elkaar zijn afgewogen.

Ingevolge artikel 24, aanhef en onder a, worden verkeersbesluiten genomen na overleg met de korpschef van het betrokken regionale politiekorps.

Ingevolge artikel 25, eerste lid, worden verkeersbesluiten als gevolg waarvan het verkeer op wegen anders dan die waarop het verkeersbesluit betrekking heeft rechtstreeks en ingrijpend wordt beïnvloed, genomen na overleg met het ten aanzien van die andere wegen bevoegd gezag.

2.2. Met de in bezwaar gehandhaafde geslotenverklaring van de Harderwijkerweg voor doorgaand vrachtverkeer heeft het college van Rheden, in afwachting van een structurele oplossing, beoogd een tijdelijke maatregel te treffen om de verkeersveiligheid op de weg en de leefbaarheid in Laag-Soeren te verbeteren. Aan dit besluit heeft het college ten grondslag gelegd dat de Harderwijkerweg als erftoegangsweg is ingericht, maar feitelijk als gebiedsontsluitingsweg dienst doet. De Harderwijkerweg in Laag-Soeren is volgens het college van Rheden een weg met een smal wegprofiel, waardoor fietsers en vrachtverkeer hetzelfde weggedeelte delen. Volgens het college van Rheden doen zich op de weg regelmatig verkeersonveilige situaties voor. Voorts zijn langs de weg smalle trottoirs gelegen en is hieraan een school gevestigd, veroorzaakt het vrachtverkeer hinder en beïnvloedt dit de leefbaarheid in Laag-Soeren nadelig. Tot slot is het volgens het college van Rheden wenselijk schade aan het milieu te voorkomen of te beperken.

2.3. Het college van Rheden bestrijdt het oordeel van de rechtbank dat het besluit op bezwaar niet kan worden gedragen door de daaraan ten grondslag gelegde motivering.

Volgens het college van Rheden heeft de rechtbank ten onrechte overwogen dat een aan het besluit op bezwaar ten grondslag gelegd rapport van Grontmij Nederland B.V. (hierna: Grontmij) van 16 februari 2007 en een daarbij behorende gemeentelijke notitie, geen objectieve aanknopingspunten bieden voor het standpunt dat het betrokken weggedeelte verkeersonveilig is. Met deze overweging stelt de rechtbank bovendien haar eigen oordeel over de verkeersveiligheid in plaats van dat van het college, waarmee zij blijk geeft van een onvoldoende terughoudende beoordeling van het besluit op bezwaar, aldus het college van Rheden. Daarnaast is de rechtbank ten onrechte voorbijgegaan aan een advies van de korpschef van de Regiopolitie Gelderland-Midden (hierna: de korpschef) van 21 maart 2007.

Verder heeft de rechtbank volgens het college van Rheden miskend dat het voldoende heeft gemotiveerd waarom een rapport van Royal Haskoning van 7 mei 2007, waarin wordt geadviseerd de Harderwijkerweg voor doorgaand vrachtverkeer geopend te houden, niet is overgenomen. Het college van Rheden voert aan dat het rapport van Royal Haskoning geen aanknopingspunten bevat voor het oordeel dat de eerdere adviezen van Grontmij en de korpschef onzorgvuldig tot stand gekomen of inhoudelijk onjuist zijn. Derhalve bestond geen aanleiding van deze eerdere adviezen af te wijken, aldus het college van Rheden.

2.3.1. In het rapport van Grontmij en de gemeentelijke notitie is uiteengezet dat langs de Harderwijkerweg smalle trottoirs liggen en dat de weg een smal wegprofiel heeft en niet is ingericht op vrachtverkeer. Voorts komt hieruit naar voren dat fietsers van de weg gebruikmaken hoewel deze geen fietsvoorzieningen heeft en dat per etmaal 426 vrachtwagens over het betrokken weggedeelte rijden.

De korpschef voegt hier in zijn advies aan toe dat zich in de bebouwde kom van Laag-Soeren regelmatig verkeersgevaarlijke situaties voordoen.

Gelet op de feitelijke informatie in het rapport van Grontmij en de gemeentelijke notitie, bezien in samenhang met de conclusie in het advies van de korpschef, heeft het college van Rheden zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat bedoelde rapportages objectieve aanknopingspunten bieden voor het oordeel dat het betrokken weggedeelte verkeersonveilig is. De rechtbank heeft dit niet onderkend. Het hiertegen gerichte betoog van het college van Rheden is terecht voorgedragen. Het leidt echter niet tot het daarmee beoogde resultaat. Hiertoe wordt als volgt overwogen.

2.3.2. Niet in geschil is dat de verkeersveiligheid op de Harderwijkerweg in de gemeente Rheden al ongeveer 25 jaar onderwerp van zorg is. Na het vastlopen van de besluitvorming over de aanleg van een provinciale rondweg, die een structurele oplossing voor de problemen op de Harderwijkerweg zou moeten bieden, heeft het college van Rheden het in bezwaar gehandhaafde verkeersbesluit genomen.

Het college van Brummen heeft zich tegen het verkeersbesluit verzet omdat, samengevat weergegeven, dit besluit zal leiden tot een ongewenste toename van het vrachtverkeer op een route door het in de gemeente Brummen gelegen Eerbeek.

2.3.3. Nadat het besluit van 20 maart 2007 was genomen, hebben het college van Rheden en het college van Brummen op 19 april 2007 overleg gevoerd met de Commissaris van de Koningin van de provincie Gelderland. Tijdens dit overleg is gezamenlijk besloten Royal Haskoning over de gevolgen van het verkeersbesluit te laten adviseren. Zoals het college van Rheden ter zitting heeft bevestigd, heeft het destijds de intentie uitgesproken om de bevindingen van Royal Haskoning te zullen respecteren.

2.3.4. Uit het rapport van Royal Haskoning komt naar voren dat zich in de onderzochte periode op de Harderwijkerweg te Laag-Soeren geen enkel ongeval met vrachtverkeer heeft voorgedaan. Voorts is het percentage vrachtverkeer op de Harderwijkerweg voor bewoners van Laag-Soeren volgens het rapport "vervelend maar niet hinderlijk". Voor aanwonenden, fietsers en voetgangers leidt het percentage vrachtverkeer volgens het rapport wel tot een subjectief gevoel van onveiligheid.

