Geef uw mening!
Stuur uw brieven, foto's, afbeeldingen, filmpjes of cartoons naar
theo.kooijmans@gmail.com
Maak het niet te bont. De redactie behoudt zich het recht voor om inzendingen zonder opgaaf van redenen te weigeren.

dinsdag 12 augustus 2008

Gewoon beginnen

In de vakantiemaanden kan ik ’n uur langer slapen en toch nog vroeger dan buiten die periode op m’n werk aankomen. Ook ‘s avonds ben ik eerder thuis.

Eigenlijk zou ik dus prima uitgerust moeten zijn maar helaas, de blog roept. En het valt niet altijd mee om iets te verzinnen. Vooral tijdens de vakanties kost dat meer tijd. Als ik achter het toetsenbord plaatsneem weet ik vaak nog niet waarover ik ga schrijven Dan rommel ik wat aan of neem eens een kijkje in mijn “ideeënlijstje” of daar nog ’n geschikt onderwerp tussen zit. Meestal niet, het is te omvangrijk of ik heb er op dat moment gewoon geen zin in. Ik denk dat ik die ideeënbak maar weggooi.

Precies als vandaag. Eigenlijk heb ik er ook helemaal geen zin in.

Maar vrijwel altijd komt er toch wat uit. Soms was het alleen de bedoeling om ’n kort stukje te schrijven maar als ik dan bezig ben dan rol ik van het een in het ander en soms moet ik me dan weer inhouden. Wil ik nog veel meer vertellen maar dan komt m’n nachtrust nog meer in ’t gedrang. Dus brei ik er dan maar weer ’n punt aan.

Ik ben dan ook blij als iemand anders ’n bijdrage wil leveren. ’n Brief, ’n mening of informatie. Kost me nog wel redactie-tijd hoor. Ik wil iets checken, achtergrondinformatie doornemen, plaatjes bijzoeken, wat meer wit in de tekst voegen om het verhaal opener, leesbaarder te maken, ’n korte begeleidende tekst toevoegen etc. Werk genoeg dus maar ik hoef dan zelf niets te verzinnen.

Bovendien komt dan ook eens iemand anders aan het woord. Met een eigen kijk op de zaak. Iedere mening is ’n andere en ik vind het goed om die mening te horen. Mensen die al langer met een onderwerp bezig zijn, daar direct betrokken bij zijn en die vaak veel meer met de inhoud van ’n specifiek onderwerp op de hoogte zijn dan ik.

Diverse mensen hebben inmiddels een steent(je) bijgedragen. Ben ik ze zeer dankbaar voor. Maar op de weblog is plaats voor nog veel meer bijdragen.

Dus. als u zich geroepen voelt om eens een bijdrage aan de weblog te geven: stuur ’n mail naar theo.kooijmans@telfort.nl
of naar theo.kooijmans@tiscali.nl

Ik wil wel graag dat de bijdrage leesbaar is. Gebruik begrijpelijke taal en ga er niet van uit dat lezers wel begrijpen waar het over gaat of wat u bedoelt. Dat kan bij u voor de hand liggen maar geldt niet altijd voor mensen op afstand. Een (korte) introductie is soms wenselijk. Als u ’n verhaal hebt dat te lang is voor één posting dan kunnen we het als ’n serie afleveringen op de site plaatsen.

Zo zie je maar. Ik had toen ik startte geen idee waar ik ’t over zou hebben. Is toch nog redelijk gelukt. Nu nog ’n plaatje erbij zoeken!.

maandag 11 augustus 2008

Prijzen benzine en diesel ontrafeld

De belasting op diesel en benzine bestaat uit drie componenten:

1. Accijns. Een vast bedrag per 1000 liter. Dit stijgt en daalt dus niet mee met de prijzen van olie op de wereldmarkt maar wordt vastgesteld door het kabinet. Deze accijns is per 1 juli voor diesel met 30 euro per 1000 liter (3 cent per liter) verhoogd.

2. Voorraadheffing. Eveneens een vast bedrag dat onderdeel uitmaakt van de accijns. Deze heffing wordt gebruikt voor het onderhouden van een strategische voorraad olieproducten. Hiervoor verantwoordelijk is de stichting Centraal Orgaan Voorraadvorming Aardolieproducten (COVA). Daarom wordt deze heffing ook wel COVA-heffing genoemd.

3. BTW. Op dit moment , augustus 2008, bedraagt de BTW 19%. Dit wordt geheven over het bedrag inclusief accijnzen. De opbrengsten stijgen en dalen dus wel mee met de brandstofprijzen.

In onderstaand tabelletje ziet u de heffingen voor brandstof op een rijtje (bron: Ministerie van Financiën)



Eind juni / begin juli waren de prijzen voor benzine en diesel op een hoogtepunt. Volgens het Oil Bulletin van de Europese Commissie (peildatum 30 juni 2008) waren de kale brandstofstofprijzen in Nederland, de prijzen zonder accijnzen en belastingen, voor benzine en diesel de hoogste binnen de Europese Unie.

Zie onderstaande tabel.
Op grond van die kale prijzen zouden wij voor benzine 1,716 euro moeten betalen en de dieselprijs zou uitkomen op 1,493 euro per liter.

Maar toen kwam de politiek in het geweer die zich afvroeg waarom de brandstofprijzen in Nederland zo hoog waren terwijl de raffinaderijen in Rotterdam zo dichtbij waren zodat de transportkosten juist laag moesten zijn. Zij vroegen om een onderzoek door de Nederlandse Mededingings Autoritie (NMA). De oliemaatschappijen sputterden wat tegen en tegelijkertijd ging de prijs van ruwe olie ook omlaag. Of het nou komt door de politieke druk, de dalende prijs voor ruwe olie of een combinatie van beide weet ik niet maar die kale brandstofprijs moet behoorlijk gezakt zijn.

De kale prijs voor benzine zakte van 74,8 cent naar 65,9 cent per liter en de diesel zakte van 84,4 cent naar 77,6 cent per liter. Alles teruggerekend vanuit de benzine en dieselprijzen (aan de pomp) per 28 juli (volgens het oliebulletin van de Europese Commissie).

Onderstaand de verkoopprijzen voor benzine en diesel in Europa per 28 juli 2008. Klik op een van de afbeeldingen om te vergroten. (Bron: Oil Bulletin Europese Commissie)


De Gelderlander heeft afgelopen week onderzocht hoe het met de prijzen voor autobrandstof in Arnhem en omgeving zat. De laagste prijs voor bezine kwam op 1,499 euro en de laagste prijs voor diesel op 1,269 euro. Daaruit blijkt dat de oliemaatschappijen nog marge genoeg hebben. En Wouter Bos, minister van Financiën, heeft ook niet te klagen.

Onderstaand ziet u tot op 6 cijfers achter de komma hoeveel ieder aan de benzine en diesel overhoudt. De overheid pakt zo'n 93 cent per liter als u benzine tankt en "maar" een schamele 61 cent per liter diesel.
Mag u raden waar straks de grootste accijnsverhogingen op terecht komen. Allemaal vanwege het millieu natuurlijk.



zondag 10 augustus 2008

De verdwenen brief

Bob Bouhuijs vraagt zich af wat er met een advies over de bevolkingsdaling is gebeurd dat de Raad voor het openbaar bestuur (ROB) en de Raad voor de financiële verhoudingen in maart 2008 uitbrachten. Wat heeft de gemeente Rheden met dat advies gedaan?

Het rapport waar Bob naar verwijst beslaat 100 pagina's. Te lang om hier integraal te publiceren. Daarom publiceer ik hier naast zijn bijdrage wel de aanbiedingsbrief die bij het advies hoort maar niet het rapport zelf.

Aan het einde van deze posting vindt u een verwijzing (link) naar de website waar het volledige advies kan worden bekeken en gedownload.


=============================
Door Bob Bouhuijs

De verdwenen brief

Enkele maanden terug publiceerde de Raad voor het openbaar bestuur in samenwerking met de Raad voor de financiële verhoudingen het adviesrapport Bevolkingsdaling. In dit rapport komt naar voren dat bevolkingsdaling en huishoudenskrimp voor gemeenten tal van beleidsrepercussies hebben, niet in de laatste plaats op het terrein van de woningbouw.

Onomwonden stelt het rapport dat krimpgemeenten zich niet dood dienen te staren op het compenseren van deze krimp door het initiëren van grootschalige woningbouwplannen.

Daarentegen wordt gepleit door een veel voorzichtiger benadering, waarin op lokaal niveau onderzoek dient te worden verricht naar de woningbehoefte. Tevens moet hierbij rekening worden gehouden met een scenario waarin (grootschalige) woningbouw niet noodzakelijk is, maar zelfs schadelijk kan zijn.

Omdat de gemeente Rheden ook een krimpgemeente is - het aantal huishoudens neemt af -, ontving ze naar aanleiding van het onderhavige rapport een brief, waarin verwezen werd naar het betreffende rapport.

Het heeft er op zijn minst de schijn van dat de gemeente de inhoud van deze brief volkomen negeert.

Ten eerste gaat ze verder met de voorbereiding van tal van controversiële bouwprojecten waaronder Nimmer Dor en Riverstone, zonder dat deze plannen gebaseerd zijn op adequate onderzoeken naar de lokale woningbehoefte.

In de tweede plaats ziet het er naar uit dat de betreffende brief in de gemeentelijke organisatie verloren is gegaan.

