Tijdens de raadsvergadering
van gisteren (27 sept.) werd de door mevr. Rademakers ontworpen Laag
Soerense dorspvlag gepresenteerd.
De vlag van
Laag-Soeren is tijdens de raadsvergadering officieel goedgekeurd door de Rhedense
gemeenteraad.
Tijdens de raadsvergadering
van gisteren (27 sept.) werd de door mevr. Rademakers ontworpen Laag
Soerense dorspvlag gepresenteerd.
De vlag van
Laag-Soeren is tijdens de raadsvergadering officieel goedgekeurd door de Rhedense
gemeenteraad.
Vandaag hield houdt Buurthuis de Poort in Velp haar jaarlijkse activiteit “Dag van de Poort”.
Dit jaar stond de dag in het teken van
450 jaar Gemeente Rheden .
Er waren diverse activiteiten plaats
zoals oud Hollandse spelen, presentatie van de activiteiten van de diverse
groepen die in de Poort actief zijn en een optreden van de
accordeon vereniging Velp evenals een vlooienmarkt.
Ook de Geërfden presenteerden zich
Een aantal vrijwilligers liepen in
kleding uit vervlogen tijden en aan de kleinsten was ook gedacht.
In de kadernota meldt het college een dreigend tekort van € 5,8 miljoen in 2024, En voor de jaren daarna ziet het er nog veel somberder uit met als dieptepunt een tekort van € 11,2 miljoen in 2026.
Ik vraag me af of deze cijfers overeenkomen met de werkelijkheid.
Onderstaand de tekorten volgens het college van B&W:
Gemeenten krijgen geld van de Rijksoverheid uit het gemeentefonds. Hiermee betalen zij een deel van hun uitgaven. Gemeenten bepalen zelf waar ze dit geld aan besteden. Zij moeten dit wel uitleggen aan de gemeenteraad.
Eerst even wat uitleg over termen die worden gebruikt. Er zijn enkele typen uitkeringen. De Algemene Uitkering is de basisuitkering die de gemeente naar eigen inzicht kan besteden. Gemeenten krijgen naast de Algemene Uitkering ook zgn. Decentralisatie- en Integratie-uitkeringen uit het gemeentefonds. Deze zijn bedoeld voor specifieke taken als bijv. Voogdij (Jeugd) of Armoedebestrijding Kinderen.
Naast de Meicirculaire 2023 van het Rijk (inclusief de Rekentool) is er ook het Memo Meicirculaire gemeentefonds 2023 van de gemeente Rheden waarin het college van B&W zelf aangeeft welke bedragen de gemeente Rheden uit het gemeentefonds ontvangt.
In een eerdere vergadering had ik al gevraagd of de genoemde bedragen de Totale Uitkering of de Algemene Uitkering betreft. Volgens de wethouder betreffen de bedragen in de memo de Totale Uitkering.
Ik zie grote afwijkingen tussen de bedragen volgens de rekentool van het Rijk en de uitkeringsbedragen die in het Memo Meicirculaire gemeentefonds 2023 worden genoemd. En dan gaat het niet om een paar stuivers maar om miljoenen.
Hoewel de wethouder
aangaf dat de bedragen in de memo de Totale Uitkering betreffen heb ik voor de
zekerheid ook de bedragen vergeleken met de Algemene Uitkering (zie verderop).
Totale Uitkering
Omdat de wethouder
aangaf dat de bedragen die in de memo worden vermeld de Totale Uitkering
betreffen heb ik de bedragen die daarbij horen als eerste vergeleken.
Zie onderstaande
tabel. De bedragen (Totale Uitkering) over de jaren 2024 tot en met 2027 die de
gemeente volgens de rekentool van
het rijk ontvangt (bovenste regel) en de bedragen die het college zegt te
ontvangen (onderste regel).