Ten aanzien van de route door Eerbeek volgt uit het rapport dat hier in de onderzoeksperiode elf ongevallen met vrachtverkeer zijn geregistreerd. De door het college van Rheden beoogde geslotenverklaring van de Harderwijkerweg voor doorgaand vrachtverkeer, zou op de Brummenseweg in Eerbeek leiden tot een toename van het aantal vrachtwagens van 585 naar 845 en op de Loubergweg in Eerbeek tot een toename van 500 naar 800. Het toevoegen van vrachtverkeer op de route door Eerbeek, die volgens het rapport niet voldoet aan de richtlijnen voor de inrichting van wegen, zou leiden tot een vermindering van de verkeersveiligheid met een reële kans op extra ongevallen met vrachtwagens.

De conclusie van het rapport luidt dat het in bezwaar gehandhaafde verkeersbesluit leidt tot het toevoegen van vrachtverkeer op de wegen door Eerbeek, terwijl dit van de onderzochte wegvakken de minst veilige route is. Geadviseerd wordt de Harderwijkerweg door Laag-Soeren geopend te houden voor doorgaand vrachtverkeer, waarbij het gevoel van onveiligheid kan worden verminderd door het treffen van enkele kleinschalige infrastructurele maatregelen.

2.3.5. In een notitie van 30 mei 2007 heeft Grontmij, daarom verzocht door het college van Rheden, op het rapport van Royal Haskoning gereageerd. Volgens Grontmij wordt in dat rapport onder meer de verkeersveiligheid onvoldoende en te eenzijdig belicht. Ten onrechte ontbreekt een analyse van de genoemde verkeersongevallen en wordt de subjectieve verkeersonveiligheid, waaronder bijna-ongevallen, grote verschillen in massa en snelheid en gemeten rijsnelheden, buiten beschouwing gelaten, aldus Grontmij. Verder is Royal Haskoning in het rapport volgens Grontmij teveel ingegaan op inschattingen en vermoedens en is het rapport onvoldoende op verantwoord onderzoek gebaseerd. Grontmij concludeert dat Royal Haskoning soms refereert aan gegevens die onjuist of niet relevant zijn, terwijl anderzijds relevante gegevens ten onrechte buiten beschouwing zijn gelaten. Volgens Grontmij is het onverantwoord om een advies over het afsluiten van de Harderwijkerweg voor doorgaand vrachtverkeer slechts op de verkeersveiligheid in Eerbeek te baseren.

2.3.6. Niet in geschil is dat de besprekingen die het college van Rheden en het college van Brummen ten overstaan van de Commissaris van de Koningin van de provincie Gelderland hebben gevoerd, moeten worden aangemerkt als het in artikel 25, eerste lid, van het Babw voorgeschreven overleg. Mede gelet op de door het college van Rheden uitgesproken intentie dat het de uitkomsten van het onderzoek van Royal Haskoning zou respecteren, moet het er voor worden gehouden dat niet de aan het verkeersbesluit voorafgegane advisering door Grontmij en de korpschef, maar het naar aanleiding van dit overleg opgestelde rapport van Royal Haskoning in de verdere besluitvorming leidend zou zijn. Anders dan het college van Rheden kennelijk meent, is dit rapport derhalve niet aan te merken als een tegenadvies, maar als een advies dat bij het nemen van het besluit op bezwaar als uitgangspunt diende te worden genomen, tenzij de inhoud hiervan op afdoende wijze kon worden weerlegd.

2.3.7. Met de rechtbank wordt overwogen dat het college van Rheden onvoldoende inzichtelijk heeft gemaakt waarom in het besluit op bezwaar aan de bevindingen van Royal Haskoning is voorbijgegaan. De rechtbank heeft het tegenadvies van Grontmij van 30 mei 2007 hiervoor terecht onvoldoende geacht. Dit tegenadvies weerlegt immers niet de vaststelling van Royal Haskoning dat zich in de onderzoeksperiode op de route door Eerbeek elf ongevallen met vrachtverkeer hebben voorgedaan, terwijl in de desbetreffende periode op de Harderwijkerweg in Laag-Soeren geen enkel ongeval met vrachtverkeer heeft plaatsgehad. Het college van Rheden heeft zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat bij beoordeling van de verkeersveiligheid meer aspecten een rol kunnen spelen dan het tot nog toe uitgebleven zijn van ongevallen. Nu evenwel het bevorderen van de verkeersveiligheid uiteindelijk gericht is op het voorkomen van ongelukken, komt groot gewicht toe aan het gegeven dat zich op de route door Eerbeek in de onderzochte periode elf ongevallen hebben voorgedaan. Het college van Rheden heeft in dit licht bezien onvoldoende gemotiveerd waarom het in dit geval aan dit gegeven minder gewicht heeft toegekend dan aan de verkeersonveiligheid in Laag-Soeren nu die nog niet tot ongevallen heeft geleid. Dit klemt te meer nu in het tegenadvies evenmin gemotiveerd wordt betwist dat de verkeersveiligheid in Laag-Soeren relatief gunstig is en dat het verkeersbesluit leidt tot een toename van het vrachtverkeer op de verkeersonveiliger route door Eerbeek.

Bezien tegen deze achtergrond heeft de rechtbank terecht overwogen dat het in beroep bestreden besluit niet kan worden gedragen door de daaraan ten grondslag gelegde motivering, hetgeen in strijd is met artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb).

2.4. Het college van Rheden heeft voorts betoogd dat de rechtbank de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand had moeten laten.