Telefonisch werd ons dit door de afdeling voorlichting medegedeeld. Een brief waarin wij vroegen geïnformeerd te worden over de inhoud van de onderhavige brief, werd domweg niet beantwoord. We ontvingen slechts een ontvangstbevestiging.

Het ziet er naar uit dat hier sprake is van inadequaat bestuurlijk en ambtelijk handelen. Het is onbestaanbaar dat een brief van een dergelijk belang verloren gaat en niet wordt meegewogen bij het maken van beleidskeuzen of het herbezinnen op bestaand beleid.

Onderstaand de aanbiedingsbrief bij het advies
===================================

Geachte dames en heren,

Volgens de prognoses van het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft in 2025 ruim de helft van de gemeenten minder inwoners dan nu. Ook uw gemeente hoort bij deze groep krimpende gemeenten. Daarom attenderen wij u graag op de uitkomsten van het onderzoek van de Raad voor het openbaar bestuur (Rob) en de Raad voor de financiële verhoudingen (Rfv) naar de bestuurlijke en financiële consequenties van bevolkingsdaling (zie bijlage).

Hoewel het CBS verwacht dat pas vanaf 2035 de Nederlandse bevolking als geheel in aantal zal afnemen, zijn er nú al volop gemeenten die hun inwoneraantal terug zien lopen. Na jaren van groei, is dat een flinke omschakeling. In de 20e eeuw is de Nederlandse bevolking meer dan verdrievoudigd. De belangrijkste opgave voor bestuurders was dan ook het realiseren en kanaliseren van groei: meer inwoners, meer huizen, voorzieningen, etc. Voor bestuurders van krimpende gemeenten komt hier een nieuwe uitdaging voor in de plaats: het anticiperen op en in goede banen leiden van het dalende inwonertal. Groeistrategieën moeten worden omgevormd in krimpstrategieën.

Bevolkingsdaling heeft gevolgen voor vele beleidsterreinen én voor de gemeentelijke financiën. Een duidelijk voorbeeld is onderwijs. Bij dalende leerlingaantallen kunnen op den duur niet alle basisscholen open blijven. Welke sluit je dan? Hoe voorkom je dat de betreffende buurt, wijk of kern door het sluiten van de school verder leegloopt? Dat zijn moeilijke vragen en dergelijke keuzes vragen grote bestuurlijke moed. Kiezen voor een groeistrategie, waarbij bijvoorbeeld door uitbreiding van de woningvoorraad geprobeerd wordt om het aantal inwoners weer te verhogen is verleidelijk. Dit mede omdat groei synoniem staat voor vooruitgang en uitbreiding van de (financiële) mogelijkheden. Sommigen zien krimp zelfs als bestuurlijk falen. Dit is beslist ten onrechte.

Kiezen voor een groeistrategie is – zeker als de omliggende gemeenten ook krimpen – contraproductief. Het leidt tot oneigenlijke concurrentie tussen gemeenten om inwoners en kan leiden tot bouwen voor leegstand. Energie, tijd en middelen die geïnvesteerd worden in het nastreven van groei zijn niet beschikbaar voor het anticiperen en reageren op de daling. Bestuurders doen er goed aan nu rekening te gaan houden met krimp, ook als die zich nog niet direct in de gemeente voordoet. Regionale samenwerking is daarbij van groot belang. De remweg van ingezet beleid is lang. Acceptatie van krimp betekent niet lijdzaam toezien. Er zal moeten worden geïnvesteerd in leefbaarheid.

Bijgevoegd vindt u het advies van de Raad voor het openbaar bestuur (Rob) en de Raad voor de financiële verhoudingen (Rfv) aan staatssecretaris Bijleveld-Schouten van Binnenlandse zaken en koninkrijksrelaties. Het advies gaat in op de bestuurlijke en financiële gevolgen van bevolkingsdaling en doet verschillende aanbevelingen ter aanpassing van de bestaande regelingen. Aan de orde komen onder meer:
- rolverdeling tussen gemeenten, provincies en het Rijk: wie is waarvoor verantwoordelijk?
- gevolgen van bevolkingsdaling voor gemeentelijke inkomsten (gemeentefonds, specifieke uitkeringen, eigen inkomsten) en uitgaven
- gevolgen van bevolkingsdaling voor de woningmarkt en het voorzieningenaanbod

Wij hopen dat ons onderzoek u concrete handvatten biedt. Voor reacties van uw kant staan wij open.


De voorzitter van de
Raad voor het openbaar bestuur,

prof. dr. J.A. van Kemenade

De voorzitter van de
Raad voor de financiële verhoudingen

mr. M.A.P. van Haersma Buma

Klik hier voor het volledige rapport op de website van beide Raden

zaterdag 9 augustus 2008

Brood en spelen

In het artikel "Mondiale kredietcrisis is verre van uitgewoed" in de NRC van vandaag zetten Egbert Kalse en Daan van Lent nog eens helder de oorzaken en de historie van de kredietcrisis op een rijtje.

Donkere wolken pakken zich samen. De economie dondert in elkaar.

Met het brood gaat het (in de nabije toekomst) dus minder goed maar gelukkig hebben we de Olympische Spelen nog. Oogkleppen op en erg aardig doen tegen China. Ze hebben het toch maar weer geflikt. Een kniesoor die zich druk maakt over onderdrukking, het verdrijven en opsluiten van mensen of nog erger. We leven ons liever uit op dictators van kleinere landen in arme streken. Daar hebben we economisch weinig last van en die kunnen we nog wel aan. Straks komen natuurlijk de verhalen. "Het is helemaal niet zo erg in China. Je moet er zelf geweest zijn om te kunnen oordelen. Ik ben er immers geweest."

En ja, als je geld wilt verdienen moet je de Chinezen (welke?) niet voor het hoofd stoten. Toch?
(Klik hier voor de Free Tibet-afbeelding op flickr.com. )

Hoelang is het ook alweer geleden? Weten we het nog? Berlijn 1936 en wat daarop volgde?
Klik op het driehoekje om het YOUTUBE filmpje te starten.

vrijdag 8 augustus 2008

Vrachtwagenverbod geschorst. Laag Soeren terug bij af!

Er komt voorlopig geen vrachtwagenverbod in Laag Soeren. De voorzieningrechter heeft de besluiten van de gemeente Rheden geschorst.

Website Rechtspraak.nl meldde het in zijn actualiteitenoverzicht.

De Soerenaren moeten nu wachten op de uitslag van de bodemprocedure die door Brummen is aangespannen. Dat kan nog wel even duren.

Woensdag berichtte de Gelderlander al dat de rechter kritiek had op de door gemeente Rheden aangedragen informatie en onderbouwing.

Is de gemeente Rheden in de voorbereiding te gemakzuchtig geweest?

Brummen was er als de kippen bij om het nieuws op haar website te melden.

Op de website van Rheden stond gisteravond om 22:00 uur nog niets.

Het volledige verslag van de uitspraak zal meer licht in de duisternis brengen.

Onderstaand het bericht van Rechtspraak.nl
--------------------------------
Voorzieningenrechter schorst besluiten college B en W Rheden

Arnhem, 7 augustus 2008 – De voorzieningenrechter schorst bij wijze van voorlopige voorziening de besluiten van het college van burgemeester en wethouders (college van B&W) Rheden van 20 maart 2007 en 1 juli 2008. Op 20 maart 2007 besloot het college van B&W Rheden dat de Harderwijkerweg te Laag-Soeren ter hoogte van de bebouwde kom gesloten dient te worden voor vrachtverkeer, met uitzondering van bestemmingsverkeer.

Het college van B&W Brummen maakte daar bezwaar tegen. Op 1 juli 2008 verklaarde het college van B&W Rheden dit bezwaar ongegrond en handhaafde het verkeersbesluit van 20 maart 2007.

Beide beslissingen zijn geschorst totdat de rechtbank Arnhem uitspraak heeft gedaan in de bodemprocedure.

Bron: Rechtbank Arnhem
Datum actualiteit: 7 augustus 2008

donderdag 7 augustus 2008

Los spul

Ik had gisteren geen tijd om uitgebreid op het toetsenbord te hameren. Maar er vielen me toch nog wat interessante dingetjes op waar ik kort wat op kan zeggen.

In de Gelderlander stond gisteren ’n verslag van de rechts-strijd tussen Rheden en Brummen over het vrachtwagenverbod in Laag-Soeren. Het schijnt 1-0 voor Brummen te staan. De rechter wees Rheden op gaten in het betoog en ontbrekende informatie. Maar soms kan je je vergissen. Je mag er toch vanuitgaan dat Rheden zich zeer gedegen op zo’n belangrijke kwestie heeft voorbereid.
De rechter was blijkbaar scherp maar dat wil nog niet zeggen dat ie in het nadeel van Rheden besluit. Vandaag wordt de uitspraak verwacht.

Morgen worden de Olympische Spelen officieel geopend maar gisteren is al gestart met het vrouwenvoetbal en vandaag trapt de wedstrijd Nederland-Nigeria (mannen). Het is genant om te zien hoe politici zich in alle bochten wringen om de Spelen in China te rechtvaardigen. Meestgehoord is dat sport en politiek niet door elkaar moeten worden gehaald. Politiek is een vaag containerbegrip. En vooral in dit verband klinkt dat zo “algemeen”. Het gaat in de eerste plaats over een onderdeel van politiek: mensenrechten. Als je zegt dat je sport en mensenrechten van elkaar moet scheiden klinkt het al heel anders.