Dus: Uitgaand van de Totale Uitkering ontvangt de gemeente volgens de rekentool van het Rijk de komende jaren aanzienlijk meer geld dan het college in het Memo aangeeft. In 2024 ontvangt Rheden in de versie van het Rijk € 909.303 meer dan volgens het memo. En dat bedrag loopt in de jaren daarna zeer sterk op. Het gaat daarbij om miljoenen. In het voordeel van de gemeente dus.
Volgens de Rijkstool ontvangt Rheden In 2025 € 5.725.063, - meer. In 2026 loopt dit op naar € 8.407.404, - en in 2027 is het zelfs € 12.354.136 meer. Miljoenen euro’s meer dus dan het college in haar memo aangeeft.
Als ik deze verschillen (afgerond) verreken met het financieel perspectief dan ziet de rekening er zo uit:
Nog steeds een fors tekort in 2024 maar toch al iets minder fors dan het college verwacht. Bovendien ziet de toekomst er vanaf 2025 wel heel erg anders uit!
Algemene Uitkering
Zoals aangegeven heb ik voor de zekerheid toch ook even de bedragen vergeleken die horen bij de Algemene Uitkering. Dan krijg ik andere verschillen.
Zie onderstaande tabel. De bedragen (Algemene Uitkering) over de jaren 2024 tot en met 2027 die de gemeente volgens de rekentool van het rijk ontvangt (bovenste regel) en de bedragen die het college zegt te ontvangen (onderste regel).
Maar dan zijn de verschillen nog steeds verontrustend groot. En zeker voor 2024. Volgens de Rijkstool ontvangt Rheden in 2024 dan € 5.715.611- miljoen minder dan het college zelf denkt. In 2025 bedraagt het nadeel voor Rheden € 666.312, -. Vanaf 2026 ziet het er dan weer beter uit. In 2026 ontvangt Rheden € 2.157.008, - meer dan ze zelf verwacht en in 2027 zelfs € 6.355.998, - meer.
Hoe is dat in vredesnaam mogelijk. Ik ben er nog steeds niet achter waardoor dat komt. Heeft u gelijk of heeft de rekentool van het rijk de juiste bedragen. In het laatste geval kunnen de zorgen van Rheden over het sluitend maken van de begroting aanzienlijk minder zijn.
Mijn verwarring is groot.
Maar ik wil absoluut weten hoe dit kan. Zoals ik al eerder zei. Ik ben
geen expert. Ik ben een lokale amateurpoliticus. Wel uiterst nieuwsgierig, dat
wel, iemand die licht probeert te verschaffen in de financiële duisternis en
zijn controlerende taak zo goed mogelijk te vervullen. En ik baseer me op de
gegevens die ik tot mijn beschikking heb gekregen.
Ergens zit er iets scheef. Zit het scheef in de vergelijkingen die ik gemaakt heb, zit het scheef in de berekeningen van het Rijk of van de Gemeente of zit er iets scheef in mijn hoofd? Zit het in onderliggende data waar ik niet bij kan? Is de uitkeringsfactor die in de Rekentool wordt gebruikt niet juist? Sta ik hier onzin te verkopen? Daarom heb ik de wethouder gevraagd om mij te helpen om dit allemaal recht te zetten, om deze kluwen te ontwarren. En ik laat me daarbij niet het bos insturen.
Waarom wijken de cijfers van het Rijk zo sterk af van de cijfers die de gemeente geeft? Ik hoor graag precies hoe het zit? En kan ik het rekentool die bij de Meicirculaire wordt geleverd gebruiken? Of is daar nog een gebruiksaanwijzing bij nodig. Zo nee, waarom niet? Zo ja, waar is die? En nog belangrijker: zijn de cijfers die in het Memo als Eindstand algemene uitkering 2023-2027 (o.b.v. meicirculaire) staan aangegeven correct! Hoe komt u aan die cijfers?
Ik word een dezer dagen uitgenodigd om me te laten voorlichten over de manier waarop de gemeente tot haar cijfers komt. Ik ben reuze benieuwd!