2.4.1. Indien een besluit wordt vernietigd, dient de rechtbank de mogelijkheden van finale beslechting van het geschil te onderzoeken, waarbij onder meer moet worden bezien of er aanleiding is om met toepassing van artikel 8:72, derde lid, van de Awb de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (uitspraak van 26 maart 2008 in zaak nr. 200705490/1), is voor het in stand laten van de rechtsgevolgen niet vereist dat nog slechts één beslissing mogelijk is. In een geval als het onderhavige, waarin een besluit wegens het ontbreken van een kenbare belangenafweging is vernietigd, kan er, mede gelet op de beleidsvrijheid waarover het bestuursorgaan beschikt, uit een oogpunt van proceseconomie aanleiding zijn om de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten indien het bestuursorgaan vasthoudt aan zijn besluit, de vereiste belangenafweging alsnog heeft gemaakt en de andere partij zich daarover in voldoende mate heeft kunnen uitlaten. Beslissend daarbij is of de inhoud van het vernietigde besluit na de alsnog kenbaar gemaakte belangenafweging de rechterlijke toets kan doorstaan. De rechtbank heeft geen grond hoeven zien voor het oordeel dat die situatie zich hier voordoet. De in beroep overgelegde nadere rapportage van Grontmij van 2 oktober 2008, heeft de rechtbank daarvoor onvoldoende mogen achten. Die rapportage bevat een analyse van meergenoemde elf ongevallen met vrachtverkeer op de route door Eerbeek. Deze analyse van de feitelijke toedracht van bedoelde ongevallen, doet evenwel niet af aan het gegeven dat zich in onderzoeksperiode op de route door Eerbeek elf ongevallen met vrachtverkeer hebben voorgedaan, terwijl dergelijke ongevallen in die periode op de Harderwijkerweg in Laag-Soeren niet hebben plaatsgevonden. Nu ook met verwijzing naar deze nadere rapportage van Grontmij niet inzichtelijk wordt gemaakt waarom aan dit gegeven minder gewicht zou moeten worden toegekend dan aan de verkeersonveiligheid in Laag-Soeren die nog niet tot ongevallen heeft geleid, heeft de rechtbank geen aanleiding hoeven zien om de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand te laten.

2.5. Het betoog van het college van Rheden dat de rechtbank ten onrechte haar twijfels heeft geuit over de mogelijkheid tot het nemen van een draagkrachtig gemotiveerd nieuw besluit op bezwaar, behoeft geen bespreking, nu dit betoog geen betrekking heeft op een overweging die een bindende aanwijzing inhoudt omtrent het nieuw te nemen besluit op bezwaar.

2.6. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd met verbetering van de gronden waarop deze rust.

2.7. Van proceskosten die voor vergoeding in aanmerking komen, is niet gebleken.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. bevestigt de aangevallen uitspraak;

II. verstaat dat de secretaris van de Raad van State van het college van burgemeester en wethouders van Rheden griffierecht ten bedrage van € 447,00 (zegge: vierhonderdzevenenveertig euro) heft.

Aldus vastgesteld door mr. M. Vlasblom, voorzitter, en mr. P.A. Offers en mr. B.P. Vermeulen, leden, in tegenwoordigheid van mr. A.C. de Winter, ambtenaar van Staat.

w.g. Vlasblom w.g. De Winter
voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 18 november 2009
546.

________________________________________

zaterdag 21 november 2009

Trillingen IJssellijn

Door: Thea Hiemstra

Door ervaren trillingshinder hebben de gemeente Rheden en de provincie Gelderland een officieel trillingsonderzoek door Bureau Milieumetingen van de provincie Gelderland ingesteld.

De meetresultaten worden getoetst aan de richtlijn van de Stichting Bouwresearch deel B “Hinder door trillingen voor personen in gebouwen”, SBR-B voor bestaande situatie. Dit is van de 3 categorieën de categorie met de ruimste norm. Dat wil zeggen, dat aan een bestaand spoor de bewoners dubbel zoveel trillingen moeten aanvaarden, dan bewoners aan een nieuw spoor.

Uit het nog lopende onderzoek blijkt, dat aan de IJssellijn ter hoogte van De Steeg de richtlijn op dit moment in meerdere woningen wordt overschreden.
In de dagperiode van 7.00 tot 23.00 wordt de bovenste streefwaarde 0,8 voor de trillingssterkte met meer dan factor 2 overschreden. In de nachtperiode van 23.00 tot 7.00 is in een slaapkamer de bovenste streefwaarde 0,4 met een factor 3 overschreden.

Volgens de hinderkwalificatie voor weg- en railverkeer is met deze overschrijdingen sprake van de kwalificatie hinder.
De streefwaarde voor de trillingssterkte verdeeld over de gehele beoordelingsperiode wordt op meerdere dagen met factor 2 overschreden. De streefwaarde is hierbij 0,1.

In een overzicht:


Toch wil men het personenvervoer intensiveren en het aantal goederentreinen drastisch verhogen. Men neemt aan dat tot ca. 100 meter vanaf het spoor treinen voelbaar zijn qua trillingen. Hoe dichter aan het spoor, hoe beter voelbaar. Men heeft het over goederentreinen in met name de avond- en nachtperiode. Concreet betekent dit een frequent gestoorde nachtrust en negatieve gezondheidseffecten voor de mensen langs de IJssellijn.

Wat trillingen betreft is de hinder nu al zo groot, dat de leefbaarheid aangetast is. Het ministerie van Verkeer en Waterstaat besteedt in de 189 bladzijden tellende tussenrapportage van het Programma Hoogfrequent Spoor hier geen aandacht aan.

Schade aan gebouwen door trillingen wordt op voorhand al afgewezen door Prorail, hoewel we bijna allemaal scheuren in de woningen hebben.

Werkbezoek Charlie Aptroot

Gisteren bracht Charlie Aptroot, lid van de Tweede Kamer voor de VVD, een werkbezoek aan Velp. Dhr. Aptroot kwam zich informeren over de problemen rond het spoor en het plan van minister Eurlings om in de nabije toekomst zo’n 100 goederentreinen per dag over het spoor door Rheden te jagen.

Het bezoek was een initiatief van de plaatselijke VVD. Negen belangengroepen uit Velp, Rheden, De Steeg, Dieren en Spankeren grepen het bezoek aan om hun zorgen kenbaar te maken. Niet alleen over de huidige situatie maar ook over de regeringsplannen.

Diverse bewoners langs het spoor toonden de scheuren in hun huizen die het gevolg zijn van de trillingen die door passerende treinen wordt veroorzaakt. In het appartementengebouw op de hoek van de Emmastraat en de Brugweg toonden enkele bewoners de scheuren in de muren. Dat terwijl het complex nog geen vijf jaar geleden is gebouwd. Uit hun opmerkingen bleek dat de goederentreinen vaak met zeer hoge snelheid passeren. Met snelheden tussen de 80 en 100 km per uur. Op minder dan 10 meter van het gebouw vandaan. Er werden ook ander woningen bezocht. In een huis op zo’n 100 à 150 meter van de spoorbaan vandaan werden zelfs recent ontstane scheuren geconstateerd waar je ’n vinger tussen kunt steken.
Naast de geluids- en trillingshinder kon Aptroot met eigen ogen de gevolgen van de neerslag van het slijpsel dat van de bovenleiding van het spoor komt constateren.