Zeg gewoon dat je van het spektakel wilt genieten. Dat ben ik ook van plan. Eens kijken wat de Chinezen uit de kast trekken.

En de VVD (lees: Haverkamp) voelde zich genoodzaakt om uit te leggen wat Haverkamp nou precies met “azijnzeikers” bedoelde. Het is me nog steeds niet helemaal duidelijk. Ik zal ‘m er ‘ns naar vragen. Trouwens als je dit leest Ronald dan mag je ook op m’n weblog reageren hoor!

woensdag 6 augustus 2008

The Good, the Bad and the Ugly

Eens een ander onderwerp. Maar wel een waar we allemaal op de een of andere manier mee te maken krijgen. Er komen steeds alarmerender berichten uit Amerika. De Amerikaanse hypotheekcrisis veroorzaakt steeds grotere economische problemen.

De bel voor de 2e ronde heeft geklonken. Nadat eerder de markt voor de zgn. sub-prime hypotheken was ingestort is nu de volgende groep aan de beurt.

Dat zijn de huizenbezitters die met hun hypotheken net in het segment daarboven zitten. Deze mensen hadden bij het afsluiten van de hypotheek geen schulden. Dat was ook het enige dat werd gecontroleerd. Zij hoefden verder geen bewijzen van inkomsten te laten zien. Deze hypotheken worden Alt-A hypotheken genoemd.

Door de inzakkende Amerikaanse economie komen veel van deze mensen in de problemen. Zij kunnen hun hypotheek niet meer bekostigen. En het gaat om grote groepen. In een jaar tijd is het aantal mensen dat zijn betalingsverplichtingen niet meer nakomt verveelvoudigd. Een op de zeven `a acht mensen met een Alt-A hypotheek zit in de problemen.

En ook de “ goede” (prime) hypotheken komen in het vizier van de kredietcrisis. Ook daar stijgt het aantal mensen met hypotheekproblemen.

Banken en verzekeraars hebben inmiddels voor honderden miljarden euro’s stroppen geleden. De nieuwe crisis (of, zo u wilt, de verscherping van de crisis) zal een nog grotere impact hebben. De uitstraling naar de economie is groot. De financiële instellingen eisen steeds meer zekerheden en de rentes stijgen. Investeringskredieten zijn steeds moeilijker te krijgen en de werkloosheid stijgt.

De huizenprijzen in Amerika dalen met procenten tegelijk. Ook in Europa komen er barsten in de huizenmarkt. Spanje, Ierland en Engeland kennen al dalende prijzen.

De dominostenen vallen om. Het is naïef om te denken dat dit volledig aan Nederland voorbijgaat. Wij zijn hier niet onkwetsbaar. De huizenmarkt loopt vast en het vertrouwen in de economie daalt. En als wij niet meer aan het buitenland kunnen verkopen dan krijgen we forse problemen.

Uiteindelijk lost alles zichzelf op. Maar zonder kleerscheuren zullen we er niet vanaf komen.

En dan hebben we het nog niet eens over de energieprijzen gehad.

dinsdag 5 augustus 2008

Hap HAP

D’r wordt wat afgeHAPt.

Voor Willem Pieper en het zieltogende Gemeentebelangen kwamen de opmerkingen van directievoorzitter van Eelco de Boer van Alysis over verplaatsing van de Huisartsenpost van Ziekenhuis Velp naar Rijnstate als een geschenk uit de hemel. Zo kan het imago van Gemeentebelangen dat door de deelname aan Rhedense college en het gedraai in Hart van Dieren behoorlijk averij had opgelopen weer een flinke oppepper krijgen.

Maar gelijk heeft Willem wél. De HAP in Velp moet blijven!

De PvdA haastte zich om ook een duit in het zakje te doen. Zij eist ook verklaringen van Alyssis. Maar dat doet wat potsierlijk aan. Daarmee hopen ze natuurlijk Willem de wind uit de zeilen te nemen maar van mij mag Willem alle credits hebben. Het is “zijn” ziekenhuis waar hij altijd voor heeft gestreden.

Overigens. Het is niet zwart of wit. Volgens mij is er best plaats voor nog ‘n HAP. De “markt”is daar groot genoeg voor. Het gebied dat de HAP nu bestrijkt is veel te groot. Ik heb geen probleem met een extra HAP in Rijnstate. Een HAP die voor inwoners aan de west- en noordzijde van Arnhem, Oosterbeek en Doorwerth beter bereikbaar is. Als de HAP in Velp maar blijft.

Huisartsen zijn ook mensen en ik begrijp best dat ook zij korter willen werken. Maar waar ligt de grens. Nu nemen er zo’n 60 artsen deel in de HAP. Moeten dat er soms nog meer worden. Gaan ook huisartsen uit nog verder weggelegen plaatsen deelnemen zodat het gebied dat zo’n HAP bestrijkt nog groter wordt?

Hoe zit het met de maatschappelijke plicht van de huisartsen? Gaat het hen alleen nog om vrije tijd? Ik mag toch hopen van niet!

Trouwens. Een van de effecten van een verplaatsing van de HAP naar Rijnstate is dat de huisartsen het nog drukker krijgen. Immers de afdeling Spoedeisende Hulp helpt nu vaak mensen die eigenlijk eerst langs een huisarts moeten. Die komen er dan dus nog bij. Dat betekent dat er ook meer huisartsen in die Rijnstate-HAP moeten werken dan nu in de Velp-HAP. Dan zouden de huisartsen zowiezo minder vrije tijd krijgen.

De HAP in Velp moet blijven. Ziekenhuis Velp is al genoeg uitgekleed en voor de inwoners aan de oostzijde van Arnhem, Velp en de rest van de gemeente Rheden zou verplaatsing van de HAP naar Rijnstate een forse aderlating betekenen.

Uit de uitlatingen van Floris Terhaar Sive Droste van de HAP in Velp blijkt overigens dat een HAP niet persé in Rijnstate of Ziekenhuis Velp hoeft te worden gehuisvest. Dat kan ook elders. De HAP is een onafhankelijke organisatie en bepaalt zelf waar zij zich vestigt. Vertrek van het HAP uit het ziekenhuis Velp betekent wel een verzwakking van het economische fundament onder Ziekenhuis Velp. En dat soort argumenten willen we Alysis nou juist niet geven. Dus blijf maar lekker in Ziekenhuis Velp.

Holle bolle Rijnstate gaat maar op dieet.

maandag 4 augustus 2008

Traverse Dieren - Ramingen op achterkant sigarendoosje?

Note: typefouten hersteld (4/8, 21:03)).
Het alternatief 3 voor de Traverse Dieren dat de gemeente en provincie bij het rijk hebben gedropt kost tussen de 81,2 miljoen (variant 3a) en 89,5 miljoen euro’s (variant 3b).

Tot nu toe ben ik in het openbaar nog geen opmerkingen over die bedragen tegengekomen. Of ik moet die over het hoofd hebben gezien.

En onder wiens verantwoordelijkheid zijn deze cijfers bepaald? Was dat de verantwoordelijkheid van de gemeente, de provincie of hebben zij die in gezamenlijkheid berekend ?

Ligt er gedegen onderzoek aan deze bedragen ten grondslag of zijn deze cijfers op de achterkant van een sigarendoosje tot stand gekomen? Zijn de eurootjes weer met veel optimimisme en weinig realiteitszin bij elkaar opgeteld? Net als in 2004/2005?

De politiek heeft in Hart van Dieren vreemde bokkesprongen gemaakt. Slechts één van de betrokken bestuurders heeft daarvoor het boetekleed aangetrokken maar de overige betrokken bestuurders zitten nog steeds in het zadel. Dat geeft weinig vertrouwen voor de toekomst.

En de wijze waarop de Tafel van 10 naar “unanimiteit” is gemanipuleerd geeft ook te denken. Ik heb het niet uit de verslagen van de Tafel van 10 kunnen opmaken. En enkele deelnemers aan die Tafel hebben mij bovendien nadrukkelijk en persoonlijk gezegd dat er van unanimiteit geen sprake was. Dat “unanieme” werd alleen door de politiek vastgesteld. Met in haar kielzog een deel van de pers.

Ik waarschuw er hier alvast maar weer voor. Als de berekeningen die nu gemaakt zijn al niet deugen dan gaat het opnieuw mis. In 2005 waarschuwde ik voor kostenoverschrijdingen en dat doe ik nu alvast weer. En dat kan niet vroeg genoeg aan het licht komen.

Dat kan ik ook nog wel even onderbouwen hoor. In het kostenplaatje dat bij de alternatieven voor de Traverse Dieren was gevoegd staan ook de kosten voor de varianten zónder en mét de oostelijke aansluiting bij het kanaal. Die oostelijke aanlsuitingen zijn identiek. Maar in variant 1 kost dat 9,9 miljoen euro extra, in variant 8,0 miljoen euro en in variant 3 bedragen de kosten voor de oostelijke aansluiting 8,3 miljoen euro.

In mijn ogen een aanwijzing voor rammelende ramingen.


Provincie en gemeente zijn in iedere geval samen verantwoordelijk voor de gepresenteerde bedragen want zij hebben eensgezind alternatief 3 bij de minister neergelegd. Althans, dat van die eensgezindheid mag ik toch aannemen. Of is dat toch niet zo vanzelfsprekend?

Ik zie in ieder geval nog geen tekenen van enthousiasme bij de provincie.