In het voorwoord van de Kadernota uit het college van B&W haar zorgen over alle ontwikkelingen in de maatschappij. Van corona tot de Russische invasie in de Oekraïne en alle crises die zij verder ervaart. Het alarm gaat af en blijft afgaan op alle mogelijke onderwerpen, stikstof, klimaat, diversiteit, en woningtekort.
Het college vergeet echter één crisis die wij, de Volkspartij Politiek Rheden, als een van de belangrijkste zien. Dat is de asiel-, migratie- en integratiecrisis die aan de wortels van onze samenleving knaagt en tot verdere uitholling van (wat er nog rest van) de Nederlandse verzorgingsstaat, de woningtekorten opdrijft en zorg en onderwijs onder steeds grotere druk zet. Ook de inwoners van de gemeente Rheden worden hierdoor geraakt.
Enfin, in de 1e bestuursrapportage klonk het nog vol optimisme dat het college in 2023 een positief financieel resultaat verwacht. Maar vanaf 2024 is het gedaan met de zonnige perspectieven.
Aanvankelijk verwachtte het college voor 2024 een begrotingstekort van € 9 miljoen. Na verwerking van de meicirculaire en zonder verdere maatregelen is dit bijgesteld naar een tekort van € 5,8 miljoen. Minder dan de aanvankelijke € 9 miljoen maar nog steeds een zeer fors tekort. En voor de jaren daarna ziet het er nog veel somberder uit met als dieptepunt een tekort van € 11,2 miljoen in 2026. Zie daartoe onderstaand overzichtje:
NB; Ik kom nog
terug op bovenstaande cijfers bij een volgende aflevering, ik vraag me namelijk af of deze cijfers
overeenkomen met de werkelijkheid.
De grote vraag is nu: Hoe houden we het gemeentelijke huishoudboekje op orde? Hoe gaan we die tekorten te lijf. Gaan we bezuinigen, gaan de lasten omhoog, of zetten we de reserves in? Of een combinatie hiervan? In ieder geval zal de gemeente Rheden haar ambities de komende jaren moeten afstemmen op de beschikbare middelen.
In de informatiebrief “Op naar sluitend meerjarenperspectief” stelt het college dat zowel de jaarrekening 2022 als de kadernota 2023 een afwijkend beeld laten zien in vergelijking met andere gemeenten van vergelijkbare omvang. Een intrigerende vraag? Wat is er zo bijzonder aan onze gemeente dat wij op zulke tekorten afstevenen? En de problemen manifesteren zich pas nu? De komende maanden gaat het college op zoek naar antwoorden. Daarvoor zal bureau Twijnstra en Gudde een vergelijkend onderzoek naar vergelijkbare gemeenten uitvoeren. Het resultaat van dat onderzoek willen wij natuurlijk graag zien. Die toezegging hebben we:
Wethouder Klomberg zegt, naar aanleiding
van een vraag van de heer Kooijmans, toe om het onderzoeksrapport van Twijnstra
en Gudde -naar verwachting- begin september ter informatie aan de raad toe te
kunnen zenden.
Daarnaast zal het college de raad in de
zomerperiode op de hoogte houden van de stappen die nodig zijn om tot een
sluitende begroting 2024 te komen.
Daarin staan twee vragen centraal:
·
Wat moet de gemeente doen om tot een sluitende begroting te komen? Welke (beleids-
en inhoudelijke richting moet de gemeente op om het verder oplopen van de
begroting tegen te gaan. Zoek de bezuinigingen en ombuigingen in beleid,
projecten en taken die de inwoners niet direct raken.
· Hoe komt de gemeente tot een besluitende begroting?
Welke stappen moeten worden gevolgd en op welke wijze worden de organisatie en raad hierbij betrokken?
De Volkspartij Politiek Rheden heeft overigens wel een paar wensen als het gaat om het aanhalen van de broekriem.
·
Zoek de bezuinigingen en ombuigingen in beleid, projecten en taken die de
inwoners niet direct raken.