Na het aanschouwelijke deel werd dhr. Aptroot bijgepraat door de belangenverenigingen. Tijdens een lunchbijeenkomst bij kookenbarbecue.nl (op de Velpse Beemd) presenteerden Geen Noordtak Velp, Dorpsbelang Rheden, de Belangenvereniging Dieren e.o. en het Regionaal Overleg Noordelijke Aftakking hun zorgen over de dreiging van de 100 goederentreinen en de gevolgen die deze absurde plannen voor de gemeente Rheden (en de hele IJssellijn) zullen hebben.
Dhr. Aptroot zal de informatie gebruiken bij de begrotingsbehandeling van het ministerie van Verkeer en Waterstaat die volgende week woensdag (25/11) en donderdag (26/11) zal plaatsvinden.

Er is op dit moment sprake van het aanleggen van een spoorlijn tussen Utrecht en Breda waar meer dan 1,2 miljard euro mee gemoeid is. Zijn boodschap zal zijn: zorg eerst maar eens dat de bestaande spoorlijnen en het spoormaterieel op rode zijn en aan de eisen van deze tijd voldoen op het gebied van trillings- en geluidshinder, veiligheid en oversteekbaarheid. Er zijn tevens enkele eenvoudig uit te voeren maatregelen mogelijk waarmee op korte termijn resultaat kan worden behaald zoals het verminderen van de snelheid van de treinen op gevoelige trajecten (zoals bijv. door Velp) waardoor de trillings- en geluidshinder enigszins afneemt. Voor de langere termijn moet er een goed alternatief voor het goederenvervoer komen. Niet over het bestaande spoor maar over een nieuw aan te leggen Noordtak die dichtbevolkte centra ontziet. Ook alternatieve vervoersvormen zoals over water moeten krachtig worden gestimuleerd.

De VVD had ook de andere Rhedense gemeenteraadsfracties uitgenodigd. De SP werd vertegenwoordigd door raadslid Henk Molenaar en Gemeentebelangen door fractievoorzitter Piet Wubs. Helaas schitterden de andere partijen, PvdA, CDA, Groenlinks en de ChristenUnie, door afwezigheid. Jammer!

vrijdag 20 november 2009

Toespraak Geen Noordtak Velp tgv werkbezoek Aptroot

Tekst van de toespraak van Geen Noordtak Velp uitgesproken voor de genodigden bij het werkbezoek van de heer Aptroot. Tweede Kamerlid Charlie Aptroot komt zich informeren over de spoorproblemen die de plannen voor het toelaten van 100 goederentreinen per dag op de IJssellijn met zich meebrengen.


Geachte dames en heren, geachte heer Aptroot, welkom in Velp.

Mijn naam is Theo Kooijmans, ik ben bestuurslid van Geen Noordtak Velp.
Geen Noordtak Velp dankt de VVD en in het bijzonder de heren Haverkamp en Aptroot voor de aandacht die de partij lokaal en naar nu blijkt ook nationaal aan de spoorproblematiek rond de IJssellijn schenkt.

Ik mag de aftrap doen. Op het scherm ziet u een krantenartikeltje uit 1995. “Bestaand spoor niet geschikt als noordtak”. En een uitspraak van de toenmalige NS-projectleider uit dat artikeltje over de overlast die de goederentreinen zouden veroorzaken. Deze NS-topman is, bijna 15 jaar later, nog steeds actief in het spoorbedrijf. Nu in de top van ProRail, als directeur Noord-Oost Nederland. Er is in die 15 jaar weinig veranderd aan de situatie Zou hij er nog steeds zo over denken? Wij in ieder geval wel. Het is 20 november 2009 en “Bestaand spoor is nog steeds niet geschikt als noordtak”.

De vereniging Geen Noordtak Velp is opgericht in oktober 1998, nu 11 jaar geleden. Aanleiding was het schrappen van de geplande Noord Oostelijke Verbinding die de Betuwelijn zou verbinden met de Twentelijn en het Duitse achterland, Daardoor kwam de IJssellijn automatisch in beeld als alternatief voor die Noordtak.

Onze vereniging wil de aantasting van het natuur- en leefmilieu en het leefklimaat door goederenvervoer over de spoorlijn door Velp voorkomen.

In 1999 zette de regering een streep door de geplande Noord Oostelijke Verbinding. Het project was te duur en volgens de toenmalige minister van Verkeer en Waterstaat, mevrouw Netelenbos, kon het bestaande spoornet de voor het jaar 2015 geprognotiseerde 110 treinen opvangen. Daarvan zou de IJssellijn 21 treinen te verwerken krijgen die tussen 7 uur ’s morgens en 7 uur ’s avonds over het spoor zouden rijden. De overige goederentreinen zouden via Emmerich (55 stuks) en via Weesp-Zwolle worden geleid (34 stuks).

De bestaande problemen met het spoor zijn al groot. Vanmorgen hebt u met eigen ogen kunnen aanschouwen dat er ook nu al, (dus zonder die 21 treinen), ernstige hinder is.

De scheuren in de huizen zeggen meer dan voldoende. Met de bestrijding van geluidsoverlast wil het ook niet vlotten. Het programma voor de geluidsisolatie van woningen volgens de beruchte raillijst verloopt uiterst traag en is nog lang niet voltooid. Veel mensen hebben daarom op eigen kosten hun huizen geïsoleerd. Zij krijgen daarvoor geen enkele vorm van compensatie. Het slijpsel dat van de bovenleidingen in de vorm van een moeilijk te verwijderen substantie huizen, auto’s en bomen neerkomt, is ook een bron van ergernis. Mensen moeten maar zien hoe ze die troep verwijderen. Uiteraard ook op eigen kosten.