In 2002 leek de provinciale gedeputeerde de Bondt, in de aanloop naar Hart van Dieren, aanzienlijk enthousiaster over de plannen dan zijn opvolgster, de huidige gedeputeerde van Haaren over de Traverse Dieren. Ik zie nu eigenlijk alleen maar uitspraken van wethouder Kuijper en de gemeente Rheden in de pers.

De Bondt ging er destijds voor en tijdens die lobby manifesteerde hij zich ook met veel verve in de pers terwijl de combinatie Van Haaren en de Traverse Dieren in de publiciteit afwezig is.

Maar blijkbaar is er niemand binnen de politiek die zich dit soort vragen stelt. Erg verontrustend. Niemand die zich daar zorgen over maakt. En al zeker niet binnen de gemeenteraad.

U had het al begrepen: ik heb er geen greintje vertrouwen in!

Niet in de cijfers en ook niet in een eensgezinde samenwerking van provincie en gemeente!

Onderstaand nog eens de alternatieven. De verschillen tussen de a-variant en de b-variant zitten 'm alleen in de oostelijke aansluiting bij het kanaal.







zondag 3 augustus 2008

Rozendaalse Veld - Gemeente kapt door

Ik heb nóg 'n rechtszaak voor u.

Dit keer over de strijd om de aanleg van de zandbak op het Rozendaalse Veld.

Enkele Geërfden van Velp hadden een voorlopige voorziening aangevraagd tegen de ontheffing van de herplantplicht door de gemeente Rheden. Met die voorlopige voorziening zou de houtkap op het Rozendaalse Veld moeten worden gestaakt.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen.De vier aanvragers kregen nul op het rekest. Erg jammer!

Het ministerie Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit had die ontheffing verleend. De gemeente wil het verlies aan bos niet compenseren op een andere plek.

Het gaat om 20,48 hectare er bos, een gedeelte van het areaal dat moet wijken voor het zand.

De verwoesting gaat onverminderd voort. Ik ben nog niet in de gelegenheid geweest om nieuwe foto’s of een filmpje van de plek des onheils te maken. Dus als iemand die voor me heeft dan hou ik me aanbevolen.

Er viel me trouwens nog iets op. Het kan toeval zijn. Daarom zal ik er pas iets over zeggen als ik meer informatie heb.

Onderstaand de uitspraak.
Bron: rechtspraak.nl
=====================
LJN: BD8807,Voorzieningenrechter College van Beroep voor het bedrijfsleven , AWB 08/494

Datum uitspraak: 18-07-2008
Datum publicatie: 29-07-2008
Rechtsgebied: Bestuursrecht overig
Soort procedure: Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie: Boswet Compensatie herplantplicht

Uitspraak
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Voorzieningenrechter


AWB 08/494 18 juli 2008
11020 Boswet
Compensatie herplantplicht


Uitspraak op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak van:

A en drie anderen, te B, verzoekers,
tegen
de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, verweerder,
gemachtigde: mr. E.M. Reijnders, werkzaam bij verweerder,

waaraan voorts als partij deelneemt:
de Gemeente Rheden, (hierna: de gemeente)
gemachtigden: G.A. Bannink en N. Moll, beiden werkzaam bij de gemeente.

1. De procedure
Bij brief van 31 mei 2008, ter griffie van het College ontvangen op 4 juni 2008, hebben verzoekers beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 24 april 2008.

Bij dit besluit heeft verweerder beslist op het bezwaarschrift van verzoekers tegen zijn besluit van 22 januari 2008, waarbij is ingewilligd een door de gemeente ingediend verzoek om ontheffing van de herplantplicht op grond van de Boswet.

Verzoekers hebben bij brief van 3 juli 2008 de voorzieningenrechter van het College verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Verweerder heeft bij brief van 11 juli 2008 een schriftelijke reactie gegeven op het verzoek.

Het verzoek is ter zitting behandeld op 17 juli 2008. Verschenen zijn voor verzoekers A, C en D. Verweerder en de gemeente hebben zich doen vertegenwoordigen door hun gemachtigden.

2. De grondslag van het geschil
2.1 De Boswet luidt, voorzover hier van belang, als volgt:

" AFDELING II
Artikel 2
1. Hij, die het voornemen heeft om tot vellen of doen vellen van houtopstand, anders dan bij wijze van dunning, over te gaan, is verplicht van dat voornemen ten minste één maand doch niet langer dan één jaar tevoren door toezending van een formulier, dat als aangetekend stuk wordt verzonden, kennis te geven aan Onze Minister alsmede, zo hij niet de eigenaar is van de te ontbloten grond, ook aan deze laatste. Onze Minister stelt het model voor dit formulier vast.
Onze Minister zendt onverwijld een bevestiging van de ontvangst van de kennisgeving.
2. (...)
3. Het is verboden te vellen of te doen vellen, anders dan bij wijze van dunning, zonder dat een voorafgaande tijdige kennisgeving als bedoeld in het eerste lid is gedaan.

Artikel 3
1. De eigenaar van grond, waarop een houtopstand, anders dan bij wijze van dunning, is geveld of op andere wijze tenietgegaan, is verplicht binnen een tijdvak van drie jaren na de velling of het tenietgaan van de houtopstand te herbeplanten volgens regelen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen.
2. De in het vorige lid bedoelde eigenaar is tevens verplicht beplanting die niet is aangeslagen binnen drie jaren na de herbeplanting te vervangen.
3. De in de voorgaande leden bedoelde eigenaar kan aan Onze Minister een verklaring vragen, inhoudende dat de door hem voorgestelde herbeplanting voldoet aan de regelen, krachtens het eerste lid gesteld.

AFDELING III

Artikel 8
Tegen een op grond van Afdeling II genomen besluit kan een belanghebbende beroep instellen bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.

AFDELING VI

Artikel 13
1. Onze Ministers van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen en van Landbouw en Visserij kunnen ter bewaring van natuur- en landschapsschoon het vellen en doen vellen, anders dan bij wijze van dunning, van bossen en andere houtopstanden telkens voor ten hoogste vijf jaar verbieden.
2. (...)"

Artikel 2 van het Koninklijk Besluit van 20 juni 1962, houdende regelen ten aanzien van de verplichting tot herbeplanting, bedoeld in artikel 3 van de Boswet (hierna: het Koninklijk Besluit), luidt als volgt:

" Artikel 2
1. Aan de verplichting tot herbeplanting, bedoeld in artikel 3 van de Boswet, moet worden voldaan door beplanting van de grond, waarop zich de gevelde houtopstand bevond, of van andere grond, voor zover Onze Minister hiertoe toestemming heeft verleend.
2. Onze Minister verleent de in het eerste lid bedoelde toestemming, tenzij:
a. de grond die de eigenaar wil beplanten gelegen is in een ander gebied dan dat waar zich de gevelde houtopstand bevond;
b. de grond die de eigenaar wil beplanten van mindere kwaliteit is dan die waarop zich de gevelde houtopstand bevond;
c. de grond die de eigenaar wil beplanten een kleinere oppervlakte heeft dan die waarop zich de gevelde houtopstand bevond;
d. de gevelde houtopstand deel uitmaakte van een boskern;
e. andere belangen, welke verband houden met de bodemproduktie, hierdoor zouden worden geschaad.
3. Op grond van bijzondere omstandigheden kan Onze Minister ook in de in het tweede lid genoemde gevallen de in het eerste lid bedoelde toestemming verlenen. Aan deze toestemming kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden.
4. Voor de toepassing van het bepaalde in het tweede lid, aanhef en onder a, verdeelt Onze Minister bij regeling het Rijk in gebieden."

2.2 Bij de beoordeling van het verzoek om voorlopige voorziening gaat de voorzieningenrechter uit van de volgende feiten en omstandigheden.

- Verzoekers maken deel uit van de "Geërfden van het dorp B". In 1921 heeft deze groep het Rozendaalse Veld (waarbinnen het Rozendaalse Zand is gelegen) onder voorwaarden geschonken aan de gemeente.

- In 2005 heeft de gemeente het plan opgevat om op het Rozendaalse Zand de oorspronkelijke zandverstuiving in ere te herstellen. Daarvoor is noodzakelijk dat ongeveer 19 hectare bos en opslag wordt verwijderd en van nog eens 20 hectare de bovenste vegetatielaag wordt afgevoerd.

- Door middel van het formulier "Kennisgeving van een voorgenomen velling Boswet, artikel 2", door verweerder ontvangen op 28 september 2007, heeft de Bosgroep Midden Nederland verweerder in kennis gesteld van de voorgenomen velling van 2045 are grove den in het Rozendaalse Zand ten behoeve van het herstel van stuifzand.

- Verweerder heeft de Bosgroep Midden Nederland en de gemeente, als eigenaar, bij brief van 1 oktober 2007 de ontvangst van deze melding bevestigd.

- Aangezien verweerder niet binnen een maand na 28 september 2007 heeft gereageerd op de melding, kwam de Bosgroep Midden Nederland vanaf dat moment de bevoegdheid toe met de kapwerkzaamheden te beginnen.

- De gemeente heeft bij formulier "Tot ontheffing, uitstel of compensatie in het kader van de kennisgeving voorgenomen velling", door verweerder ontvangen op 22 september 2007, toestemming gevraagd om bij wege van compensatie op andere gronden aan de herplantplicht te voldoen.

- Bij soortgelijk formulier, door verweerder op 30 november 2007 ontvangen, heeft de gemeente een verzoek om ontheffing van de herplantplicht ingediend.

- De gemeente heeft bij brief van 29 november 2007 het compensatieverzoek ingetrokken.

