Geef uw mening!
Stuur uw brieven, foto's, afbeeldingen, filmpjes of cartoons naar
theo.kooijmans@gmail.com
Maak het niet te bont. De redactie behoudt zich het recht voor om inzendingen zonder opgaaf van redenen te weigeren.

zaterdag 16 augustus 2008

Haal uw recht (en uw duiten) bij de Huurcommissie

De Huurcommissie is ingesteld door de overheid. Het is een onafhankelijke instantie die geschillen over de hoogte van de huur, huurverhogingen of onderhoudsgebreken beslecht. Zowel de verhuurder als de huurder kan een beroep op de Huurcommissie doen. Er zijn in totaal 59 Huurcommissies, die ieder voor zich een zelfstandig bestuursorgaan (ZBO) zijn.

Deze week verscheen het rapport Vervolgmeting maatschappelijk rendement van de huurgeschillenbeslechting waaruit blijkt dat een beroep op de commissie in een groot aantal gevallen loont.

De Huurcommissie.
• geeft een oordeel over de redelijkheid van de huurprijs bij de aanvang van de overeenkomst; de huurder kan dit verzoek alleen binnen 6 maanden na aanvang van de overeenkomst doen. (Artikel 7:249 BW)
• geeft een oordeel over de redelijkheid van een door de verhuurder voorgestelde huurverhoging. (Artikel 7:253 BW)
• geeft een oordeel over de redelijkheid van een door de huurder voorgestelde huurverlaging. (Artikel 7:254 BW)
• beoordeelt of er ernstige onderhoudsgebreken zijn; zo ja, dan kan de Huurcommissie de huur tijdelijk verlagen. (Artikel 7:257 BW)
• stelt de betalingsverplichting vast met betrekking tot de servicekosten. (Artikel 7:260 BW)

Het rapport bevat cijfers over de uitspraken die gedaan zijn in van de Huurcommissie resulatten die Onderstaand enkele cijfers uit dat rapport. De getallen zijn gegroepeerd naar het Artikel van de Huurcommissie waaronder het geschil valt.

Vandaag de cijfers die betrekking hebben op Artikel 249. In zaken waarin de Huurcommissie wordt verzocht de aanvangshuur van een woning te
toetsen (artikel 249) , wordt in 42% van de gevallen de huurder in het gelijk gesteld. In Rotterdam, Den Haag en Utrecht geldt dat zelfs voor meer dan de helft van de gevallen.



Uitspraken van de Huurcommissie zijn bindend maar dat wil nog niet zeggen dat de uitspraak ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Er kan bijv. beroep worden aangetekend bij de kantonrechter (binnen 8 weken) of de verhuurder en de huurder maken onderling een afspraak. Het rapport geeft daarom ook de effecten van de uitspraken weer. In het algemeen worden de uitspraken echter goed opgevolgd en wordt de huur verlaagd. Opmerkelijke constatering is dat “de mate waarin verhuurders een uitspraak in een artikel-249-zaak doorvertalen naar de andere woningen in het complex en doorvertalen naar hun beleid is gering.” Met andere woorden. Als uw buurman naar de Huurcommissie stapt en u niet, dan kan het zijn dat voor de buurman de huur wel wordt verlaagd maar voor u niet. Het is dus zaak om persoonlijk bezwaar bij de huurcommissie aan te tekenen.

Dat het daarbij om flinke bedragen gaat laat onderstaand overzichtje zien. Per maand kan het vele tientallen euro’s schelen.



Veel huurders beginnen geen procedure omdat ze de Huurcommissie niet kennen. Het aantal huurders dat een procedure zou kunnen starten maar dat niet doet wordt geschat op zo’n 25%. Dus bij twijfel is het zeker de moeite waard om bij de Huurcommissie bezwaar te maken. U bent een dief van uw eigen portemonne als u dat niet doet. Zonde van het geld.

Komende dagen/weken zal ik nog enkele berichten aan de Huurcommissie. en haar “artikelen” wijden.

Huurcommissie. 'n Nuttige instantie!
-------------------------
Noot TKO: De informatie in bovenstaand bericht komt rechtstreeks (soms letterlijk) uit het rapport Vervolgmeting maatschappelijk rendement van de huurgeschillenbeslechting. Ik geeft hier (en in de volgende postings) slechts delen van het rapport weer. Voor meer informatie en details dient u het rapport na te slaan.

vrijdag 15 augustus 2008

Nimmer Dor en de pers

Door Bob Bouhuijs

Het is interessant om de berichtgeving over Nimmer Dor in de pers eens nader te belichten.

Zoals Theo Kooijmans terecht opmerkte, hebben de kranten de berichtgeving over de uitspraak van de Raad van State inzake de natuurbeschermingswet wat laat opgepakt. Gelderlander en het Streekjournaal publiceerden pas twee weken nadat de uitspraak was gedaan. De Regiobode heeft er zelfs nog geen aandacht aan geschonken.

Het relatief late persbericht van de gemeente is hier ongetwijfeld de reden voor. Theo Kooijmans heeft echter gelijk wanneer hij stelt dat professionele journalisten hun berichtgeving niet dienen te laten bepalen door overheidsinstanties. Een proactieve beroepshouding is daarentegen onontbeerlijk.

Het artikel in de Gelderlander is redelijk evenwichtig, al valt op dat gemeente noch Phanos de gelegenheid krijgen te reageren. Het Streekjournaal is hierin completer: een aantal belangrijke spelers wordt om commentaar gevraagd. Bovendien besteedt deze krant meer aandacht aan het geven van uitleg over de uitspraak.

Beide artikelen komen echter niet verder dan beperkte berichtgeving over de uitspraak en het weergeven van reacties van betrokkenen. Het zou interessant zijn geweest om meer journalistieke diepgang te bereiken door bijvoorbeeld de uitspraak van de Raad van State zelf kritisch tegen het licht te houden. Mijn opmerking dat er sprake is van een ernstige juridische dwaling zou hierbij als hypothese kunnen dienen. Theo Kooijmans en wethouder Luuk Kuiper neigen er bijvoorbeeld naar om de status van het instituut op het werpen als garantie voor betrouwbaarheid en professionaliteit. Mijn uitspraak trekt deze veronderstelling juist ernstig in twijfel. Indien ik gelijk zou hebben - wat volgens mij onbetwistbaar is, maar dat is hier van minder belang -, zou dit zeker nieuwswaardig zijn. Kooijmans en Kuiper hebben namelijk in die zin gelijk dat van de Raad van State verwacht mag worden dat men tot een politiek neutraal, evenwichtig en professioneel oordeel komt. Indien zonneklaar blijkt dat hiervan geen sprake is, zou dit hard nieuws zijn.

Voor een dergelijk onderzoek is het noodzakelijk niet slechts de uitspraak van de Raad aan een analyse te onderwerpen, maar eveneens de bezwaren die de advocaat bij zowel de provincie als bij de Raad heeft ingediend, alsmede de bezwaren van natuurorganisatie A7. Bovendien dient de Raad in de gelegenheid te worden gesteld te reageren op de onderzoeksresultaten. Dit vergt enige tijdinvestering, maar levert wel journalistieke berichtgeving die veel nieuwswaardiger is dan de huidige.