Volgens de minister bedroeg de restcapaciteit van de IJssellijn 24 treinen en was het aantal van 21 dus een bijna maximale benutting van die restcapaciteit. Met andere woorden: volgens de minister zelf werd de IJssellijn met die 21 treinen maximaal belast en was er geen ruimte voor verdere groei van het goederenvervoer op die IJssellijn.

Maar ook met alleen die 21 treinen zijn maatregelen nodig. In een brief van 11 april 2000, bijna 10 jaar geleden, somde de minster een aantal van die maatregelen op. Er werd geld uitgetrokken voor aanpassing van de spoorbrug in De Steeg (zwaardere aslasten) en voor het aanleggen van een tunnel in de President Kennedylaan. Die tunnel is nu, 10 jaar later, nog steeds actueel. Het project Hart van Dieren, nu afgewaardeerd tot de Traverse Dieren, is ook een uitvloeisel van deze ontwikkelingen.

Een ruwe schatting leert dat naar aanleiding van die 21 treinen de investeringen in de gemeente Rheden ver boven de 125 miljoen euro bedragen. Reeds gedaan of nog te doen.

Ik heb het dan nog niet gehad over een toename van de trillingen die toenemende schade veroorzaken, niet over de toename van geluidsoverlast, niet over de verminderde bereikbaarheid waardoor Velp nog nadrukkelijker in tweeën wordt gesplitst. Ik heb het ook niet gehad over de waardevermindering van huizen, die alleen al in de gemeente Rheden vele miljoenen bedraagt. Ik heb het ook niet gehad over de milieurisico’s en de veiligheidrisico’s die die 21 treinen opleveren.

En dan heb ik het nog helemaal niet gehad over wat ons boven het hoofd hangt als de plannen van het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer en het Basisnet Spoor worden uitgevoerd.

De plannen spreken van 70 tot 108 goederentreinen per dag. Denkt u zich eens in. Over een spoor waarvan de minister eerder zei dat de capaciteit met 24 goederentreinen uitgeput is.

Welke gevolgen zal dit hebben:
1. Het dorp Velp wordt definitief in twee stukken gehakt. De beide dorpshelften zullen vrijwel onbereikbaar voor elkaar worden. Dat heeft grote economische en sociale gevolgen. De barrière zal ervoor zorgen dat de inwoners van Velp-Zuid zich sterker gaan oriënteren op Presikhaaf en het centrum van Arnhem. De middenstand in het centrum van Velp zal grote klappen krijgen en in een onomkeerbaar proces zal het winkelhart van Velp uiteindelijk als een kaartenhuis ineenzakken.

Hoe zit het met de hulpdiensten als brandweer, politie en ambulances? Krijgen die er weer een aantal aanrijminuten bij? Worden de normen verder opgerekt? Met alle gevolgen voor de veiligheid en gezondheid van mensen van dien? Hoe zit het met de verborgen kosten die op het moment dat ze worden gemaakt niet direct geassocieerd worden met de spoorlijn maar daar wel degelijk een relatie mee hebben.
(Voorbeeldje: Gezondheidscentrum, brandweerkazerne: Op dit moment wordt in Velp-Noord een gezondheidscentrum gebouwd waar binnen een jaar alle Velpse huisartsen en een groot aantal andere zorgverleners worden gehuisvest. Moet de gemeenschap straks extra investeringen doen om ook in Velp-Zuid zo’n gezondheidscentrum te realiseren? )



2. De schade door trillingshinder hebt u kunnen zien. Die zal fors toenemen als straks vele tientallen zware goederentreinen dwars door Velp denderen? Overheid en spoorbedrijven weigeren nu al voor de schade op te draaien. Waarom is er nog steeds geen wet op de trillingshinder waar burgers zich op kunnen beroepen? Hoe kunnen bewoners straks bewijzen dat de schade wordt veroorzaakt door de treinen?

Alleen al in Velp staan zo’n 500 woningen binnen 50 meter van het spoor. Het is onderhand bekend dat trillingen ook op grotere afstand veel schade kunnen veroorzaken soms zelfs grotere schade dan dichtbij de trillingsbron doordat de trillingsgolven met het toenemen van de afstand en afhankelijk van de bodemgesteldheid een grotere amplitude krijgen. In Velp ligt ook een grote scherpe spoorbocht. Trillingen zijn daar extra funest.


3. Ook de geluidsoverlast zal fors toenemen. Wij willen niet om de paar minuten onze conversatie staken of de televisie harder zetten om boven het gedreun uit te komen. De impact van geluid, op het leefklimaat wordt nog steeds onderschat. Vooral als het structureel is. Moeten we ons daar nu op voorbereiden? Worden we dag en nacht, jaar in jaar uit opgezadeld met laagfrequent gedreun? Met alle negatieve gevolgen voor de geestelijke en lichamelijke gezondheid van dien?

4. Hoe zit het met de veiligheid? In 30% - 40% van de gevallen vervoeren de goederentreinen gevaarlijke stoffen. De ramp in Viareggio in juni dit jaar, waar wagons geladen met LPG ontspoorden en in brand vlogen, bewijst dat ongelukken niet denkbeeldig zijn. Ook niet in Nederland en ook niet in Velp.

Professor Ben Ale, hoogleraar veiligheid en rampenbestrijding aan de Technische Universiteit Delft zei toen 'Prorail en de Inspectie Verkeer en Waterstaat kunnen wel zeggen dat de kans [op een ramp in Nederland, tko] uiterst klein is, maar spoorvervoerders in Nederland en Italië moeten voldoen aan dezelfde EU-regelgeving. In Viareggio hielden ze tot gisteren ook geen rekening met een dergelijk scenario'

Het spoorongeluk in Barendrecht in september bewees bijna zijn gelijk. De scheidslijn tussen een ongeluk en een ramp is flinterdun. Het risico wordt steeds groter. Wat gebeurt er in een dichtbevolkt gebied als Velp bij een BLEVE, een plasbrand of een lekkende gifwagon? De veiligheid staat nu al onder zware druk. Er zijn rond de 25 vervoerders die ieder voor zich op hun eigen manier met veiligheid omgaan. Zonder enig toezicht of coördinatie.