- Verweerder heeft bij besluit van 22 januari 2008 het verzoek om ontheffing van de herplantplicht ingewilligd.

- Bij brief van 1 februari 2008 hebben (onder meer) verzoekers bezwaar gemaakt tegen dit besluit.

- Op 13 februari 2008 heeft een hoorzitting plaatsgevonden

- Bij uitspraak van 4 februari 2008 heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Arnhem een groep Geërfden niet-ontvankelijk verklaard in hun vordering dat de gemeente op straffe van een dwangsom wordt verboden, zolang de toestemming van de Geërfden ontbreekt, tot het vellen van voornoemde 19 hectaren bos over te gaan.

- Vervolgens heeft verweerder het bestreden besluit van 24 april 2008 genomen, waarbij de bezwaren van verzoekers ongegrond zijn verklaard.

3. Het standpunt van verzoekers
Verzoekers hebben de voorzieningenrechter gevraagd verweerders besluit te vernietigen en daaraan voor de gemeente het rechtsgevolg te verbinden dat de werkzaamheden moeten worden stilgelegd tot zes weken nadat een nieuw besluit is genomen op (een eventueel nieuw) verzoek om ontheffing van de herplantplicht of nadat op een nieuw verzoek om een voorlopige voorziening is beslist dan wel, om, gelet op het spoedeisend belang verbonden aan de instandhouding van het resterende bos en de dreiging van de hervatting van de vellingswerkzaamheden na 15 juli 2008, bij wijze van voorlopige voorziening het besluit te schorsen tot zes weken nadat opnieuw is beslist op het bezwaar, met dien verstande dat de stillegging van de werkzaamheden blijft gehandhaafd totdat op een eventueel nieuw verzoek om voorlopige voorziening zal zijn beslist.

Ter onderbouwing van dit verzoek hebben verzoekers het volgende naar voren gebracht.

Het besluit van de gemeente om een deel van het bos te kappen, is niet in overeenstemming met de in de schenkingsakte voorziene procedure genomen. De gemeente heeft nagelaten betrokkenen tijdig te informeren en een draagvlak te creëren.

Tijdens een buitengewone vergadering van Geërfden heeft een ruime meerderheid van de aanwezigen onder meer uitgesproken dat de schenkingsvoorwaarden zijn geschonden.

Verzoekers zijn als Geërfden geraakt in hun belang, dat valt terug te voeren op een eeuwenoud recht, dat zijn vorm heeft behouden in de schenkingsakte uit 1921. Subsidiair zijn verzoekers getroffen in hun belang als omwonenden, die recreatief gebruikmaken van de bossen en op die grond de instandhouding en het beheer van het bos in hoge mate waarderen en nodig hebben.

Kennelijk is verweerder echter van mening dat het herstel van een zandverstuiving een maatschappelijk belang van hogere orde is dan het voorkomen van verdere achteruitgang van het bosareaal in Nederland. Hij motiveert dat evenwel niet en verlaat zich, zonder eigen onderzoek, op het advies van de Provincie Gelderland en de Regionale Beleidsdirectie. Zelfs indien al wordt toegestaan dat niet ter plaatse wordt herplant in verband met stuifzandontwikkeling, had een verplichting tot compensatie moeten worden opgelegd. Verweerder heeft zich eerst naar aanleiding van het bezwaar van verzoekers nader laten informeren. Het kappen van dit bos betekent een achteruitgang van het bosareaal in Nederland en een achteruitgang van het bindvermogen voor broeikasgassen. Het criterium "waardevolle beplanting" is er met de haren bijgesleept. Verweerder stelt vervolgens dat, omdat sprake zou zijn van "stuifzandherstel in kansrijke situaties", het project kan worden aangemerkt als een "bijzonder geval voor ontheffing van de herplantplicht". Dat is geen belangenafweging. De aan het besluit ten grondslag liggende rapporten zijn ook niet overtuigend. De ratio voor het kappen is flinterdun. Herstel van de zandverstuiving, zoals deze er tot 1950 bij lag, zou een bevredigende situatie opleveren. Verweerder kan zich niet beroepen op de Nota Open Bos uit 1995, die niet een door het parlement geaccordeerde grondslag biedt om ontbossing zonder compensatie toe te staan.

Ter zitting hebben verzoekers hieraan toegevoegd dat zij pas begin december 2007 op de hoogte kwamen van het voornemen om de betrokken houtopstand te kappen, zodat zij niet eerder in de gelegenheid zijn geweest om zich, bijvoorbeeld door een kapverbod te vragen, tegen de melding te verzetten.

4. Het standpunt van verweerder
Verweerder heeft in zijn schriftelijke reactie van 11 juli 2008 het volgende gesteld.
De Bosgroep Midden Nederland heeft op 28 september 2007 gemeld voornemens te zijn het in het geding zijnde bosbestand, op het grondgebied van de gemeente Rheden, te vellen. Verweerder heeft niet vastgesteld dat een kapverbod was geïndiceerd en verzoekers hebben ook niet om zo'n verbod gevraagd. Tegen de kapmelding is niet geageerd, zodat de gemeente gerechtigd is de bomen te vellen. Ongeveer 75% van het bosbestand is reeds geveld in februari 2008. Vanaf 15 juli 2008 wordt de rest gekapt. Een eventuele vernietiging van het besluit van 24 april 2008 zou slechts de herplantplicht uit de Boswet doen herleven. Met vernietiging wordt niet bereikt dat niet geveld mag worden. Het met het indienen van het verzoek beoogde doel - het in stand houden van het resterende bos - kan dan ook niet worden bereikt. Van onverwijlde spoed in de zin van artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is dan ook geen sprake. Over het al dan niet terecht verlenen van een ontheffing van de herplantplicht kan ook later, in de bodemprocedure, worden geoordeeld. Indien het College dan oordeelt dat deze ontheffing onrechtmatig is, kan daarmee hooguit alsnog de herplant worden verzekerd.

De door verzoekers geschetste historische achtergrond is een civielrechtelijke kwestie tussen de Geërfden en de gemeente en valt buiten het bestek van deze procedure. Ter onderbouwing van het besluit is verwezen naar adviezen van de provincie en haar regionale beleidsdirectie, waaruit genoegzaam blijkt waarom stuifzandherstel een ontheffing van de herplantplicht rechtvaardig en dat het stuifzandherstel kansrijk is. Verweerder beschikt niet over een eigen adviesorgaan en was niet gehouden zelfstandig nader onderzoek te doen. Verweerder heeft niet kunnen vaststellen dat de uitgebrachte adviezen kennelijk onjuist zouden zijn. De door verzoekers geleverde kritiek is niet onderbouwd.

5. De beoordeling van het geschil
Hangende beroep bij het College kan de voorzieningenrechter op grond van artikel 19, eerste lid, van de Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie juncto artikel 8:81, eerste lid, Awb een voorlopige voorziening treffen, indien onverwijlde spoed dat, gelet op de betrokken belangen, vereist. Voorzover in deze uitspraak een oordeel wordt gegeven over de rechtmatigheid van het bestreden besluit, is sprake van een voorlopig oordeel dat het College niet bindt in de aanhangige bodemprocedures.

De voorzieningenrechter gaat - ook al is niet uitgesloten dat het College bij behandeling van de hoofdzaak tot een ander oordeel zal komen - er vooralsnog van uit dat de belangen van verzoekers rechtstreeks betrokken zijn bij het besluit waarbij de ontheffing van de herplantplicht is verleend. Weliswaar wonen verzoekers op circa 2 km afstand van het betrokken terrein, zodat betwijfeld moet worden of zij als omwonende zijn aan te merken, maar zij bezitten, zoals door verweerder ter zitting is opgemerkt, door hun status van “Geërfde van het dorp B” rechten ten aanzien van het terrein, zoals het hebben van toegang tot de jacht, die naar voorlopig oordeel een rechtstreeks belang kunnen opleveren.

Gelet op de inhoud van het verzoekschrift en hetgeen daaromtrent ter zitting is verklaard strekt het verzoek om schorsing en voorlopige voorziening er toe te voorkomen dat de betrokken houtopstand - voorzover velling (nog) niet heeft plaatsgevonden - hangende de behandeling van het beroep tegen het besluit waarbij is beslist omtrent ontheffing van de herplantplicht, wordt geveld. Aan de orde is derhalve de vraag of dit doel in deze procedure kan worden bereikt. Dat is niet het geval indien het besluit, waarbij de ontheffing van de herplantplicht is gehandhaafd, zou worden geschorst. Immers, zoals verweerder terecht heeft gesteld, staat in dat geval het bepaalde bij en krachtens de Boswet er niet aan in de weg dat de grondeigenaar de velling van de betrokken houtopstand voortzet.

De voorzieningenrechter begrijpt het door verzoekers ontwikkelde betoog aldus dat de besluitvorming van verweerder ter zake van de ontheffing in wezen tevens de weigering inhoudt om op enig moment een kapverbod als bedoeld in artikel 13, eerste lid, van de Boswet op te leggen. Een zodanige weigering zou dan mede de inzet van de procedure kunnen vormen, zo lijken verzoekers te stellen.

