Bijgaand integraal de antwoorden op schriftelijke vragen (artikel 44 RvO) van fractie Volkspartij
Politiek
Rheden over
dienstverlening van
de gemeente Rheden aan de
gemeente RozendaalDatum vraag: 30-06-2026 Indiener:
Theo Kooijmans (VPR) Datum
antwoord: 28 juli 2026
Aanleiding:
Recent is gebleken
dat de
gemeente Rozendaal gedurende
een langere periode mogelijk
niet kostendekkend heeft bijgedragen aan
de dienstverlening
die door
de gemeente Rheden wordt
geleverd. Hierdoor zijn vragen ontstaan over
de totstandkoming, uitvoering,
monitoring en
evaluatie van de dienstverlenings-overeenkomst en de financiële
gevolgen daarvan voor de
gemeente Rheden.
Indien gedurende
meerdere jaren sprake
is geweest van een structureel te lage vergoeding voor de
geleverde diensten,
kan dit
betekenen dat
de gemeente Rheden kosten heeft gedragen die
feitelijk voor rekening van
de gemeente Rozendaal hadden
moeten
komen.
Daarmee rijst de vraag of sprake is
geweest van een indirecte subsidiëring van
de gemeente Rozendaal door
de
inwoners van
Rheden.
Dit raakt aan de
uitgangspunten van een
transparant en doelmatig
financieel
beheer en aan de
verantwoordelijkheid van het
college om zorgvuldig
om te gaan met publieke
middelen
Context antwoorden
In 2022
heeft de gemeente Rozendaal een verzoek bij de
gemeente Rheden neergelegd
tot uitbreiding van de
werkzaamheden van Rheden voor
de gemeente Rozendaal in
het Sociaal
Domein.
Het verzoek betreft taken op het gebied van
daarbij om beleidsvorming, bestuurlijke
advisering en vertegenwoordiging
in de
regio. Hiertoe
is een
addendum op
het bestaande
DVO opgesteld dat
1 maart 2024 is ingegaan. Besluitvorming hierover binnen het B&W heeft
plaatsgevonden op 27 februari 2024 en
deze besluitvorming is
ter kennisgeving
aangeboden aan
de
gemeenteraad.
De afspraken
DVO vanaf
2015-heden maatwerkvoorzieningen sociaal domein
Al vanaf 2015 voeren wij
een dienstverleningsovereenkomst (DVO Rheden-Rozendaal) uit
voor de uitvoering van de maatwerkvoorzieningen
sociaal
domein.
De uitvoering is kostendekkend: de
geleverde maatwerkvoorzieningen worden 1 op
1 doorberekend
en de apparaatskosten worden gefactureerd naar
rato van
inwonersaantal.
Addendum DVO
vanaf 2024-heden (beleidstaken sociaal domein)
Vanaf 1 maart 2024 is
er een addendum op de bestaande
DVO vastgesteld
met uitbreiding taken
van Rheden voor Rozendaal
met de beleidsadvisering
en beleidsformulering in het sociaal
domein
en de
regionale
vertegenwoordiging in overlegstructuren. Dit houdt
concreet in dat
de beleidsadviseurs de taken
die
zij uitvoeren
voor de gemeente
Rheden, ook verzorgen voor
de
gemeente Rozendaal. Alle college-
en raadsvoorstellen
worden 1 op
1 overgezet naar Rozendaal en in de praktijk neemt
Rozendaal
alle voorstellen
over zodat beleid en uitvoering
in Rheden en
Rozendaal
altijd op elkaar aansluiten.
De apparaatskosten voor
de
taken
die we in het sociaal
domein
uitvoeren zijn
niet meer geworden, die hadden we al
als gemeente Rheden. Er kwam wel een extra taak voor de
beleidsadviseurs bij (beleidsvoorbereiding, -formulering
en -uitvoering en
regionale vertegenwoordiging).
Deze taken zijn de afgelopen 2 jaar
uitgevoerd. Hiervoor
hebben we samen gezocht naar
een evenwichtige verdeling
van de
apparaatskosten, ook relatie tot het daadwerkelijk
zorggebruik van
de
gemeente Rozendaal
en ook naar
rato
inwonersaantal.
Er zijn geen extra beleidsadviseurs voor aangenomen.
Gefaseerde intensivering van de samenwerking
De insteek van
het addendum over inzet beleid sociaal domein is
gebaseerd op de behoefte aan
een intensieve samenwerking met Rozendaal, en indien aan
de
orde
ook met andere buurgemeenten.