Met het bovenstaande wil ik eigenlijk aantonen dat ook lokale en regionale journalistiek een onderzoeksdimensie kan herbergen. Het valt me op dat lokale en regionale journalisten dit echter vaak af laten weten. Dit is spijtig, want er doen zich, zoals ik met het bovenstaande heb aangetoond, wel degelijk kansen voor.

donderdag 14 augustus 2008

Vandaag moet ik passen

Vandaag moet ik jullie helaas teleurstellen. Geen bericht. Geen gelegenheid voor gehad. Misschien vanavond nog.
Maar zie ook de discussie over Nimmer Dor. Interessant om te volgen.

woensdag 13 augustus 2008

Nimmer Dor - Late reacties op uitspraak Raad van State

Op 1 augustus berichtte ik in het artikel “Groen licht voor Nimmer Dor” over de uitspraak van de Raad van State inzake de bezwaren van de Stichting A7 en de groep “Omwonenden Nimmer Dor”. In de daaropvolgende dagen raakte ik daarover in discussie met Bob Bouhuijs (zie de reacties bij “Groen licht voor Nimmer Dor”). Kennelijk was Bob de enige die het fort verdedigde.

De Gelderlander wijdde er gisteren pas een artikel (staat volgens mij niet op de website) aan . Net als de gemeente Rheden. Die meldde de uitspraak ook pas gisteren op haar website. Merkwaardig hoor, de uitspraak was op 30 juli. Waarom duurde het bijna twee weken voordat de pers en de gemeente er melding van maakten?

Vooral de Gelderlander heeft een steekje laten vallen. Je zou toch verwachten dat een dagblad er alle belang bij heeft om de actualiteit op de voet te volgen. Of is het niet belangrijk genoeg? Zijn er zo weinig abonnees in Laag–Soeren?

Op de website Nimmer Dor NEE, een site van actievoerders tegen de Nimmer Dor-plannen, staat zelfs helemaal (nog?) geen bericht. Geen blijk van echte gedrevenheid. Zijn ze zo teleurgesteld in de uitspraak dat ze er geen woord aan willen besteden? Hebben ze de pijp aan maarten gegeven?

Inmiddels staan er al aardig wat artikelen op deze weblog. Van Riviersteen verwacht ik ook nog het een en ander. Ik heb er vast een dossier voor aangelegd.

Volhouden Bob!

dinsdag 12 augustus 2008

Gewoon beginnen

In de vakantiemaanden kan ik ’n uur langer slapen en toch nog vroeger dan buiten die periode op m’n werk aankomen. Ook ‘s avonds ben ik eerder thuis.

Eigenlijk zou ik dus prima uitgerust moeten zijn maar helaas, de blog roept. En het valt niet altijd mee om iets te verzinnen. Vooral tijdens de vakanties kost dat meer tijd. Als ik achter het toetsenbord plaatsneem weet ik vaak nog niet waarover ik ga schrijven Dan rommel ik wat aan of neem eens een kijkje in mijn “ideeënlijstje” of daar nog ’n geschikt onderwerp tussen zit. Meestal niet, het is te omvangrijk of ik heb er op dat moment gewoon geen zin in. Ik denk dat ik die ideeënbak maar weggooi.

Precies als vandaag. Eigenlijk heb ik er ook helemaal geen zin in.

Maar vrijwel altijd komt er toch wat uit. Soms was het alleen de bedoeling om ’n kort stukje te schrijven maar als ik dan bezig ben dan rol ik van het een in het ander en soms moet ik me dan weer inhouden. Wil ik nog veel meer vertellen maar dan komt m’n nachtrust nog meer in ’t gedrang. Dus brei ik er dan maar weer ’n punt aan.

Ik ben dan ook blij als iemand anders ’n bijdrage wil leveren. ’n Brief, ’n mening of informatie. Kost me nog wel redactie-tijd hoor. Ik wil iets checken, achtergrondinformatie doornemen, plaatjes bijzoeken, wat meer wit in de tekst voegen om het verhaal opener, leesbaarder te maken, ’n korte begeleidende tekst toevoegen etc. Werk genoeg dus maar ik hoef dan zelf niets te verzinnen.

Bovendien komt dan ook eens iemand anders aan het woord. Met een eigen kijk op de zaak. Iedere mening is ’n andere en ik vind het goed om die mening te horen. Mensen die al langer met een onderwerp bezig zijn, daar direct betrokken bij zijn en die vaak veel meer met de inhoud van ’n specifiek onderwerp op de hoogte zijn dan ik.

Diverse mensen hebben inmiddels een steent(je) bijgedragen. Ben ik ze zeer dankbaar voor. Maar op de weblog is plaats voor nog veel meer bijdragen.

Dus. als u zich geroepen voelt om eens een bijdrage aan de weblog te geven: stuur ’n mail naar theo.kooijmans@telfort.nl
of naar theo.kooijmans@tiscali.nl

Ik wil wel graag dat de bijdrage leesbaar is. Gebruik begrijpelijke taal en ga er niet van uit dat lezers wel begrijpen waar het over gaat of wat u bedoelt. Dat kan bij u voor de hand liggen maar geldt niet altijd voor mensen op afstand. Een (korte) introductie is soms wenselijk. Als u ’n verhaal hebt dat te lang is voor één posting dan kunnen we het als ’n serie afleveringen op de site plaatsen.

Zo zie je maar. Ik had toen ik startte geen idee waar ik ’t over zou hebben. Is toch nog redelijk gelukt. Nu nog ’n plaatje erbij zoeken!.

maandag 11 augustus 2008

Prijzen benzine en diesel ontrafeld

De belasting op diesel en benzine bestaat uit drie componenten:

1. Accijns. Een vast bedrag per 1000 liter. Dit stijgt en daalt dus niet mee met de prijzen van olie op de wereldmarkt maar wordt vastgesteld door het kabinet. Deze accijns is per 1 juli voor diesel met 30 euro per 1000 liter (3 cent per liter) verhoogd.

2. Voorraadheffing. Eveneens een vast bedrag dat onderdeel uitmaakt van de accijns. Deze heffing wordt gebruikt voor het onderhouden van een strategische voorraad olieproducten. Hiervoor verantwoordelijk is de stichting Centraal Orgaan Voorraadvorming Aardolieproducten (COVA). Daarom wordt deze heffing ook wel COVA-heffing genoemd.

3. BTW. Op dit moment , augustus 2008, bedraagt de BTW 19%. Dit wordt geheven over het bedrag inclusief accijnzen. De opbrengsten stijgen en dalen dus wel mee met de brandstofprijzen.

In onderstaand tabelletje ziet u de heffingen voor brandstof op een rijtje (bron: Ministerie van Financiën)



Eind juni / begin juli waren de prijzen voor benzine en diesel op een hoogtepunt. Volgens het Oil Bulletin van de Europese Commissie (peildatum 30 juni 2008) waren de kale brandstofstofprijzen in Nederland, de prijzen zonder accijnzen en belastingen, voor benzine en diesel de hoogste binnen de Europese Unie.

Zie onderstaande tabel.
Op grond van die kale prijzen zouden wij voor benzine 1,716 euro moeten betalen en de dieselprijs zou uitkomen op 1,493 euro per liter.

Maar toen kwam de politiek in het geweer die zich afvroeg waarom de brandstofprijzen in Nederland zo hoog waren terwijl de raffinaderijen in Rotterdam zo dichtbij waren zodat de transportkosten juist laag moesten zijn. Zij vroegen om een onderzoek door de Nederlandse Mededingings Autoritie (NMA). De oliemaatschappijen sputterden wat tegen en tegelijkertijd ging de prijs van ruwe olie ook omlaag. Of het nou komt door de politieke druk, de dalende prijs voor ruwe olie of een combinatie van beide weet ik niet maar die kale brandstofprijs moet behoorlijk gezakt zijn.