De voorzieningenrechter leidt uit de systematiek van de Boswet evenwel af dat een besluit om ontheffing te verlenen van de herplantplicht moet worden onderscheiden van een besluit omtrent het al dan niet opleggen van een kapverbod. Die systematiek zou, naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter, te zeer geweld worden aangedaan wanneer die ontheffing in dit geval mede geacht zou worden een weigering te omvatten om een zodanig verbod op te leggen. Een soortgelijke overweging is neergelegd in de uitspraak van de voorzieningenrechter van 27 februari 2007 (AWB 07/38, www.rechtspraak.nl, LJN AZ9716)

Het voorgaande leidt de voorzieningenrechter dan ook tot het, voorlopige, oordeel dat een weigering om een kapverbod op te leggen niet, mede, de inzet kan vormen van de onderhavige beroepsprocedure, waarin het gaat om ontheffing van de herplantplicht. De voorzieningenrechter laat daarbij nog geheel daar dat de beoordeling van beroepen tegen besluiten waarbij bezwaren tegen de weigering een kapverbod op te leggen ongegrond zijn verklaard, gelet op artikel 8 van de Boswet, aan de rechtsmacht van het College is onttrokken. Voor de voorzieningenrechter van het College bestaat op dat punt derhalve evenmin enige bevoegdheid.

Het door verzoekers met het indienen van het verzoek om voorlopige voorziening nagestreefde doel - velling van de betrokken houtopstand voorkomen hangende de beroepsprocedure - kan dan ook niet worden gerealiseerd op de wijze zoals verzoekers zich dat hebben voorgesteld.

Hetgeen verzoekers inhoudelijk hebben aangevoerd kan gezien het voorgaande buiten bespreking worden gelaten.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat het verzoek om voorlopige voorziening moet worden afgewezen.

De voorzieningenrechter acht geen termen aanwezig voor een proceskostenveroordeling als bedoeld in artikel 8:75 Awb.

6. De beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.

Aldus gewezen door mr. C.M. Wolters, in tegenwoordigheid van mr. R. Meijer als griffier, en uitgesproken in het openbaar op 18 juli 2008.

zaterdag 2 augustus 2008

Groot, groter, grootst.

Onlangs zag zoekmachine Cuil (spreek uit 'cool')het levenslicht.

Cuil, opgericht door ex-medewerkers van Google, zegt de grootste databank te hebben: er zijn nu 121 miljard webpagina's geïndexeerd.

Google moest toen ook wel iets zeggen. Het geeft u gelijk een idee van de omvang van het internet. Google heeft inmiddels één biljoen webadressen (URL’s) in haar zoekindexen staan.

Een biljoen is tien tot de 12e macht, in cijfers 1.000.000.000.000, ofwel 1000 miljard, ofwel 1 miljoen x 1 miljoen.

Nu zet Google bij lange na niet alle webpagina’s in haar zoekindexen. Het internet is waarschijnlijk nog vele malen groter.

In het jaar 2000 stond de Google-index op 1 miljard URL’s. In 8 jaar is die met een factor 1000 toegenomen.

Voor Google wordt het steeds moeilijker om de groei bij te houden. De uitdaging is: Hoe vindt je in deze zee van gegevens de juiste informatie.

Laat staan voor ons, simpel internetgebruikers. Hoe vinden wij de juiste informatie?

En even terug naar Cuil. Het ziet er best aardig uit, vooral de opmaak en de indeling. Maar Cuil is nog lang niet waar Google nu is. Oordeel zelf en neem een kijkje op Cuil.

Zie ook "We knew that the web was big.."

en kijk dan ook even op Internet woedend op Google-uitdager Cuil

vrijdag 1 augustus 2008

Groen licht voor Nimmer Dor

Project Nimmer Dor mag verder.

In een zaak die de Stichting A7 en enkele omwonenden van Nimmer Dor verenigd in “Omwonenden van Nimmer Dor”, hadden aangespannen tegen de vergunning voor de bouw van 122 woningen in "Nimmer Dor" heeft de Raad van State bepaald dat de vergunning van kracht blijft.

Die vergunning was door Gedeputeerde Staten van Gelderland verleend aan B&W van Rheden.

De bezwaren van de Stichting A7 werden alle ongegrond verklaard.

Met het beroep van de omwonenden ligt het iets anders. Deze omwonenden hadden dezelfde bezwaren als de Stichting A7.

Daarnaast gingen zij in beroep tegen de beslissing van Gedeputeerde Staten om een bezwaarschrift dat door de groepering “Omwonenden van Nimmer Dor” (namens vijf omwonenden) was ingediend niet-ontvankelijk te verklaren.
Hiervoor is de provincie teruggefloten. De provincie heeft gehandeld in strijd met het recht. In zoverre dient het besluit tot vergunningverlening te worden vernietigd.

De Raad van State vernietigt dan ook het besluit van GS voor zover het de niet-omvankelijk verklaring van het bezwaarschrift van de "Omwonenden Nimmer Dor" betreft.

Maar..... de Raad zegt vervolgens dat de rechtsgevolgen van dat besluit in stand blijven omdat de bezwaren van de omwonenden en de Stichting A7 niet verschillen en de omwonenden door de niet-ontvankelijkverklaring niet in hun belangen geschaad zijn.

Broodje ingewikkeld. Maar het komt erop neer dat de vergunning voor Nimmer Dor gehandhaafd blijft.

Vanwege die onterechte niet-ontvankelijk verklaring moet de provincie wel de kosten betalen die de omwonenden voor de rechtsgang gemaakt hebben.

Samengevat:
- het beroep van de stichting Stichting A7 is ongegrond;
- het beroep van de omwonenden is gegrond;
- het besluit van GS om de vergunning te verlenen wordt vernietigd voor zover de door de "Omwonenden Nimmer Dor" ingediende bezwaren niet-ontvankelijk zijn verklaard;
- de rechtsgevolgen van het besluit tot vergunningverlening blijven in stand
- de provincie vergoedt de proceskosten en de kosten voor griffierecht die de omwonenden gemaakt hebben. Totaal 787 euro.

De kneep zit ‘m in de beslissing dat de rechtsgevolgen van het besluit tot vergunningverlening in stand blijven.

Ik ben niet deskundig dus ik weet niet of er nog andere mogelijkheden tot beroep zijn. En het is natuurlijk ook de vraag of er nog steeds voldoende politiek draagvlak is.

Maar deze uitspraak geeft het project Nimmer Dor voorlopig groen licht.

Onderstaand de volledige uitspraak. Met [appellanten sub 2] worden de omwonenden van Nimmer Dor bedoeld.
Bron: rechtspraak.nl
=================================================
LJN: BD8892, Raad van State , 200706279/1

Datum uitspraak: 30 juli 2008

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

1. de stichting Stichting A7, gevestigd te Velp, gemeente Rheden,
2. [appellanten sub 2], allen wonend te [woonplaats],
appellanten,

en

het college van gedeputeerde staten van Gelderland,
verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 10 januari 2007 heeft het college van gedeputeerde staten van Gelderland (hierna: het college) vergunning verleend aan het college van burgemeester en wethouders van Rheden voor de bouw van 122 woningen in het plan "Nimmer Dor" te Laag-Soeren.

Bij besluit van 17 juli 2007 heeft het college het door de stichting Stichting A7 (hierna: Stichting A7) hiertegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard en het door [appellanten sub 2] gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen dit besluit hebben Stichting A7 bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 3 september 2007, en [appellanten sub 2] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 5 september 2007, beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 15 mei 2008, waar Stichting A7, vertegenwoordigd door A.H. Hees, secretaris, K. van Loenen, voorzitter, en D.C. van Loenen-Imming, alsmede [appellanten sub 2], vertegenwoordigd door mr. F.F. Scheffer, advocaat te Zutphen, en het college, vertegenwoordigd door P.F.H.A. Tillie en T. Portegijs, ambtenaren in dienst van de provincie, zijn verschenen. Voorts is daar het college van burgemeester en wethouders van Rheden gehoord, vertegenwoordigd door T.G.H. Strikers, ambtenaar in dienst van de gemeente.

2. Overwegingen

Het bestreden besluit

2.1. Bij het bestreden besluit heeft het college zijn besluit gehandhaafd om aan het college van burgemeester en wethouders van Rheden vergunning op grond van artikel 19d van de Natuurbeschermingswet 1998 (hierna: Nbw 1998) te verlenen voor de bouw van 122 woningen in het gebied "Nimmer Dor", tussen de Harderwijkerweg en de Prof. Talmaweg te Laag-Soeren. Het gebied beslaat ongeveer 6 hectare en is gelegen op ongeveer 150 meter van het Natura 2000-gebied Veluwe.

Toetsingskader

2.2. Ingevolge artikel 19d, eerste lid, van de Nbw 1998, voor zover hier van belang, is het verboden om zonder vergunning, of in strijd met aan die vergunning verbonden voorschriften of beperkingen, van gedeputeerde staten projecten of andere handelingen te realiseren onderscheidenlijk te verrichten die gelet op de instandhoudingsdoelstelling de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten in een op grond van artikel 10a, eerste lid, aangewezen gebied of een gebied waarvan de aanwijzing als zodanig in overweging is genomen als bedoeld in artikel 12, derde lid, kunnen verslechteren of een verstorend effect kunnen hebben op de soorten waarvoor het gebied is aangewezen. Zodanige projecten of andere handelingen zijn in ieder geval projecten of handelingen die de natuurlijke kenmerken van het desbetreffende gebied kunnen aantasten.

2.2.1. Ingevolge artikel 19e, aanhef en onder a, van de Nbw 1998, voor zover hier van belang, houden gedeputeerde staten bij het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 19d, eerste lid, rekening met de gevolgen die een project of andere handeling, waarop de vergunningaanvraag betrekking heeft, gelet op de instandhoudingsdoelstelling kan hebben voor een op grond van artikel 10a, eerste lid, aangewezen gebied.