·
Maak pas op de plaats met gemeenschappelijke regelingen. Alleen uitbreiding
of verdieping van taken als daar aantoonbaar kostenvoordeel tegenover staat.
· Wees voorzichtig met samenwerking met andere gemeenten. Hanteer reële tarieven als het gaat om dienstverlening die Rheden ten behoeve van andere gemeenten levert. Wij hebben geen behoefte aan gemeenten die alleen geïnteresseerd zijn in de krenten van de samenwerkingspap en intussen onze organisatie steeds zwaarder belasten. En sowieso moet gelden: samenwerking is okay maar wat schiet Rheden daarmee op?
Maar het rijk is dus de belangrijkste geldschieter. Dat rijksgeld wordt aan de gemeenten uitgekeerd via het zgn. gemeentefonds. De gemeenten worden drie keer per jaar geïnformeerd over de omvang en de verdeling van deze uitkering: in mei, september en december. (in jargon: de meicirculaire, septembercirculaire en decembercirculaire)
Die informatie wordt vergezeld van een rekentool waarmee je zelf kunt uitrekenen hoeveel een gemeente ontvangt. Je hoeft daarvoor alleen de gemeentecode in te vullen. (Gemeente Rheden heeft code 275).
De informatie van de meicirculaire 2023 kun je downloaden via: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/circulaires/2023/05/31/meicirculaire-gemeentefonds-2023
Daarnaast kwam de gemeente ook zelf met informatie over de financiële effecten van de Meicirculaire gemeentefonds 2023.
En daar gaat het wringen. De bedragen die het college van B&W van de gemeente Rheden vermeldt in de Memo meicirculaire gemeentefonds 2023 wijken af van de bedragen volgens de rekentool van de rijksoverheid.
Onderstaand het bedrag voor het jaar 2023 dat de gemeente volgens de rekentool van het rijk ontvangt (bovenste regel) en het bedrag dat het college zegt te ontvangen (onderste regel).
De gemeente (het college van B&W) zegt dus dat ze in 2023 € 192.024, - meer ontvangt dan de bij de meicirculaire geleverde rekentool aangeeft. Ja, je kunt zeggen het is “maar een kleine twee ton”. Maar geloof me, er zijn dagen dat ik ze niet in mijn zak heb hoor! En een tekort betekent dat je die twee ton ergens anders vandaan moet halen via bezuiniging of het niet uitvoeren van beleid.
Er was al een prognose van € 1,1 miljoen tekort. Als ik gelijk heb dan wordt dit tekort groter. Er is dan een tekort van € 1,3 miljoen.
Zie ik het verkeerd? Ik ben immers geen expert. Ik ben een nieuwsgierig raadslid, een amateurpoliticus. Beoordeel ik de cijfers op een verkeerde manier? Is het een kwestie van "er staat niet wat er staat"?
Wie heeft er
nu gelijk? De rijksoverheid of de gemeente? Allebei?
Maar dan
ben ik in opperste verwarring. Of zoals Johannes in zijn Paasevangelie zegt:
“Kijk, je ziet niet wat je ziet. En je weet niet wat je zíét als je eenmaal
ziet!”
Twee keer per jaar verschijnen de bestuursrapportages met daarin de stand van zaken van de lopende begroting 2023. Het college van B&W geven daarin aan welke veranderingen en afwijkingen ze zijn tegengekomen bij de realisatie van de doelen en resultaten uit de begroting 2023 in de eerste maanden van 2023.
Het college meldt dat deze Bestuursrapportage een verslechterd financieel perspectief laat zien. Het verwachte resultaat verandert van € 530 duizend voordelig naar € 1,1 miljoen nadelig.
Om daar onmiddellijk aan toe te voegen dat het college blijft sturen om op een positief resultaat uit te komen.
En om daar weer aan toe te voegen dat zij in combinatie met de kadernota een verslechtering te zien.
Op de volgend pagina kijkt het college echter weer uit naar een mooi jaar dat zij verwacht positief af te sluiten.