De kale prijs voor benzine zakte van 74,8 cent naar 65,9 cent per liter en de diesel zakte van 84,4 cent naar 77,6 cent per liter. Alles teruggerekend vanuit de benzine en dieselprijzen (aan de pomp) per 28 juli (volgens het oliebulletin van de Europese Commissie).

Onderstaand de verkoopprijzen voor benzine en diesel in Europa per 28 juli 2008. Klik op een van de afbeeldingen om te vergroten. (Bron: Oil Bulletin Europese Commissie)


De Gelderlander heeft afgelopen week onderzocht hoe het met de prijzen voor autobrandstof in Arnhem en omgeving zat. De laagste prijs voor bezine kwam op 1,499 euro en de laagste prijs voor diesel op 1,269 euro. Daaruit blijkt dat de oliemaatschappijen nog marge genoeg hebben. En Wouter Bos, minister van Financiën, heeft ook niet te klagen.

Onderstaand ziet u tot op 6 cijfers achter de komma hoeveel ieder aan de benzine en diesel overhoudt. De overheid pakt zo'n 93 cent per liter als u benzine tankt en "maar" een schamele 61 cent per liter diesel.
Mag u raden waar straks de grootste accijnsverhogingen op terecht komen. Allemaal vanwege het millieu natuurlijk.



zondag 10 augustus 2008

De verdwenen brief

Bob Bouhuijs vraagt zich af wat er met een advies over de bevolkingsdaling is gebeurd dat de Raad voor het openbaar bestuur (ROB) en de Raad voor de financiële verhoudingen in maart 2008 uitbrachten. Wat heeft de gemeente Rheden met dat advies gedaan?

Het rapport waar Bob naar verwijst beslaat 100 pagina's. Te lang om hier integraal te publiceren. Daarom publiceer ik hier naast zijn bijdrage wel de aanbiedingsbrief die bij het advies hoort maar niet het rapport zelf.

Aan het einde van deze posting vindt u een verwijzing (link) naar de website waar het volledige advies kan worden bekeken en gedownload.


=============================
Door Bob Bouhuijs

De verdwenen brief

Enkele maanden terug publiceerde de Raad voor het openbaar bestuur in samenwerking met de Raad voor de financiële verhoudingen het adviesrapport Bevolkingsdaling. In dit rapport komt naar voren dat bevolkingsdaling en huishoudenskrimp voor gemeenten tal van beleidsrepercussies hebben, niet in de laatste plaats op het terrein van de woningbouw.

Onomwonden stelt het rapport dat krimpgemeenten zich niet dood dienen te staren op het compenseren van deze krimp door het initiëren van grootschalige woningbouwplannen.

Daarentegen wordt gepleit door een veel voorzichtiger benadering, waarin op lokaal niveau onderzoek dient te worden verricht naar de woningbehoefte. Tevens moet hierbij rekening worden gehouden met een scenario waarin (grootschalige) woningbouw niet noodzakelijk is, maar zelfs schadelijk kan zijn.

Omdat de gemeente Rheden ook een krimpgemeente is - het aantal huishoudens neemt af -, ontving ze naar aanleiding van het onderhavige rapport een brief, waarin verwezen werd naar het betreffende rapport.

Het heeft er op zijn minst de schijn van dat de gemeente de inhoud van deze brief volkomen negeert.

Ten eerste gaat ze verder met de voorbereiding van tal van controversiële bouwprojecten waaronder Nimmer Dor en Riverstone, zonder dat deze plannen gebaseerd zijn op adequate onderzoeken naar de lokale woningbehoefte.

In de tweede plaats ziet het er naar uit dat de betreffende brief in de gemeentelijke organisatie verloren is gegaan.

Telefonisch werd ons dit door de afdeling voorlichting medegedeeld. Een brief waarin wij vroegen geïnformeerd te worden over de inhoud van de onderhavige brief, werd domweg niet beantwoord. We ontvingen slechts een ontvangstbevestiging.

Het ziet er naar uit dat hier sprake is van inadequaat bestuurlijk en ambtelijk handelen. Het is onbestaanbaar dat een brief van een dergelijk belang verloren gaat en niet wordt meegewogen bij het maken van beleidskeuzen of het herbezinnen op bestaand beleid.

Onderstaand de aanbiedingsbrief bij het advies
===================================

Geachte dames en heren,

Volgens de prognoses van het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft in 2025 ruim de helft van de gemeenten minder inwoners dan nu. Ook uw gemeente hoort bij deze groep krimpende gemeenten. Daarom attenderen wij u graag op de uitkomsten van het onderzoek van de Raad voor het openbaar bestuur (Rob) en de Raad voor de financiële verhoudingen (Rfv) naar de bestuurlijke en financiële consequenties van bevolkingsdaling (zie bijlage).

Hoewel het CBS verwacht dat pas vanaf 2035 de Nederlandse bevolking als geheel in aantal zal afnemen, zijn er nú al volop gemeenten die hun inwoneraantal terug zien lopen. Na jaren van groei, is dat een flinke omschakeling. In de 20e eeuw is de Nederlandse bevolking meer dan verdrievoudigd. De belangrijkste opgave voor bestuurders was dan ook het realiseren en kanaliseren van groei: meer inwoners, meer huizen, voorzieningen, etc. Voor bestuurders van krimpende gemeenten komt hier een nieuwe uitdaging voor in de plaats: het anticiperen op en in goede banen leiden van het dalende inwonertal. Groeistrategieën moeten worden omgevormd in krimpstrategieën.

Bevolkingsdaling heeft gevolgen voor vele beleidsterreinen én voor de gemeentelijke financiën. Een duidelijk voorbeeld is onderwijs. Bij dalende leerlingaantallen kunnen op den duur niet alle basisscholen open blijven. Welke sluit je dan? Hoe voorkom je dat de betreffende buurt, wijk of kern door het sluiten van de school verder leegloopt? Dat zijn moeilijke vragen en dergelijke keuzes vragen grote bestuurlijke moed. Kiezen voor een groeistrategie, waarbij bijvoorbeeld door uitbreiding van de woningvoorraad geprobeerd wordt om het aantal inwoners weer te verhogen is verleidelijk. Dit mede omdat groei synoniem staat voor vooruitgang en uitbreiding van de (financiële) mogelijkheden. Sommigen zien krimp zelfs als bestuurlijk falen. Dit is beslist ten onrechte.

Kiezen voor een groeistrategie is – zeker als de omliggende gemeenten ook krimpen – contraproductief. Het leidt tot oneigenlijke concurrentie tussen gemeenten om inwoners en kan leiden tot bouwen voor leegstand. Energie, tijd en middelen die geïnvesteerd worden in het nastreven van groei zijn niet beschikbaar voor het anticiperen en reageren op de daling. Bestuurders doen er goed aan nu rekening te gaan houden met krimp, ook als die zich nog niet direct in de gemeente voordoet. Regionale samenwerking is daarbij van groot belang. De remweg van ingezet beleid is lang. Acceptatie van krimp betekent niet lijdzaam toezien. Er zal moeten worden geïnvesteerd in leefbaarheid.