Voor iedere scheet is er in Nederland wel een toezichthoudend orgaan behalve voor de veiligheid in het spoorgoederenvervoer. Het is ieder voor zich en God voor ons allen. Dat werd zelfs voor ProRail te gortig. Die dreigde het spoor te sluiten voor vervoerders die het niet zo nauw namen met de veiligheid. Onderzoeken wijzen keer op keer uit dat er veel mankeert aan die veiligheid.

Ter illustratie een bericht van afgelopen dinsdag op teletekst-pagina 126 van de ARD (*), de Duitse televisiezender, waar het resultaat van zo’n veiligheidsonderzoek was te lezen. 18% van de wagons bleken “Sicherheitsmängel”, veiligheidsmankementen, te hebben. Dat betekent dat er 18.000 in Duitsland rondrijden waarmee veiligheidsproblemen zijn. En die wagons rijden ook over Nederlands spoor. En dan hebben we het alleen nog maar over de wagons. Niet over de locomotieven, niet over veiligheidssystemen op het spoor zelf en niet over bekwaamheid van het personeel.

(*) met dank aan mevrouw Henny uit Rheden die me deze informatie toezond.

5. Er treedt een enorme kapitaalvernietiging op. Ik heb het dan over tientallen miljoenen euro’s Met deze vooruitzichten worden huizen vrijwel onverkoopbaar. Huizenbezitters krijgen nog maar een habbekrats voor hun stulp. Wie gaat dat compenseren?
Maar ook de overheid krijgt de rekening. Hoe je ook denkt over bijvoorbeeld de ecologische hoofdstructuur, het is toch zo dat daar langs deze spoorlijn tientallen miljoenen euro’s in worden gestoken. Nadat daarvoor eerst de boeren de stuipen op het lijf is gejaagd zijn nu de dieren die door die ecologische poorten moeten trekken het haasje. Weg belastinggeld!
En hoe zit het met projecten als de Traverse Dieren? Hebben die nog wel enig nut bij zoveel treinen of moeten daarvoor weer nieuwe plannen worden gesmeed? Worden er opnieuw miljoenen euro’s aan belastinggeld over de balk gesmeten?

6. Het reizigersvervoer komt hier ook verder in de knel. De overheid heeft de mond vol over stimulering van het openbaar vervoer maar telkens weer blijkt dat openbaar vervoer verder te verschralen. De Stadsregio Arnhem-Nijmegen kan haar lightrail-plannen wel opdoeken. Geen plaats meer voor.

Zo kan ik nog wel even doorgaan.

Van de week was er een bijeenkomst in Bleiswijk waar bewoners hun hart luchtten over het lawaai dat door de HSL wordt veroorzaakt. Ambtenaren en spoorbazen probeerden hen in slaap te sussen met rapporten waaruit bleek dat het geluid binnen de normen bleef. In zulke papieren exercities trappen de mensen echt niet meer in. Het geloof en vertrouwen in de overheid krijgt knauw op knauw. Wat moeten wij met een uitspraak van een minister die zegt dat er nog maximaal ruimte op de IJssellijn is voor 24 treinen terwijl men er nu rond de 100 goederentreinen overheen wil jagen.

Over een zandpad dat plots gebruikt wordt als snelweg voor zwaar verkeer.

Dat kan deze spoorlijn niet aan. Dat kan het leefklimaat niet aan. Dat kunnen de mensen niet aan.

Bij mij is een opmerking blijven haken die een spreker van RailCargo vorig jaar in Dieren maakte. Hij probeerde de veiligheid van het spoorvervoer te benadrukken door te wijzen op de in zijn ogen veel grotere risico’s van het vervoer over water. Hij zag daarbij wel iets over het hoofd. Ik heb de Neeltje Jacoba van kapitein Rob nog nooit zien opdoemen op de spoorbaan door het centrum van Velp. En dat wil ik graag zo houden.

De plannen hebben een enorme impact op het leefklimaat van tienduizenden mensen. Dat vervoer kàn niet over deze spoorlijn. Zijn er geen alternatieven? Zijn er geen creatieve geesten meer? Blijven de oude plannen onder het stof? Is het leefklimaat en de veiligheid van tienduizenden mensen minder waard dan het grasland in de Randstad waar de HSL onder de koeien wordt doorgeleid?

Moeten wij nu met alle mensen die langs deze spoorlijn wonen, van Elst tot Oldenzaal, naar het Malieveld? En zal ons dat helpen? Wordt de stem uit het oosten in Den Haag wel serieus genomen? Of wonen we te ver van het Binnenhof?

De plannen zijn absurd, onverantwoordelijk en volstrekt onacceptabel.

Maak van deze Noordtak geen Moordtak!

Het is 20 november 2009 en “Bestaand spoor is nog steeds niet geschikt als noordtak”.

Mijnheer Aptroot, help ons! VVD, help ons! Politiek, help ons!

Ik dank u voor uw aandacht.

woensdag 18 november 2009

H1N1

Het vaccin tegen de Mexicaanse griep is onvoldoende getest. Het bevat gevaarlijke giffen als kwik en aluminium, het veroorzaakt het Guillain-Barre syndroom, nanodeeltjes die zenuwcellen aantasten en neurologische aandoeningen veroorzaken. Het vaccin laat bovendien homoseksuele gevoelens ontwaken, ook bij mensen bij wie dit in geen enkele vorm aanwezig was. Trouwens, vaccinatie werkt sowieso niet tegen de Mexicaanse griep. Allemaal wetenschappelijk onderzocht en bewezen.

Nu het zwaardere spul. De Mexicaanse varkensgriep markeert het begin van het farmaceutische tijdperk. De medicijnfabrikanten ontwikkelen gemene virussen, laten die los op de mensheid en verdienen vervolgens miljarden aan de bestrijding van al die enge ziektes.

Bent u er nog? Komt u anders even onder de trap vandaan. Het echte werk komt nu pas. De vaccinaties tegen baarmoederhalskanker en de Mexicaanse griep zijn slechts vingeroefeningen.

Een nieuw era dient zich aan. De Illuminati, de Verlichten, zullen de macht grijpen. Dat rijk wordt op feodale leest geschoeid. Om dat te bereiken wordt binnen 10 weken een supervirus op de mensheid losgelaten waarbij het grootste deel van de mensheid het loodje legt. De wereldbevolking zal worden gedecimeerd tot 500 miljoen mensen. Deze mazzelaars mogen de nieuwe heersers dienen.