We zijn daarbij gelijkwaardige samenwerkingspartners.
Insteek van deze
samenwerking is
ook
om beleid van
Rozendaal
aan te laten sluiten
op beleid
van Rheden. Bij
de samenwerking
is het
essentieel dat er geen onderscheid is in
de ondersteuning van en dienstverlening aan
inwoners van Rozendaal
of Rheden (uniformiteit in
beleid en uitvoering).
Hierbij is
ook afgesproken dat we onderzoeken of deze
vorm van samenwerking
uitgebreid kan worden naar
een breder pakket
(Leefomgeving en
bedrijfsvoering) als ook
inzicht
of de
afspraken uit het addendum passend zijn
of voor
aanpassing qua inzet en kosten in aanmerking komen.
Het
streven was om de afspraken in 2025 te evalueren. Door
de ontwikkelingen rondom
Brummen-Rheden is er voor gekozen om de evaluatie
door te zetten naar 2026.
Vraag en
antwoord
1. Wanneer
heeft
het college
voor het
eerst vastgesteld dat de
door Rozendaal betaalde
vergoeding mogelijk
niet in
verhouding stond tot de daadwerkelijk
geleverde dienstverlening?
Antwoord: Dit hebben we
nog niet geconstateerd. Er wordt nog een evaluatie uitgevoerd om vast
te stellen of de betaalde vergoeding: juist, te hoog
of te laag was. Het genoemde
addendum gaat
uit van realistische
kosten, zijnde
434k per jaar voor apparaatskosten.
1. Over
welke periode is
sprake
geweest van een mogelijk
tekort in de vergoedingvoor de
dienstverlening?
Antwoord: er is geen sprake van
een mogelijk tekort.
2. Wat
is de
totale
financiële impact hiervan voor de gemeente Rheden, uitgesplitst per
jaar voor
zover mogelijk?
Antwoord: er is geen financiële impact
omdat
de apparaatskosten waarop een Rozendaalse
bijdrage
is berekend, niet
hoger of
lager zijn geworden dan wij
als Rheden al hadden.
3. Welke
bestuurlijke en ambtelijke afspraken lagen ten grondslag aan de dienstverleningsovereenkomst?
Antwoord: We gaan ervan uit dat hier gedoeld
wordt
op het addendum met
afspraken vanaf 27 februari 2024. De Dienstverleningsovereenkomst Rheden-Rozendaal 2015 ligt
ten grondslag aan het door het college vastgestelde
addendumvan 27 februari 2024.
4. Op
welke wijze zijn de kosten
van de
dienstverlening in de afgelopen jaren gemonitord, geëvalueerd en
geactualiseerd?
Antwoord: de kosten zijn bepaald op
basis
van de
per jaar
geldende
apparaatskosten, op
basis van
inwonertal en
het daadwerkelijk zorggebruik.
5. Waarom heeft deze
situatie gedurende
meerdere jaren kunnen
voortbestaan
zonder dat correctie heeft plaatsgevonden?
Antwoord: de situatie
geldt vanaf 2024 op basis van
afspraken die zijn opgesteld.
Of er een correctie nodig
is, zal
bepaald
worden na
evaluatie van de afspraken.
6. Is het college
van mening
dat sprake is
geweest van een indirecte subsidiëring of
financiële bevoordeling
van de
gemeente Rozendaal door de
gemeente Rheden? Zo nee, waarom
niet?
Antwoord: Nee, dat zijn we niet. De
DVO 2015 wordt uitgevoerd op
basis van
werkelijke kosten en naar rato van inwonertal.
Het addendum levert geen extra apparaatskosten, deze
kosten
hebben we als gemeente Rheden namelijk ook al. We hebben een
inschatting gemaakt van reëel zorggebruik in
Rozendaal.
7. Welke
acties heeft het
college inmiddels
ondernomen richting de gemeente
Rozendaal?
Antwoord: het college
heeft
aangegeven dat we met de gemeente Rozendaal het addendum in 2026 evalueren
en dat
we op basis hiervan het
addendum
bevestigen of
aanpassen.
8. Welke
afspraken zijn inmiddels
met de gemeente Rozendaal gemaakt over de verdere afhandeling
van deze
kwestie
en welke planning
wordt
daarbij gehanteerd?
Antwoord: We hebben
met de gemeente Rozendaal afgesproken dat we in
2026 een evaluatie uitvoeren.
9. Zijn
er mogelijkheden om financiële compensatie,
verrekening of herstelafspraken te maken en zo ja,
welke?