Bijgevoegd vindt u het advies van de Raad voor het openbaar bestuur (Rob) en de Raad voor de financiële verhoudingen (Rfv) aan staatssecretaris Bijleveld-Schouten van Binnenlandse zaken en koninkrijksrelaties. Het advies gaat in op de bestuurlijke en financiële gevolgen van bevolkingsdaling en doet verschillende aanbevelingen ter aanpassing van de bestaande regelingen. Aan de orde komen onder meer:
- rolverdeling tussen gemeenten, provincies en het Rijk: wie is waarvoor verantwoordelijk?
- gevolgen van bevolkingsdaling voor gemeentelijke inkomsten (gemeentefonds, specifieke uitkeringen, eigen inkomsten) en uitgaven
- gevolgen van bevolkingsdaling voor de woningmarkt en het voorzieningenaanbod

Wij hopen dat ons onderzoek u concrete handvatten biedt. Voor reacties van uw kant staan wij open.


De voorzitter van de
Raad voor het openbaar bestuur,

prof. dr. J.A. van Kemenade

De voorzitter van de
Raad voor de financiële verhoudingen

mr. M.A.P. van Haersma Buma

Klik hier voor het volledige rapport op de website van beide Raden

zaterdag 9 augustus 2008

Brood en spelen

In het artikel "Mondiale kredietcrisis is verre van uitgewoed" in de NRC van vandaag zetten Egbert Kalse en Daan van Lent nog eens helder de oorzaken en de historie van de kredietcrisis op een rijtje.

Donkere wolken pakken zich samen. De economie dondert in elkaar.

Met het brood gaat het (in de nabije toekomst) dus minder goed maar gelukkig hebben we de Olympische Spelen nog. Oogkleppen op en erg aardig doen tegen China. Ze hebben het toch maar weer geflikt. Een kniesoor die zich druk maakt over onderdrukking, het verdrijven en opsluiten van mensen of nog erger. We leven ons liever uit op dictators van kleinere landen in arme streken. Daar hebben we economisch weinig last van en die kunnen we nog wel aan. Straks komen natuurlijk de verhalen. "Het is helemaal niet zo erg in China. Je moet er zelf geweest zijn om te kunnen oordelen. Ik ben er immers geweest."

En ja, als je geld wilt verdienen moet je de Chinezen (welke?) niet voor het hoofd stoten. Toch?
(Klik hier voor de Free Tibet-afbeelding op flickr.com. )

Hoelang is het ook alweer geleden? Weten we het nog? Berlijn 1936 en wat daarop volgde?
Klik op het driehoekje om het YOUTUBE filmpje te starten.

vrijdag 8 augustus 2008

Vrachtwagenverbod geschorst. Laag Soeren terug bij af!

Er komt voorlopig geen vrachtwagenverbod in Laag Soeren. De voorzieningrechter heeft de besluiten van de gemeente Rheden geschorst.

Website Rechtspraak.nl meldde het in zijn actualiteitenoverzicht.

De Soerenaren moeten nu wachten op de uitslag van de bodemprocedure die door Brummen is aangespannen. Dat kan nog wel even duren.

Woensdag berichtte de Gelderlander al dat de rechter kritiek had op de door gemeente Rheden aangedragen informatie en onderbouwing.

Is de gemeente Rheden in de voorbereiding te gemakzuchtig geweest?

Brummen was er als de kippen bij om het nieuws op haar website te melden.

Op de website van Rheden stond gisteravond om 22:00 uur nog niets.

Het volledige verslag van de uitspraak zal meer licht in de duisternis brengen.

Onderstaand het bericht van Rechtspraak.nl
--------------------------------
Voorzieningenrechter schorst besluiten college B en W Rheden

Arnhem, 7 augustus 2008 – De voorzieningenrechter schorst bij wijze van voorlopige voorziening de besluiten van het college van burgemeester en wethouders (college van B&W) Rheden van 20 maart 2007 en 1 juli 2008. Op 20 maart 2007 besloot het college van B&W Rheden dat de Harderwijkerweg te Laag-Soeren ter hoogte van de bebouwde kom gesloten dient te worden voor vrachtverkeer, met uitzondering van bestemmingsverkeer.

Het college van B&W Brummen maakte daar bezwaar tegen. Op 1 juli 2008 verklaarde het college van B&W Rheden dit bezwaar ongegrond en handhaafde het verkeersbesluit van 20 maart 2007.

Beide beslissingen zijn geschorst totdat de rechtbank Arnhem uitspraak heeft gedaan in de bodemprocedure.

Bron: Rechtbank Arnhem
Datum actualiteit: 7 augustus 2008

donderdag 7 augustus 2008

Los spul

Ik had gisteren geen tijd om uitgebreid op het toetsenbord te hameren. Maar er vielen me toch nog wat interessante dingetjes op waar ik kort wat op kan zeggen.

In de Gelderlander stond gisteren ’n verslag van de rechts-strijd tussen Rheden en Brummen over het vrachtwagenverbod in Laag-Soeren. Het schijnt 1-0 voor Brummen te staan. De rechter wees Rheden op gaten in het betoog en ontbrekende informatie. Maar soms kan je je vergissen. Je mag er toch vanuitgaan dat Rheden zich zeer gedegen op zo’n belangrijke kwestie heeft voorbereid.
De rechter was blijkbaar scherp maar dat wil nog niet zeggen dat ie in het nadeel van Rheden besluit. Vandaag wordt de uitspraak verwacht.

Morgen worden de Olympische Spelen officieel geopend maar gisteren is al gestart met het vrouwenvoetbal en vandaag trapt de wedstrijd Nederland-Nigeria (mannen). Het is genant om te zien hoe politici zich in alle bochten wringen om de Spelen in China te rechtvaardigen. Meestgehoord is dat sport en politiek niet door elkaar moeten worden gehaald. Politiek is een vaag containerbegrip. En vooral in dit verband klinkt dat zo “algemeen”. Het gaat in de eerste plaats over een onderdeel van politiek: mensenrechten. Als je zegt dat je sport en mensenrechten van elkaar moet scheiden klinkt het al heel anders.

Zeg gewoon dat je van het spektakel wilt genieten. Dat ben ik ook van plan. Eens kijken wat de Chinezen uit de kast trekken.

En de VVD (lees: Haverkamp) voelde zich genoodzaakt om uit te leggen wat Haverkamp nou precies met “azijnzeikers” bedoelde. Het is me nog steeds niet helemaal duidelijk. Ik zal ‘m er ‘ns naar vragen. Trouwens als je dit leest Ronald dan mag je ook op m’n weblog reageren hoor!

woensdag 6 augustus 2008

The Good, the Bad and the Ugly

Eens een ander onderwerp. Maar wel een waar we allemaal op de een of andere manier mee te maken krijgen. Er komen steeds alarmerender berichten uit Amerika. De Amerikaanse hypotheekcrisis veroorzaakt steeds grotere economische problemen.

De bel voor de 2e ronde heeft geklonken. Nadat eerder de markt voor de zgn. sub-prime hypotheken was ingestort is nu de volgende groep aan de beurt.

Dat zijn de huizenbezitters die met hun hypotheken net in het segment daarboven zitten. Deze mensen hadden bij het afsluiten van de hypotheek geen schulden. Dat was ook het enige dat werd gecontroleerd. Zij hoefden verder geen bewijzen van inkomsten te laten zien. Deze hypotheken worden Alt-A hypotheken genoemd.

Door de inzakkende Amerikaanse economie komen veel van deze mensen in de problemen. Zij kunnen hun hypotheek niet meer bekostigen. En het gaat om grote groepen. In een jaar tijd is het aantal mensen dat zijn betalingsverplichtingen niet meer nakomt verveelvoudigd. Een op de zeven `a acht mensen met een Alt-A hypotheek zit in de problemen.