2.2.2. Ingevolge artikel 19f, eerste lid, van de Nbw 1998, voor zover hier van belang, maakt de initiatiefnemer voor nieuwe projecten of andere handelingen waarover gedeputeerde staten een besluit op een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 19d, eerste lid, nemen en die niet direct verband houden met of nodig zijn voor het beheer van een op grond van artikel 10a, eerste lid, aangewezen gebied, maar die afzonderlijk of in combinatie met andere projecten of handelingen significante gevolgen kunnen hebben voor het desbetreffende gebied, alvorens gedeputeerde staten een besluit nemen, een passende beoordeling van de gevolgen voor het gebied waarbij rekening wordt gehouden met de instandhoudingsdoelstelling van dat gebied.

2.2.3. Bij besluit van 24 maart 2000 (Stcrt. 31 maart 2000, nr. 65) heeft de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij het op de bij dat besluit behorende kaart aangegeven gebied, bekend onder de naam Veluwe, aangewezen als speciale beschermingszone in de zin van artikel 4, eerste en tweede lid, van de richtlijn 79/409/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand (PbEG L 103; hierna: Vogelrichtlijn).

2.2.4. Ingevolge artikel V, eerste lid, van de wet van 20 januari 2005 tot wijziging van de Natuurbeschermingswet 1998 in verband met Europeesrechtelijke verplichtingen gelden de besluiten van de minister houdende de aanwijzingen van gebieden ter uitvoering van de Vogelrichtlijn als besluiten als bedoeld in artikel 10a van de Nbw 1998.

Het beroep van Stichting A7

2.3. Stichting A7 betoogt dat het college bij het bestreden besluit ten onrechte het besluit van 10 januari 2007 heeft gehandhaafd, en haar bezwaren ongegrond heeft verklaard. Daartoe voert zij aan dat het college ten onrechte alleen de mogelijk nadelige effecten van woningbouw op regionale schaal in de beschouwing heeft betrokken, terwijl volgens haar vooral plaatselijk de verstoringsdruk op de Veluwe zal toenemen als gevolg van het project. Voorts is het rapport van Arcadis dat het college aan het bestreden besluit ten grondslag heeft gelegd naar Stichting A7 meent onvolledig, omdat het geen inventarisatie van de bestaande natuurwaarden bevat en niet is gebaseerd op veldonderzoek, en gaat het uit van aannames die niet kunnen worden getoetst. Verder is volgens Stichting A7 het beschermingsregime voor de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) ten onrechte niet in de beoordeling betrokken en is een ontheffing van de Flora- en Faunawet nodig.

2.4. Het college stelt zich op het standpunt dat afdoende is aangetoond dat de voorgenomen woningbouw op regionale noch op plaatselijke schaal significante effecten zal hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied Veluwe. Voorts bestrijdt het college dat het door Arcadis uitgebrachte rapport onvolledig is. Aanvullend veldonderzoek is volgens het college niet nodig, omdat de leefgebieden van de betrokken vogelsoorten, met name de wespendief, de zwarte specht en de ijsvogel, bekend zijn. Het beschermingsregime van de EHS en het eventueel benodigd zijn van een ontheffing van de Flora- en faunawet zijn naar de mening van het college in het kader van de toetsing aan de Nbw 1998 niet van belang.

2.5. Bij hun vergunningaanvraag hebben burgemeester en wethouders van Rheden een rapport overgelegd opgesteld door Arcadis, getiteld "Bestemmingsplan Nimmer Dor: Gevolgen voor gebiedsbescherming". Dit rapport is gedateerd 29 augustus 2006. Op 8 december 2006 is een aangepaste versie van dit rapport aan het college overgelegd, waarin in het bijzonder aandacht is besteed aan de mogelijke nadelige effecten van het project op plaatselijk niveau. Het college heeft laatstgenoemde versie van het rapport ten grondslag gelegd aan het bestreden besluit.

Volgens het rapport is de toename van het recreatief bezoek aan het Natura 2000-gebied Veluwe als gevolg van de in het plan voorziene woningbouw ten hoogste ongeveer 0,04 procent, en daarmee te verwaarlozen ten opzichte van het totaal aantal recreatieve bezoekers. Negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van de Veluwe zijn daarom op regionaal niveau niet te verwachten, aldus het rapport.

Op plaatselijk niveau zal volgens het rapport naar verwachting enige toename van verstoring optreden, doordat het aantal hondenbezitters, dat als een maat voor het aantal dagelijkse bezoekers van het aan het plangebied grenzende deel van de Veluwe wordt gehanteerd, met ongeveer 32 zal toenemen. In het rapport zijn in het bijzonder de gevolgen onderzocht van de voorgenomen woningbouw voor de wespendief en de zwarte specht. Er wordt geconcludeerd dat het een geringe toename van het aantal bezoekers betreft, die zeer waarschijnlijk niet zal leiden tot verstoring van de broedlocaties van de wespendief en evenmin tot een wezenlijke kwaliteitsafname van het foerageergebied van die soort, dat zich over een grote oppervlakte uitstrekt. Met betrekking tot de zwarte specht wordt geconcludeerd dat deze tijdens het broedseizoen hinder kan ondervinden van het toegenomen gebiedsbezoek, maar dat de kans klein is dat dat vermindering van broedgebied tot gevolg heeft. Verder wordt erop gewezen dat grote delen van de Veluwe, waaronder leefgebieden van de zwarte specht en de wespendief, zijn opengesteld voor recreatief gebruik, en dat dit samengaat met de ontwikkeling en instandhouding van duurzame populaties van de beide vogelsoorten. Met betrekking tot de ijsvogel wordt in het rapport opgemerkt dat deze slechts incidenteel voorkomt langs de Soerense beek, en dat de beek ter plaatse niet geschikt is als broedgebied voor deze soort.

Gezien het voorgaande kan niet met juistheid worden gesteld dat het college de gevolgen van de voorgenomen woningbouw op plaatselijk niveau niet bij zijn besluit heeft betrokken.

Voorts overweegt de Afdeling dat Stichting A7 haar stelling dat het rapport van Arcadis onvolledig is niet met eigen onderzoeksgegevens heeft onderbouwd, en dat zij niet nader heeft aangegeven welke natuurwaarden in het rapport ten onrechte buiten beschouwing zouden zijn gelaten en welke aannames het rapport bevat die ertoe hebben geleid dat de conclusies niet juist zouden zijn.

Gezien het voorgaande is de Afdeling van oordeel dat Stichting A7 niet aannemelijk heeft gemaakt dat de gevolgen van de voorgenomen woningbouw zodanig zijn dat het college de gevraagde vergunning niet in redelijkheid heeft kunnen verlenen.

2.5.1. De vraag of een ontheffing op grond van de Flora- en faunawet nodig is voor een voorgenomen activiteit en of een dergelijke ontheffing in een concreet geval kan worden verleend, is bij het besluit omtrent vergunningverlening op grond van artikel 19d van de Nbw 1998 niet van belang, omdat het toetsingskader van de Nbw 1998 los staat van dat van de Flora- en faunawet. Het beschermingsregime van de EHS, waar Stichting A7 naar verwijst, bestaat volgens het Streekplan Gelderland 2005 daarin dat het college in beginsel geen planologische medewerking zal verlenen aan totstandkoming of wijziging van bestemmingsplannen die kunnen leiden tot aantasting van de natuurlijke waarden van tot de EHS behorende gebieden. Bescherming in het kader van de EHS kan derhalve slechts aan de orde komen in het kader van procedures op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening.

2.5.2. De conclusie is dat hetgeen Stichting A7 heeft aangevoerd geen aanleiding geeft voor het oordeel dat het bestreden besluit is voorbereid of genomen in strijd met het recht. Het beroep is ongegrond.

Het beroep van [appellanten sub 2]

2.6. [appellanten sub 2] betogen dat het college bij het bestreden besluit het door hen gezamenlijk onder de naam "Omwonenden Nimmer Dor" ingediende bezwaarschrift ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard. Daartoe voeren zij aan dat de bewonersgroepering "Omwonenden Nimmer Dor" bestaat uit vijf personen die allen in de directe nabijheid van het plangebied wonen, en die daarom als belanghebbende moeten worden aangemerkt. Daaruit volgt naar hun mening dat ook de bewonersgroepering als zodanig belanghebbend is. Verder voeren zij aan dat tijdens de hoorzitting in de bezwaarfase een machtiging is overgelegd waaruit blijkt uit welke personen de bewonersgroepering bestaat. Aangezien deze personen ook individueel bezwaar hebben gemaakt en als belanghebbend zijn aangemerkt had het college volgens [appellanten sub 2] uit de machtiging kunnen afleiden dat ook de bewonersgroepering belanghebbend is. De door hen gezamenlijk onder de naam "Omwonenden Nimmer Dor" ingediende bezwaren dienen volgens hen te worden beschouwd als aanvullend ten opzichte van de bezwaren die zij elk op eigen naam hebben ingediend. Dat de bewonersgroepering niet over rechtspersoonlijkheid beschikt is naar hun mening niet relevant.

2.7. Het college stelt zich op het standpunt dat de bewonersgroepering "Omwonenden Nimmer Dor" als zodanig geen rechtstreeks belanghebbende is bij het besluit van 10 januari 2007, omdat de personen waaruit deze groepering bestaat allen ook individueel een bezwaarschrift hebben ingediend, waarop ook is besloten. Naar de mening van het college blijkt ook uit de op de hoorzitting overgelegde machtiging niet wat het rechtstreekse belang is van de groepering.