Geen ontkomen aan. Het is allemaal besloten op de Bilderbergconferentie, geheime besprekingen van wereldleiders die jaarlijks plaatsvinden. Prins Bernhard stond aan de wieg van dat genootschap en onze eigen koningin Beatrix is lid van die club. Zij neemt enthousiast aan deze duivelse samenzwering deel. Sterker nog, zij is een van de stuwende krachten achter dit plan en ze bezet een hoge plaats in de nieuwe wereldorde.

Gelukkig zijn er mensen die dit allemaal door hebben. Er zijn al aanklachten ingediend tegen de Verenigde Naties, de Wereld Gezondheids Organisatie, nationale regeringen en medicijnfabrikanten. Dat zal die brioterroristen leren.

Mocht u denken “Wat zit die Kooijmans toch te ouweh…. Die vent is compleet geschift” dan moet ik u teleurstellen. Ik heb ook niet liggen dromen in mijn hennepkwekerijtje. Het is allemaal van het wereldwijde web geplukt. En er is nog veel meer. Van concentratiekampen die worden ingericht om de nieuwe slaven af te richten en vaccinweigeraars te laten creperen tot honderdduizenden plastic doodskisten die in bestelling zijn om de slachtoffers af te voeren. Van militaire operaties op wereldschaal tot aliens die ons aanvallen. Maar goed dat andere aliens ons juist weer komen redden.

Jaja, er zwerven wat weirdo’s rond. De krochten van internet zitten vol groene mannetjes en vrouwtjes die ons willen behoeden voor de Apocalyps. Voor deze gelegenheid hebben ze Mexicaanse sombrero’s opgezet. Jammer genoeg leidt al die onzin tot twijfels bij grote groepen mensen. Zij nemen het zekere voor het onzekere en laten zich niet inenten. De overheid stelt hier tot nu toe te weinig tegenover. Die moet de campagne voor vaccinatie en de communicatie daarover veel steviger aanzetten. Met goede voorlichting op grote schaal. Dan help ik wel een handje door de draak te steken met al die mafkezen.

Beste lezer, u en ik laten ons hierdoor niet gek maken. Afgelopen weken hebben al duizenden mensen de eerste prik gehaald. Over ’n paar weken volgt de tweede. Na de winter spreken we elkaar nader. Dan zullen we zien welke schade de pandemie echt heeft aangericht.

Ik wens u sterkte. Voor ik ’t vergeet. Ik val buiten de risicogroep en krijg dus geen prik.

Ik groet u, met ’n knipoog.
Theodorus,
Illuminatus Vellepi

dinsdag 17 november 2009

Druk..

Helaas geen tijd voor een uitgebreid bericht. Ik hoorde gisteren op de radio zowaar een goed bericht. Het pensioenfonds ABP ziet af van een verhoging van de pensioenpremies. Hierdoor valt er volgens mij op de begroting van Rheden nog meer geld vrij. Een reservering voor tijdelijke ophoging van de premies kan vervallen. Gaat de bezuinigings-buikriem weer een gaatje losser!

maandag 16 november 2009

Blokkade Nimmer Dor opgeheven

Door: Bob Bouhuijs

Er kan volgend jaar op Nimmer Dor gebouwd worden. Een brief met deze strekking is afgelopen vrijdag door het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) verzonden naar de directie van Phanos. Deze projectontwikkelaar, die het merendeel van de woningen op dit terrein in Laag Soeren wil gaan bouwen, kreeg te horen dat bijna de helft van het plangebied kan worden bebouwd. Een ontheffing in het kader van de Flora- en faunawet blijkt niet meer nodig.

Lange tijd blokkeerde LNV de bouw van het project doordat voor de aanwezige steenuilenpopulatie een vervangend habitat moest worden gevonden, alvorens de bouwactiviteiten van start konden gaan. Wanneer het alternatieve leefgebied eenmaal gerealiseerd was, zou dit de weg effenen voor het verkrijgen van een ontheffing in het kader van de Flora- en faunawet; een voorwaarde om te kunnen bouwen.

Aangezien de steenuil hoge eisen stelt aan zijn biotoop, was het vinden van een alternatief leefgebied geen sinecure. Het eerste compensatieplan kon niet de goedkeuring genieten van het ministerie en ook een tweede plan, dat nog slechts in concept bestaat, zou volgens goed ingelichte bronnen de toets der kritiek niet kunnen doorstaan. Even leek het er daarom op dat het plan nooit het licht zou zien.

Van het ene op het andere moment is het ministerie echter van mening veranderd. Alle activiteiten voor het verkrijgen van een ontheffing lijken grotendeels voor niets te zijn geweest. Een ontheffing blijkt namelijk helemaal niet meer nodig. Letterlijk zegt de genoemde brief van LNV: ‘Ik kan u de gevraagde ontheffing niet verlenen, omdat er geen sprake is van overtreding van de verbodsbepalingen van de Flora- en faunawet. Dit houdt in dat het toegestaan is de voorgenomen werkzaamheden zonder ontheffing uit te voeren.’ Zonder enige voorkennis is deze koerswijziging onmogelijk te begrijpen. Wanneer we echter meer in detail kijken naar de strategie van de gemeente, springen de overeenkomsten tussen de betreffende uitspraak van LNV en de beleidsdoeleinden van de gemeente in het oog.

Het is geen geheim dat de gemeente zich de laatste tijd heeft ingespannen om, vanwege de moeizame totstandkoming van een adequaat compensatieplan, te zoeken naar mogelijkheden om zonder alternatief habitat het bouwplan, eventueel gefaseerd, te kunnen verwezenlijken. Deze intentie is openlijk door zowel voormalig projectleider Tim Strikers als de verantwoordelijke wethouder Luuk Kuiper verwoord. Lange tijd heeft LNV zijn rug recht gehouden en de laatste maanden hield de gemeente in ieder geval de schijn hoog dat rekening gehouden werd met het afblazen van het plan.