En ook de “ goede” (prime) hypotheken komen in het vizier van de kredietcrisis. Ook daar stijgt het aantal mensen met hypotheekproblemen.

Banken en verzekeraars hebben inmiddels voor honderden miljarden euro’s stroppen geleden. De nieuwe crisis (of, zo u wilt, de verscherping van de crisis) zal een nog grotere impact hebben. De uitstraling naar de economie is groot. De financiële instellingen eisen steeds meer zekerheden en de rentes stijgen. Investeringskredieten zijn steeds moeilijker te krijgen en de werkloosheid stijgt.

De huizenprijzen in Amerika dalen met procenten tegelijk. Ook in Europa komen er barsten in de huizenmarkt. Spanje, Ierland en Engeland kennen al dalende prijzen.

De dominostenen vallen om. Het is naïef om te denken dat dit volledig aan Nederland voorbijgaat. Wij zijn hier niet onkwetsbaar. De huizenmarkt loopt vast en het vertrouwen in de economie daalt. En als wij niet meer aan het buitenland kunnen verkopen dan krijgen we forse problemen.

Uiteindelijk lost alles zichzelf op. Maar zonder kleerscheuren zullen we er niet vanaf komen.

En dan hebben we het nog niet eens over de energieprijzen gehad.

dinsdag 5 augustus 2008

Hap HAP

D’r wordt wat afgeHAPt.

Voor Willem Pieper en het zieltogende Gemeentebelangen kwamen de opmerkingen van directievoorzitter van Eelco de Boer van Alysis over verplaatsing van de Huisartsenpost van Ziekenhuis Velp naar Rijnstate als een geschenk uit de hemel. Zo kan het imago van Gemeentebelangen dat door de deelname aan Rhedense college en het gedraai in Hart van Dieren behoorlijk averij had opgelopen weer een flinke oppepper krijgen.

Maar gelijk heeft Willem wél. De HAP in Velp moet blijven!

De PvdA haastte zich om ook een duit in het zakje te doen. Zij eist ook verklaringen van Alyssis. Maar dat doet wat potsierlijk aan. Daarmee hopen ze natuurlijk Willem de wind uit de zeilen te nemen maar van mij mag Willem alle credits hebben. Het is “zijn” ziekenhuis waar hij altijd voor heeft gestreden.

Overigens. Het is niet zwart of wit. Volgens mij is er best plaats voor nog ‘n HAP. De “markt”is daar groot genoeg voor. Het gebied dat de HAP nu bestrijkt is veel te groot. Ik heb geen probleem met een extra HAP in Rijnstate. Een HAP die voor inwoners aan de west- en noordzijde van Arnhem, Oosterbeek en Doorwerth beter bereikbaar is. Als de HAP in Velp maar blijft.

Huisartsen zijn ook mensen en ik begrijp best dat ook zij korter willen werken. Maar waar ligt de grens. Nu nemen er zo’n 60 artsen deel in de HAP. Moeten dat er soms nog meer worden. Gaan ook huisartsen uit nog verder weggelegen plaatsen deelnemen zodat het gebied dat zo’n HAP bestrijkt nog groter wordt?

Hoe zit het met de maatschappelijke plicht van de huisartsen? Gaat het hen alleen nog om vrije tijd? Ik mag toch hopen van niet!

Trouwens. Een van de effecten van een verplaatsing van de HAP naar Rijnstate is dat de huisartsen het nog drukker krijgen. Immers de afdeling Spoedeisende Hulp helpt nu vaak mensen die eigenlijk eerst langs een huisarts moeten. Die komen er dan dus nog bij. Dat betekent dat er ook meer huisartsen in die Rijnstate-HAP moeten werken dan nu in de Velp-HAP. Dan zouden de huisartsen zowiezo minder vrije tijd krijgen.

De HAP in Velp moet blijven. Ziekenhuis Velp is al genoeg uitgekleed en voor de inwoners aan de oostzijde van Arnhem, Velp en de rest van de gemeente Rheden zou verplaatsing van de HAP naar Rijnstate een forse aderlating betekenen.

Uit de uitlatingen van Floris Terhaar Sive Droste van de HAP in Velp blijkt overigens dat een HAP niet persé in Rijnstate of Ziekenhuis Velp hoeft te worden gehuisvest. Dat kan ook elders. De HAP is een onafhankelijke organisatie en bepaalt zelf waar zij zich vestigt. Vertrek van het HAP uit het ziekenhuis Velp betekent wel een verzwakking van het economische fundament onder Ziekenhuis Velp. En dat soort argumenten willen we Alysis nou juist niet geven. Dus blijf maar lekker in Ziekenhuis Velp.

Holle bolle Rijnstate gaat maar op dieet.

maandag 4 augustus 2008

Traverse Dieren - Ramingen op achterkant sigarendoosje?

Note: typefouten hersteld (4/8, 21:03)).
Het alternatief 3 voor de Traverse Dieren dat de gemeente en provincie bij het rijk hebben gedropt kost tussen de 81,2 miljoen (variant 3a) en 89,5 miljoen euro’s (variant 3b).

Tot nu toe ben ik in het openbaar nog geen opmerkingen over die bedragen tegengekomen. Of ik moet die over het hoofd hebben gezien.

En onder wiens verantwoordelijkheid zijn deze cijfers bepaald? Was dat de verantwoordelijkheid van de gemeente, de provincie of hebben zij die in gezamenlijkheid berekend ?

Ligt er gedegen onderzoek aan deze bedragen ten grondslag of zijn deze cijfers op de achterkant van een sigarendoosje tot stand gekomen? Zijn de eurootjes weer met veel optimimisme en weinig realiteitszin bij elkaar opgeteld? Net als in 2004/2005?

De politiek heeft in Hart van Dieren vreemde bokkesprongen gemaakt. Slechts één van de betrokken bestuurders heeft daarvoor het boetekleed aangetrokken maar de overige betrokken bestuurders zitten nog steeds in het zadel. Dat geeft weinig vertrouwen voor de toekomst.

En de wijze waarop de Tafel van 10 naar “unanimiteit” is gemanipuleerd geeft ook te denken. Ik heb het niet uit de verslagen van de Tafel van 10 kunnen opmaken. En enkele deelnemers aan die Tafel hebben mij bovendien nadrukkelijk en persoonlijk gezegd dat er van unanimiteit geen sprake was. Dat “unanieme” werd alleen door de politiek vastgesteld. Met in haar kielzog een deel van de pers.

Ik waarschuw er hier alvast maar weer voor. Als de berekeningen die nu gemaakt zijn al niet deugen dan gaat het opnieuw mis. In 2005 waarschuwde ik voor kostenoverschrijdingen en dat doe ik nu alvast weer. En dat kan niet vroeg genoeg aan het licht komen.

Dat kan ik ook nog wel even onderbouwen hoor. In het kostenplaatje dat bij de alternatieven voor de Traverse Dieren was gevoegd staan ook de kosten voor de varianten zónder en mét de oostelijke aansluiting bij het kanaal. Die oostelijke aanlsuitingen zijn identiek. Maar in variant 1 kost dat 9,9 miljoen euro extra, in variant 8,0 miljoen euro en in variant 3 bedragen de kosten voor de oostelijke aansluiting 8,3 miljoen euro.

In mijn ogen een aanwijzing voor rammelende ramingen.


Provincie en gemeente zijn in iedere geval samen verantwoordelijk voor de gepresenteerde bedragen want zij hebben eensgezind alternatief 3 bij de minister neergelegd. Althans, dat van die eensgezindheid mag ik toch aannemen. Of is dat toch niet zo vanzelfsprekend?