Antwoord: dit is voor
ons niet
aan de orde. Wij gaan
uit van de
gemaakte afspraken in DVO
en addendum en
die evalueren wij samen. Indien
er andere inzichten
zijn dan in deze
documenten dan
maken
we andere afspraken in
een nieuw
addendum.
10. Welke
maatregelen neemt het college
om te voorkomen dat
vergelijkbare situaties zich
in
de toekomst opnieuw voordoen?
Antwoord: er is geen aanleiding om maatregelen te nemen. Indien uit de
evaluatie naar voren komt
dat er andere afspraken gemaakt
gaan worden dan passen wij
het addendum
in overleg
met Rozendaal aan.
11. Op
welke wijze wordt de raad
de
komende
periode
geïnformeerd
over de
verdere afhandeling
van dit
dossier?
Antwoord: Wij informeren
u graag
over de
uitkomsten
van de
evaluatie die wij verwachten in
Q4 van 2026.
12. Op
welk moment had
de
gemeenteraad, naar de mening van
het college, over
deze situatie geïnformeerd
moeten
worden en waarom is
dat niet
eerder gebeurd?
Antwoord: Het collegebesluit
(dd. 27 februari
2024) over het addendum is
met u gedeeld en wij informeren
u na
de uitkomsten
van de evaluatie.
Naar onze beleving bent u
aldus geinformeerd.
13. Zijn
er in
de afgelopen jaren signalen, rapportages of
interne
notities geweest waaruit bleek
dat de vergoeding voor
de
dienstverlening
niet kostendekkend
was? Zo ja, waarom
hebben deze
niet geleid tot bestuurlijke besluitvorming
of informatie
aan de
raad?
Antwoord: Nee, er zijn geen
signalen of
rapportages geweest. We hebben afgesproken in het addendum dat
er geevalueerd wordt
en dat
wij
op basis
van de evaluatie
eventuele
aanpassingen
doorvoeren.
14. Welke
interne controles en financiële beheersmaatregelen
waren ingericht om periodiek
te toetsen of de dienstverleningsovereenkomst nog kostendekkend was
Antwoord: We hebben de apparaatskosten en de inwonersaantallen getoetst om de
afspraken uit het addendum uit
te voeren.
15. Op
welke wijze heeft deze
situatie gevolgen voor
de
toekomstige samenwerking
tussen
Rheden en Rozendaal?
Antwoord: Dit heeft geen
gevolgen voor de samenwerking
omdat
wij de afspraken uit
het addendum uitvoeren.
We gaan in Q4 van dit jaar
met Rozendaal in gesprek over
de
(toekomstige) samenwerking.
16. Is onderzocht of
vergelijkbare situaties zich ook
voordoen bij andere samenwerkingsverbanden of dienstverleningsovereenkomsten van
de
gemeente Rheden?
Antwoord: Nee, dat is niet onderzocht omdat daar geen
aanleiding toe is.
17. Welke
financiële risico's bestaan
er nog voor de gemeente
Rheden indien geen overeenstemming
met Rozendaal wordt bereikt
over compensatie?
Antwoord: Er zijn voor
de gemeente Rheden
geen financiele
risico’s.
18. Heeft
het college hierover inmiddels juridisch advies ingewonnen en is het bereid
de raad over
de hoofdlijnen daarvan
te informeren?
Antwoord: Nee, dit is niet aan de orde.
19. Is deze situatie in eerdere
jaren
door de
accountant, de interne controle of
de verbijzonderde interne
controle
gesignaleerd? Zo nee,
hoe verklaart het college dat?
Antwoord: Nee, daar is geen
aanleiding toe.
20. Wordt
de accountant gevraagd deze
kwestie expliciet te betrekken bij de controle van
de jaarrekening
2026?
Antwoord: Nee.
21. Welke
concrete verbetermaatregelen worden
genomen
om
ervoor te zorgen datdienstverleningsovereenkomsten periodiek
automatisch
financieel
worden herijkt?
Antwoord: De dienstverleningsovereenkomst wordt periodiek herijkt op
basis van
de
apparaatskosten
en het
inwonersaantal. Verdere verbetermaatregelen zijn
niet nodig
tot het moment
dat een
evaluatie heeft uitgewezen dat
er andere afspraken nodig
zijn.
22. Is het college
bereid
alle dienstverleningsovereenkomsten met externe
partijen te evalueren
op kostendekkendheid
en de raad hierover
te rapporteren?
Antwoord: Nee, dat zijn
wij voor
nu niet
voornemens.