Dit scenario was LNV, met de hete adem van de gemeente en de projectontwikkelaar in zijn nek, klaarblijkelijk wat te veel. Welke overwegingen hierbij precies een rol hebben gespeeld, zijn voor mij niet te beoordelen. Ik laat speculatie hierover achterwege. Feit blijft dat de consistentie van het beleid van het ministerie ver te zoeken is. Bovendien is saillant dat het resultaat van de juridische toetsing door LNV naadloos aansluit bij de gemeentelijke politieke doelstellingen van de laatste maanden. Door de belemmering van de bouw van een deel van het plan weg te nemen, is aan het gemeentelijke voornemen om het project gefaseerd te verwezenlijken immers volkomen tegemoetgekomen. Dat de uitkomst van de juridische toetsing van een ministerie, de beleidsdoelstellingen van een gemeente en de private belangen van een projectontwikkelaar volstrekt samenvallen, geeft te denken. Gezien het voorafgaande, kan een neutrale juridische toetsing nauwelijks hebben plaatsgevonden.

Voor de steenuilenpopulatie valt het ergste te vrezen. Er worden in de betreffende brief enkele marginale maatregelen in het vooruitzicht gesteld. Op geen enkele wijze kunnen deze echter het verloren habitat compenseren. Van de partijen in de Rhedense gemeenteraad is, mede vanwege het bovenstaande, een kritische en doortastende houding nu op zijn plaats. Met name van een partij als GroenLinks verwacht ik een aantal kritische vragen aan het college. Het vinden van een geschikt alternatief biotoop voor de steenuilen was voor deze partij immers een voorwaarde om gedoogsteun aan Nimmer Dor te verlenen.

Het is overigens nog steeds twijfelachtig of Nimmer Dor, zeker als compleet plan, er werkelijk komt. De Stichting NimmerdorNee overweegt juridische stappen en heeft daarvoor goede argumenten. De maatregelen die volgens de genoemde brief genomen moeten worden voor het handhaven van de steenuilenpopulatie zijn dusdanig beperkt, dat van een reële bescherming feitelijk geen sprake is. Daarnaast is het maar de vraag of de steenuileninventarisatie waarop LNV zich beroept volledig en actueel is. Ook zal de genoemde beleidsomslag door het ministerie moeten worden gemotiveerd.

Ten slotte werpen deze actuele ontwikkelingen een nieuw licht op mijn eerdere bijdrage over het voorstel van VVD-Kamerlid Charlie Aptroot om de procedures bij bouwplannen te vereenvoudigen. Zonder dit project te willen generaliseren, tonen de actuele ontwikkelingen inzake Nimmer Dor in ieder geval des te meer hoe broos de toepassing van de natuurwetgeving in Nederland kan zijn.

Klik op 'n afbeelding om te vergroten.




zondag 15 november 2009

VVD heeft geen oog voor natuur

Door: Bob Bouhuijs

Natuur en landschap mogen bouw- en infrastructurele projecten niet in de weg staan. Met dit pleidooi haalde VVD-Kamerlid Charlie Aptroot afgelopen week het nieuws. Aptroot pleit voor het inkorten van procedures zodat de bouw van woningen, bedrijventerreinen en wegen vereenvoudigd wordt.

Aptroots pleidooi is in feite een herhaling van de opvatting die Elco Brinkman, de voorzitter van brancheorganisatie Bouwend Nederland, anderhalve maand terug ventileerde. Evenals Aptroot, beklemtoonde hij het belang van het voortzetten van de crisiswet die het realiseren van dit soort plannen faciliteert.

Uiteraard is het logisch dat Brinkman dit type meningen verkondigt. Het is immers heel vervelend voor zijn achterban dat natuur en landschap worden beschermd middels wet- en regelgeving. Vertragingen met betrekking tot het realiseren van bouwprojecten kosten projectontwikkelaars en aannemers handen vol geld; voor hem een aanleiding om bij politiek en media aan de bel te trekken.

In deze context is het ook niet verwonderlijk dat juist een partij als de VVD zich hard maakt voor de belangen van de grote bouwondernemingen. Deze partij heeft doorgaans een gewillig oor voor klachten van het bedrijfsleven. Wel maakt de VVD, bij monde van Aptroot, in dit geval een karikatuur van de toepassing van de wet- en regelgeving. Het idee dat de natuurwetgeving iedere vorm van bouwactiviteit in Nederland belemmert, komt niet overeen met de werkelijkheid. Evenmin liggen de uitspraken van de Raad van State altijd in het verlengde van het waarborgen van natuur en landschap.

Het wordt misschien een beetje een cliché, maar het bouwplan Nimmer Dor te Laag Soeren biedt een nadrukkelijk aanknopingspunt ter weerlegging van Aptroots standpunt. Op het eerste gezicht lijkt de vertraging van dit plan zijn zienswijze te bevestigen. De aanwezigheid van een steenuilenpopulatie heeft de verwezenlijking van dit plan immers al geruime tijd uitgesteld. Hier dient echter aan toegevoegd te worden dat de Raad van State vorig jaar instemde met de vergunningverlening voor dit project. Dat het plangebied zich in de directe nabijheid van een Natura 2000-gebied bevindt en op een steenworp afstand van het Nationale Park Veluwezoom, mocht niet baten. Ook het feit dat de Natura 2000-gebieden een externe werking bezitten, waardoor de natuur rondom deze gebieden ook beschermd moet worden, bracht de Raad niet tot een ander oordeel.

Juist het gegeven dat een steenuilenpopulatie nodig is om een bouwproject te vertragen en de andere wet- en regelgeving in de praktijk onvoldoende bescherming biedt, zou te denken moeten geven. Een plangebied kan blijkbaar grenzen aan de Ecologische Hoofd Structuur èn een Natura 2000-gebied, liggen in een Nationaal Landschap èn een groene wig èn slechts enkele honderden meters verwijderd zijn van een Nationaal Park, en dan nog maakt de beleidspraktijk het in Nederland mogelijk dat overheden en Raad van State, op zijn minst ten dele, het groene licht geven voor een grootschalig bouwproject. Het aantal voorbeelden waaruit een soortgelijke handelwijze blijkt, is overigens uit te breiden.

De beleidspraktijk omtrent Nimmer Dor laat juist zien dat een striktere naleving van de natuurwetgeving meer voor de hand ligt dan de liberalisering waar de VVD naar streeft. Het kleine beetje natuur dat Nederland nog heeft verdient het beschermd te worden.