Ik zie in ieder geval nog geen tekenen van enthousiasme bij de provincie.

In 2002 leek de provinciale gedeputeerde de Bondt, in de aanloop naar Hart van Dieren, aanzienlijk enthousiaster over de plannen dan zijn opvolgster, de huidige gedeputeerde van Haaren over de Traverse Dieren. Ik zie nu eigenlijk alleen maar uitspraken van wethouder Kuijper en de gemeente Rheden in de pers.

De Bondt ging er destijds voor en tijdens die lobby manifesteerde hij zich ook met veel verve in de pers terwijl de combinatie Van Haaren en de Traverse Dieren in de publiciteit afwezig is.

Maar blijkbaar is er niemand binnen de politiek die zich dit soort vragen stelt. Erg verontrustend. Niemand die zich daar zorgen over maakt. En al zeker niet binnen de gemeenteraad.

U had het al begrepen: ik heb er geen greintje vertrouwen in!

Niet in de cijfers en ook niet in een eensgezinde samenwerking van provincie en gemeente!

Onderstaand nog eens de alternatieven. De verschillen tussen de a-variant en de b-variant zitten 'm alleen in de oostelijke aansluiting bij het kanaal.







zondag 3 augustus 2008

Rozendaalse Veld - Gemeente kapt door

Ik heb nóg 'n rechtszaak voor u.

Dit keer over de strijd om de aanleg van de zandbak op het Rozendaalse Veld.

Enkele Geërfden van Velp hadden een voorlopige voorziening aangevraagd tegen de ontheffing van de herplantplicht door de gemeente Rheden. Met die voorlopige voorziening zou de houtkap op het Rozendaalse Veld moeten worden gestaakt.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen.De vier aanvragers kregen nul op het rekest. Erg jammer!

Het ministerie Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit had die ontheffing verleend. De gemeente wil het verlies aan bos niet compenseren op een andere plek.

Het gaat om 20,48 hectare er bos, een gedeelte van het areaal dat moet wijken voor het zand.

De verwoesting gaat onverminderd voort. Ik ben nog niet in de gelegenheid geweest om nieuwe foto’s of een filmpje van de plek des onheils te maken. Dus als iemand die voor me heeft dan hou ik me aanbevolen.

Er viel me trouwens nog iets op. Het kan toeval zijn. Daarom zal ik er pas iets over zeggen als ik meer informatie heb.

Onderstaand de uitspraak.
Bron: rechtspraak.nl
=====================
LJN: BD8807,Voorzieningenrechter College van Beroep voor het bedrijfsleven , AWB 08/494

Datum uitspraak: 18-07-2008
Datum publicatie: 29-07-2008
Rechtsgebied: Bestuursrecht overig
Soort procedure: Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie: Boswet Compensatie herplantplicht

Uitspraak
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Voorzieningenrechter


AWB 08/494 18 juli 2008
11020 Boswet
Compensatie herplantplicht


Uitspraak op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak van:

A en drie anderen, te B, verzoekers,
tegen
de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, verweerder,
gemachtigde: mr. E.M. Reijnders, werkzaam bij verweerder,

waaraan voorts als partij deelneemt:
de Gemeente Rheden, (hierna: de gemeente)
gemachtigden: G.A. Bannink en N. Moll, beiden werkzaam bij de gemeente.

1. De procedure
Bij brief van 31 mei 2008, ter griffie van het College ontvangen op 4 juni 2008, hebben verzoekers beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 24 april 2008.

Bij dit besluit heeft verweerder beslist op het bezwaarschrift van verzoekers tegen zijn besluit van 22 januari 2008, waarbij is ingewilligd een door de gemeente ingediend verzoek om ontheffing van de herplantplicht op grond van de Boswet.

Verzoekers hebben bij brief van 3 juli 2008 de voorzieningenrechter van het College verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Verweerder heeft bij brief van 11 juli 2008 een schriftelijke reactie gegeven op het verzoek.

Het verzoek is ter zitting behandeld op 17 juli 2008. Verschenen zijn voor verzoekers A, C en D. Verweerder en de gemeente hebben zich doen vertegenwoordigen door hun gemachtigden.

2. De grondslag van het geschil
2.1 De Boswet luidt, voorzover hier van belang, als volgt:

" AFDELING II
Artikel 2
1. Hij, die het voornemen heeft om tot vellen of doen vellen van houtopstand, anders dan bij wijze van dunning, over te gaan, is verplicht van dat voornemen ten minste één maand doch niet langer dan één jaar tevoren door toezending van een formulier, dat als aangetekend stuk wordt verzonden, kennis te geven aan Onze Minister alsmede, zo hij niet de eigenaar is van de te ontbloten grond, ook aan deze laatste. Onze Minister stelt het model voor dit formulier vast.
Onze Minister zendt onverwijld een bevestiging van de ontvangst van de kennisgeving.
2. (...)
3. Het is verboden te vellen of te doen vellen, anders dan bij wijze van dunning, zonder dat een voorafgaande tijdige kennisgeving als bedoeld in het eerste lid is gedaan.

Artikel 3
1. De eigenaar van grond, waarop een houtopstand, anders dan bij wijze van dunning, is geveld of op andere wijze tenietgegaan, is verplicht binnen een tijdvak van drie jaren na de velling of het tenietgaan van de houtopstand te herbeplanten volgens regelen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen.
2. De in het vorige lid bedoelde eigenaar is tevens verplicht beplanting die niet is aangeslagen binnen drie jaren na de herbeplanting te vervangen.
3. De in de voorgaande leden bedoelde eigenaar kan aan Onze Minister een verklaring vragen, inhoudende dat de door hem voorgestelde herbeplanting voldoet aan de regelen, krachtens het eerste lid gesteld.

AFDELING III

Artikel 8
Tegen een op grond van Afdeling II genomen besluit kan een belanghebbende beroep instellen bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.

AFDELING VI

Artikel 13
1. Onze Ministers van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen en van Landbouw en Visserij kunnen ter bewaring van natuur- en landschapsschoon het vellen en doen vellen, anders dan bij wijze van dunning, van bossen en andere houtopstanden telkens voor ten hoogste vijf jaar verbieden.
2. (...)"

Artikel 2 van het Koninklijk Besluit van 20 juni 1962, houdende regelen ten aanzien van de verplichting tot herbeplanting, bedoeld in artikel 3 van de Boswet (hierna: het Koninklijk Besluit), luidt als volgt:

" Artikel 2
1. Aan de verplichting tot herbeplanting, bedoeld in artikel 3 van de Boswet, moet worden voldaan door beplanting van de grond, waarop zich de gevelde houtopstand bevond, of van andere grond, voor zover Onze Minister hiertoe toestemming heeft verleend.
2. Onze Minister verleent de in het eerste lid bedoelde toestemming, tenzij:
a. de grond die de eigenaar wil beplanten gelegen is in een ander gebied dan dat waar zich de gevelde houtopstand bevond;
b. de grond die de eigenaar wil beplanten van mindere kwaliteit is dan die waarop zich de gevelde houtopstand bevond;
c. de grond die de eigenaar wil beplanten een kleinere oppervlakte heeft dan die waarop zich de gevelde houtopstand bevond;
d. de gevelde houtopstand deel uitmaakte van een boskern;
e. andere belangen, welke verband houden met de bodemproduktie, hierdoor zouden worden geschaad.
3. Op grond van bijzondere omstandigheden kan Onze Minister ook in de in het tweede lid genoemde gevallen de in het eerste lid bedoelde toestemming verlenen. Aan deze toestemming kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden.
4. Voor de toepassing van het bepaalde in het tweede lid, aanhef en onder a, verdeelt Onze Minister bij regeling het Rijk in gebieden."