2.8. Ingevolge artikel 7:1, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht dient, voor zover hier van belang, degene aan wie het recht is toegekend tegen een besluit beroep op een administratieve rechter in te stellen alvorens beroep in te stellen tegen dat besluit bezwaar te maken.

Ingevolge artikel 7:11, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht vindt, indien het bezwaar ontvankelijk is, op grondslag daarvan een heroverweging van het bestreden besluit plaats.

Ingevolge artikel 39, eerste lid, van de Nbw 1998, kan een belanghebbende tegen een besluit op grond van die wet beroep instellen bij de Afdeling.

Ingevolge artikel 1:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt onder belanghebbende verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken.

2.8.1. Vaststaat dat [appellanten sub 2], naast de door hen gezamenlijk onder de naam "Omwonenden Nimmer Dor" ingediende bezwaren, ook ieder op eigen naam bezwaar hebben gemaakt tegen het besluit van het college van 10 januari 2007, en dat zij daarbij allen als belanghebbende zijn aangemerkt. Voorts is niet in geschil dat tijdens de hoorzitting in de bezwaarfase de toenmalig gemachtigde van

[appellanten sub 2] een verklaring heeft overgelegd waaruit bleek dat de betrokken bezwaren namens hen waren ingediend. Onder die omstandigheden had het college deze bezwaren dienen te beschouwen als aanvullend ten opzichte van de door [appellanten sub 2] op eigen naam ingediende bezwaarschriften. Nu vaststaat dat [appellanten sub 2] woonachtig zijn in de onmiddellijke omgeving van het gebied waar de woningen zijn voorzien dienden zij als belanghebbend te worden aangemerkt, ook voor zover het de door hen gezamenlijk ingediende aanvullende bezwaren betrof. Door deze bezwaren niettemin niet-ontvankelijk te verklaren heeft het college gehandeld in strijd met artikel 7:11, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, gelezen in verbinding met artikel 39, eerste lid, van de Nbw 1998.

2.9. De conclusie is dat hetgeen [appellanten sub 2] hebben aangevoerd aanleiding geeft voor het oordeel dat het bestreden besluit op dit punt is genomen in strijd met het recht. Het beroep is gegrond, zodat het bestreden besluit in zoverre dient te worden vernietigd. Nu evenwel hetgeen [appellanten sub 2] gezamenlijk in bezwaar hebben aangevoerd in het bestreden besluit inhoudelijk in voldoende mate is behandeld bij de bespreking van de door Stichting A7 ingediende bezwaren en uit hetgeen in r.o. 2.5.2. is overwogen volgt dat deze bezwaren, die niet verschillen van die van Stichting A7, niet leiden tot het oordeel dat het bestreden besluit niet in stand kan blijven, zijn [appellanten sub 2] door de niet-ontvankelijkverklaring niet in hun belangen geschaad. Gelet hierop ziet de Afdeling aanleiding te bepalen dat de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand blijven.

2.10. Het college dient ten aanzien van [appellanten sub 2] op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten te worden veroordeeld. Ten aanzien van Stichting A7 bestaat voor een proceskostenveroordeling geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. verklaart het beroep van [appellanten sub 2] gegrond;

II. vernietigt het besluit van het college van gedeputeerde staten van Gelderland van 17 juli 2007, nr. 2006-017519, voor zover daarbij de door [appellanten sub 2] gezamenlijk onder de naam "Omwonenden Nimmer Dor" ingediende bezwaren niet-ontvankelijk zijn verklaard;

III. bepaalt dat de rechtsgevolgen van dat besluit geheel in stand blijven;

IV. verklaart het beroep van de stichting Stichting A7 ongegrond;

V. veroordeelt het college tot vergoeding van bij [appellanten sub 2] in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 644,00 (zegge: zeshonderdvierenveertig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand; het bedrag dient door de provincie Gelderland aan [appellanten sub 2] onder vermelding van het zaaknummer te worden betaald;

VI. gelast dat de provincie Gelderland aan [appellanten sub 2] het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 143,00 (zegge: honderddrieënveertig euro) vergoedt.

Aldus vastgesteld door mr. P.J.J. van Buuren, voorzitter, en mr. R.H. Lauwaars en mr. M.A.A. Mondt-Schouten, leden, in tegenwoordigheid van mr. T.A. Oudenaarden, ambtenaar van Staat.

w.g. Van Buuren w.g. Oudenaarden
voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 30 juli 2008

Zonsverduistering 1 augustus 2008

Een filmpje van de NASA over de zonsverduistering van vandaag.

De verduistering is vanuit Nederland waarschijnlijk niet te zien. Er wordt een dik wolkendek verwacht. Misschien is er in het zuidwesten van het land iets van te zien als de hemel op tijd opklaart.
(Inmiddels (1 aug, 7:30 u) lijkt het eerder op te klaren. Dus waarschijnlijk kunnen we nog wat van de verduistering waarnemen.)

Klik op het driehoekje om de animatie te starten.



Vanuit Nederland gezien wordt er overigens maar een klein stukje van zon bedekt. Hoogstens 'n kwart van het schijfje.
De bedekking begint 10.37 uur en eindigt om 12.16 uur. Om 11.25 is de bedekking het grootst.

Een totale verduistering is wel te zien in een enkele honderden kilometers brede baan die in Canada begint en dan via Groenland, Noord-Rusland en Mongolië naar China loopt. In die baan duurt de totale verduistering maximaal iets minder dan twee-en-een halve minuut.

Een zonsverduistering wordt veroorzaakt doordat de maan precies tussen de aarde en de zon staat. De zon wordt daardoor voor het oog verduisterd. Eigenlijk strijkt dus de schaduw van de maan over de aarde.

Klik hier om de zonsverduistering te volgen op de site van NASA.

donderdag 31 juli 2008

Financiële verantwoording Hart van Dieren (4)

Bijgaand de Notitie “vastgoedportefeuille Hart van Dieren”.

Ik ben benieuwd hoe gemeente en provincie nu omgaan met het verworven onroerend goed.

Welk onroerend goed is aangekocht maar niet meer nodig voor het tweede boek: de Traverse Dieren?

Welke huizen moeten extra worden aangekocht om de de Traverse Dieren mogelijk te maken. Volgens mij betreft dat huizen ten oosten van het plangebied van het oorspronkelijk Hart van Dieren. (ten oosten van de Molenweg)

Wat gaat er met het inmiddels overtollige vastgoed gebeuren? Verkopen, vasthouden?
De notitie geeft enkele scenario's daarvoor.

Nog 'n interessante. Sinds maart 2008 is de Wet Voorkeursrecht Gemeenten (WVG) niet meer van toepassing. Om die WVG opnieuw te vestigen moet er eerst een gedegen onderbouwing komen in de vorm van (bestemmings)plannen. En ik dacht dat voor hernieuwd vestigen van de WVG ook een behoorlijke periode moet zijn verstreken. Dat gaat niet van de ene op de ander dag.

Klik op een afbeeelding om te vergroten.









woensdag 30 juli 2008

Gemeenten en provincies willen meer invloed op Europa

Lagere overheden willen meer invloed op Europa. Zij willen verplicht betrokken worden bij Europees beleid. Om daarmee de uitvoerbaarheid te verbeteren. Zij vinden dat er nu te weinig naar hen wordt geluisterd en zijn daar zeer ontevreden over.

Merkwaardig niet? Gemeenten en provincies die roepen dat Brussel te ver van hen af staat. Daarmee erkennen deze overheden in feite dat de afstand naar Brussel voor vrijwel iedereen groot is. Te groot! Ook voor hen. Kennelijk leeft bij een flink deel van de overheid hetzelfde beeld als bij een grote groep burgers. Europa beslist en wij hebben daarop geen invloed!

De kloof tussen burgers en een willekeurige overheid op lokaal en regionaal niveau is al diep. De afstand naar Brussel bijna onoverbrugbaar. Maar als de burger dat roept en meer invloed eist dan wordt hij genegeerd. Zo’n simpele ziel kan dat immers niet beoordelen.

De enige manier om die afstand te verkleinen is democratie. En daar schort het in Europa in hoge mate aan. Uit angst voor het oordeel van de burger wordt het Verdrag van Lissabon nu niet in een referendum voorgelegd aan de Nederlandse kiezer.

Ik hoop dat de Nederlandse burgers zich dat bij de volgende landelijke verkiezingen zullen herinneren. En ik zal ze daar op mijn eigen bescheiden manier op wijzen.

Om de klacht van gemeenten en provincies dichter bij huis te brengen switch ik nu even naar een concreet Europees onderwerp: de subsidies waar regionale overheden wel invloed op kunnen uitoefenen.

De stadsregio Arnhem-Nijmegen meldt: De provincie Gelderland heeft uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) via een door de stadsregio ingediende wensenlijst het project Ringstraten Nijmegen, een winkel- en horecagebied, beloond met een bijdrage van ruim 2 miljoen euro.

Dus Gelderland en de stadsregio hebben hier zo te zien toch een vinger in de pap. Volgens mij kan de gemeente Rheden zich ook actiever opstellen. Ik roep even de inbreng van de Calluna-winkeliers bij de Tafel van 10 in herinnering. Ook voor Velp en Rheden zou er wellicht wat uit de Europese vleespotten te halen zijn. Maar van Rheden hoor ik vrijwel nooit wat op dit gebied.