2.2 Bij de beoordeling van het verzoek om voorlopige voorziening gaat de voorzieningenrechter uit van de volgende feiten en omstandigheden.

- Verzoekers maken deel uit van de "Geërfden van het dorp B". In 1921 heeft deze groep het Rozendaalse Veld (waarbinnen het Rozendaalse Zand is gelegen) onder voorwaarden geschonken aan de gemeente.

- In 2005 heeft de gemeente het plan opgevat om op het Rozendaalse Zand de oorspronkelijke zandverstuiving in ere te herstellen. Daarvoor is noodzakelijk dat ongeveer 19 hectare bos en opslag wordt verwijderd en van nog eens 20 hectare de bovenste vegetatielaag wordt afgevoerd.

- Door middel van het formulier "Kennisgeving van een voorgenomen velling Boswet, artikel 2", door verweerder ontvangen op 28 september 2007, heeft de Bosgroep Midden Nederland verweerder in kennis gesteld van de voorgenomen velling van 2045 are grove den in het Rozendaalse Zand ten behoeve van het herstel van stuifzand.

- Verweerder heeft de Bosgroep Midden Nederland en de gemeente, als eigenaar, bij brief van 1 oktober 2007 de ontvangst van deze melding bevestigd.

- Aangezien verweerder niet binnen een maand na 28 september 2007 heeft gereageerd op de melding, kwam de Bosgroep Midden Nederland vanaf dat moment de bevoegdheid toe met de kapwerkzaamheden te beginnen.

- De gemeente heeft bij formulier "Tot ontheffing, uitstel of compensatie in het kader van de kennisgeving voorgenomen velling", door verweerder ontvangen op 22 september 2007, toestemming gevraagd om bij wege van compensatie op andere gronden aan de herplantplicht te voldoen.

- Bij soortgelijk formulier, door verweerder op 30 november 2007 ontvangen, heeft de gemeente een verzoek om ontheffing van de herplantplicht ingediend.

- De gemeente heeft bij brief van 29 november 2007 het compensatieverzoek ingetrokken.

- Verweerder heeft bij besluit van 22 januari 2008 het verzoek om ontheffing van de herplantplicht ingewilligd.

- Bij brief van 1 februari 2008 hebben (onder meer) verzoekers bezwaar gemaakt tegen dit besluit.

- Op 13 februari 2008 heeft een hoorzitting plaatsgevonden

- Bij uitspraak van 4 februari 2008 heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Arnhem een groep Geërfden niet-ontvankelijk verklaard in hun vordering dat de gemeente op straffe van een dwangsom wordt verboden, zolang de toestemming van de Geërfden ontbreekt, tot het vellen van voornoemde 19 hectaren bos over te gaan.

- Vervolgens heeft verweerder het bestreden besluit van 24 april 2008 genomen, waarbij de bezwaren van verzoekers ongegrond zijn verklaard.

3. Het standpunt van verzoekers
Verzoekers hebben de voorzieningenrechter gevraagd verweerders besluit te vernietigen en daaraan voor de gemeente het rechtsgevolg te verbinden dat de werkzaamheden moeten worden stilgelegd tot zes weken nadat een nieuw besluit is genomen op (een eventueel nieuw) verzoek om ontheffing van de herplantplicht of nadat op een nieuw verzoek om een voorlopige voorziening is beslist dan wel, om, gelet op het spoedeisend belang verbonden aan de instandhouding van het resterende bos en de dreiging van de hervatting van de vellingswerkzaamheden na 15 juli 2008, bij wijze van voorlopige voorziening het besluit te schorsen tot zes weken nadat opnieuw is beslist op het bezwaar, met dien verstande dat de stillegging van de werkzaamheden blijft gehandhaafd totdat op een eventueel nieuw verzoek om voorlopige voorziening zal zijn beslist.

Ter onderbouwing van dit verzoek hebben verzoekers het volgende naar voren gebracht.

Het besluit van de gemeente om een deel van het bos te kappen, is niet in overeenstemming met de in de schenkingsakte voorziene procedure genomen. De gemeente heeft nagelaten betrokkenen tijdig te informeren en een draagvlak te creëren.

Tijdens een buitengewone vergadering van Geërfden heeft een ruime meerderheid van de aanwezigen onder meer uitgesproken dat de schenkingsvoorwaarden zijn geschonden.

Verzoekers zijn als Geërfden geraakt in hun belang, dat valt terug te voeren op een eeuwenoud recht, dat zijn vorm heeft behouden in de schenkingsakte uit 1921. Subsidiair zijn verzoekers getroffen in hun belang als omwonenden, die recreatief gebruikmaken van de bossen en op die grond de instandhouding en het beheer van het bos in hoge mate waarderen en nodig hebben.

Kennelijk is verweerder echter van mening dat het herstel van een zandverstuiving een maatschappelijk belang van hogere orde is dan het voorkomen van verdere achteruitgang van het bosareaal in Nederland. Hij motiveert dat evenwel niet en verlaat zich, zonder eigen onderzoek, op het advies van de Provincie Gelderland en de Regionale Beleidsdirectie. Zelfs indien al wordt toegestaan dat niet ter plaatse wordt herplant in verband met stuifzandontwikkeling, had een verplichting tot compensatie moeten worden opgelegd. Verweerder heeft zich eerst naar aanleiding van het bezwaar van verzoekers nader laten informeren. Het kappen van dit bos betekent een achteruitgang van het bosareaal in Nederland en een achteruitgang van het bindvermogen voor broeikasgassen. Het criterium "waardevolle beplanting" is er met de haren bijgesleept. Verweerder stelt vervolgens dat, omdat sprake zou zijn van "stuifzandherstel in kansrijke situaties", het project kan worden aangemerkt als een "bijzonder geval voor ontheffing van de herplantplicht". Dat is geen belangenafweging. De aan het besluit ten grondslag liggende rapporten zijn ook niet overtuigend. De ratio voor het kappen is flinterdun. Herstel van de zandverstuiving, zoals deze er tot 1950 bij lag, zou een bevredigende situatie opleveren. Verweerder kan zich niet beroepen op de Nota Open Bos uit 1995, die niet een door het parlement geaccordeerde grondslag biedt om ontbossing zonder compensatie toe te staan.

Ter zitting hebben verzoekers hieraan toegevoegd dat zij pas begin december 2007 op de hoogte kwamen van het voornemen om de betrokken houtopstand te kappen, zodat zij niet eerder in de gelegenheid zijn geweest om zich, bijvoorbeeld door een kapverbod te vragen, tegen de melding te verzetten.

4. Het standpunt van verweerder
Verweerder heeft in zijn schriftelijke reactie van 11 juli 2008 het volgende gesteld.
De Bosgroep Midden Nederland heeft op 28 september 2007 gemeld voornemens te zijn het in het geding zijnde bosbestand, op het grondgebied van de gemeente Rheden, te vellen. Verweerder heeft niet vastgesteld dat een kapverbod was geïndiceerd en verzoekers hebben ook niet om zo'n verbod gevraagd. Tegen de kapmelding is niet geageerd, zodat de gemeente gerechtigd is de bomen te vellen. Ongeveer 75% van het bosbestand is reeds geveld in februari 2008. Vanaf 15 juli 2008 wordt de rest gekapt. Een eventuele vernietiging van het besluit van 24 april 2008 zou slechts de herplantplicht uit de Boswet doen herleven. Met vernietiging wordt niet bereikt dat niet geveld mag worden. Het met het indienen van het verzoek beoogde doel - het in stand houden van het resterende bos - kan dan ook niet worden bereikt. Van onverwijlde spoed in de zin van artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is dan ook geen sprake. Over het al dan niet terecht verlenen van een ontheffing van de herplantplicht kan ook later, in de bodemprocedure, worden geoordeeld. Indien het College dan oordeelt dat deze ontheffing onrechtmatig is, kan daarmee hooguit alsnog de herplant worden verzekerd.

De door verzoekers geschetste historische achtergrond is een civielrechtelijke kwestie tussen de Geërfden en de gemeente en valt buiten het bestek van deze procedure. Ter onderbouwing van het besluit is verwezen naar adviezen van de provincie en haar regionale beleidsdirectie, waaruit genoegzaam blijkt waarom stuifzandherstel een ontheffing van de herplantplicht rechtvaardig en dat het stuifzandherstel kansrijk is. Verweerder beschikt niet over een eigen adviesorgaan en was niet gehouden zelfstandig nader onderzoek te doen. Verweerder heeft niet kunnen vaststellen dat de uitgebrachte adviezen kennelijk onjuist zouden zijn. De door verzoekers geleverde kritiek is niet onderbouwd.

5. De beoordeling van het geschil
Hangende beroep bij het College kan de voorzieningenrechter op grond van artikel 19, eerste lid, van de Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie juncto artikel 8:81, eerste lid, Awb een voorlopige voorziening treffen, indien onverwijlde spoed dat, gelet op de betrokken belangen, vereist. Voorzover in deze uitspraak een oordeel wordt gegeven over de rechtmatigheid van het bestreden besluit, is sprake van een voorlopig oordeel dat het College niet bindt in de aanhangige bodemprocedures.

De voorzieningenrechter gaat - ook al is niet uitgesloten dat het College bij behandeling van de hoofdzaak tot een ander oordeel zal komen - er vooralsnog van uit dat de belangen van verzoekers rechtstreeks betrokken zijn bij het besluit waarbij de ontheffing van de herplantplicht is verleend. Weliswaar wonen verzoekers op circa 2 km afstand van het betrokken terrein, zodat betwijfeld moet worden of zij als omwonende zijn aan te merken, maar zij bezitten, zoals door verweerder ter zitting is opgemerkt, door hun status van “Geërfde van het dorp B” rechten ten aanzien van het terrein, zoals het hebben van toegang tot de jacht, die naar voorlopig oordeel een rechtstreeks belang kunnen opleveren.

Gelet op de inhoud van het verzoekschrift en hetgeen daaromtrent ter zitting is verklaard strekt het verzoek om schorsing en voorlopige voorziening er toe te voorkomen dat de betrokken houtopstand - voorzover velling (nog) niet heeft plaatsgevonden - hangende de behandeling van het beroep tegen het besluit waarbij is beslist omtrent ontheffing van de herplantplicht, wordt geveld. Aan de orde is derhalve de vraag of dit doel in deze procedure kan worden bereikt. Dat is niet het geval indien het besluit, waarbij de ontheffing van de herplantplicht is gehandhaafd, zou worden geschorst. Immers, zoals verweerder terecht heeft gesteld, staat in dat geval het bepaalde bij en krachtens de Boswet er niet aan in de weg dat de grondeigenaar de velling van de betrokken houtopstand voortzet.

De voorzieningenrechter begrijpt het door verzoekers ontwikkelde betoog aldus dat de besluitvorming van verweerder ter zake van de ontheffing in wezen tevens de weigering inhoudt om op enig moment een kapverbod als bedoeld in artikel 13, eerste lid, van de Boswet op te leggen. Een zodanige weigering zou dan mede de inzet van de procedure kunnen vormen, zo lijken verzoekers te stellen.

De voorzieningenrechter leidt uit de systematiek van de Boswet evenwel af dat een besluit om ontheffing te verlenen van de herplantplicht moet worden onderscheiden van een besluit omtrent het al dan niet opleggen van een kapverbod. Die systematiek zou, naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter, te zeer geweld worden aangedaan wanneer die ontheffing in dit geval mede geacht zou worden een weigering te omvatten om een zodanig verbod op te leggen. Een soortgelijke overweging is neergelegd in de uitspraak van de voorzieningenrechter van 27 februari 2007 (AWB 07/38, www.rechtspraak.nl, LJN AZ9716)

Het voorgaande leidt de voorzieningenrechter dan ook tot het, voorlopige, oordeel dat een weigering om een kapverbod op te leggen niet, mede, de inzet kan vormen van de onderhavige beroepsprocedure, waarin het gaat om ontheffing van de herplantplicht. De voorzieningenrechter laat daarbij nog geheel daar dat de beoordeling van beroepen tegen besluiten waarbij bezwaren tegen de weigering een kapverbod op te leggen ongegrond zijn verklaard, gelet op artikel 8 van de Boswet, aan de rechtsmacht van het College is onttrokken. Voor de voorzieningenrechter van het College bestaat op dat punt derhalve evenmin enige bevoegdheid.

Het door verzoekers met het indienen van het verzoek om voorlopige voorziening nagestreefde doel - velling van de betrokken houtopstand voorkomen hangende de beroepsprocedure - kan dan ook niet worden gerealiseerd op de wijze zoals verzoekers zich dat hebben voorgesteld.

Hetgeen verzoekers inhoudelijk hebben aangevoerd kan gezien het voorgaande buiten bespreking worden gelaten.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat het verzoek om voorlopige voorziening moet worden afgewezen.

De voorzieningenrechter acht geen termen aanwezig voor een proceskostenveroordeling als bedoeld in artikel 8:75 Awb.

6. De beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.

Aldus gewezen door mr. C.M. Wolters, in tegenwoordigheid van mr. R. Meijer als griffier, en uitgesproken in het openbaar op 18 juli 2008.

zaterdag 2 augustus 2008

Groot, groter, grootst.

Onlangs zag zoekmachine Cuil (spreek uit 'cool')het levenslicht.

Cuil, opgericht door ex-medewerkers van Google, zegt de grootste databank te hebben: er zijn nu 121 miljard webpagina's geïndexeerd.

Google moest toen ook wel iets zeggen. Het geeft u gelijk een idee van de omvang van het internet. Google heeft inmiddels één biljoen webadressen (URL’s) in haar zoekindexen staan.

Een biljoen is tien tot de 12e macht, in cijfers 1.000.000.000.000, ofwel 1000 miljard, ofwel 1 miljoen x 1 miljoen.

Nu zet Google bij lange na niet alle webpagina’s in haar zoekindexen. Het internet is waarschijnlijk nog vele malen groter.

In het jaar 2000 stond de Google-index op 1 miljard URL’s. In 8 jaar is die met een factor 1000 toegenomen.

Voor Google wordt het steeds moeilijker om de groei bij te houden. De uitdaging is: Hoe vindt je in deze zee van gegevens de juiste informatie.

Laat staan voor ons, simpel internetgebruikers. Hoe vinden wij de juiste informatie?

En even terug naar Cuil. Het ziet er best aardig uit, vooral de opmaak en de indeling. Maar Cuil is nog lang niet waar Google nu is. Oordeel zelf en neem een kijkje op Cuil.

Zie ook "We knew that the web was big.."

en kijk dan ook even op Internet woedend op Google-uitdager Cuil