Heeft het college bij het opstellen van deze rapportage in een van de achtbanen van Walibi of de Efteling gezeten. Zulke taal komt de geloofwaardigheid van een dergelijk stuk niet ten goede.
Het resultaat komt dus uit op € 1,1 miljoen nadelig. Maar dit is niet het complete verhaal. Dat is nog zonder de 661.00 euro die de Connectie (de Connectie is het facilitair en IT-bedrijf van Arnhem, Renkum en Rheden) dit jaar extra nodig heeft. En zonder financiële implicaties van niet uit ziektebudget te dekken inhuur, groei van vakantiedagen en spaarverlof waarvoor naar verwachting ca. 1 miljoen euro extra nodig is. Daar staat nog een mogelijk subsidie (maar nog niet toegekend) van 945.000 euro van het ESF (Europees Sociaal Fonds) tegenover. Dus per saldo levert dit een extra tekort van 700.000 euro op. Dan komen we dus niet uit op € 1,1 miljoen nadelig maar op € 1,8 miljoen nadelig.
Dus zonder ingrijpen of verdere verbetering van rijksuitkeringen gaan we naar een nadelig resultaat van ongeveer twee miljoen euro. Ik ben reuze benieuwd welke maatregelen het college gaat nemen om zoals ze zelf zegt toch tot een positief resultaat te komen.
Twee keer per jaar verschijnen de bestuursrapportages met daarin de stand van zaken van de lopende begroting 2023. Het college van B&W geeft daarin aan welke veranderingen en afwijkingen ze zijn tegengekomen bij de realisatie van de doelen en resultaten uit de begroting 2023 in de eerste maanden van 2023.
In het voorwoord trok een passage over de opvang van Oekraïense vluchtelingen en asielmigranten mijn aandacht. “Rheden heeft hier invulling aangegeven door bijvoorbeeld aanvullend per 14 april 2023, 250 opvangplekken voor Oekraïners te bieden en ook 30 alleenstaande minderjarige vluchtelingen (AMV-ers) in de locatie COA Velp-Arnhemsestraatweg, op te vangen. “
Dat van die Oekraïense vluchtelingen was mij bekend maar mij was niets bekend over de aanvullende opvang van 30 alleenstaande minderjarige vluchtelingen.
Daar wilde ik opheldering over hebben. In antwoord op een vraag van mij antwoordde de burgemeester (portefeuillehouder asiel) dat de zinssnede over de opvang van 30 alleenstaande minderjarige vluchtelingen in de locatie COA Velp-Arnhemsestraatweg niet klopt. Het is niet waar! Als hij aanwezig was geweest toen de tekst werd opgesteld dan zou dit zeker niet in de rapportage zijn terechtgekomen.
Kijk, als er in het voorwoord van deze bestuursrapportage al onzin staat, nonsens, of laat ik ff dimmen een dergelijk “misverstand” staat dan vraag ik me af wat de rest van het document voor waarde heeft. Staan er nog meer “misverstanden” in?
En ik blijf me erover verwonderen. Hoe komen deze woorden in dit document?
Heeft de kopieerduivel toegeslagen, heeft iemand dit gewoon even uit zijn of haar duim gezogen of is het een gerucht dat bij de koffieautomaat of de vrijdagmiddagborrel is ontstaan? Hoe zit dat dan? Ik kan me niet voorstellen dat dit zomaar op een achternamiddag in iemands hoofd komt opborrelen.
Het is volgens de burgemeester niet waar? Hij meldt dit officieel aan de raad en ik kan niet anders dan geloof hechten aan zijn woorden.
Maar hoe zit ‘t dan met de fantast die achter het toetsenbord zit en zulke onzin opschrijft?
De Volkspartij Politiek Rheden had bij de behandeling van de Jaarstukken 2022 in de raadsvergadering van 4 juli een motie ingediend over het ontbreken van een verantwoording over de sportaccommodaties.
De werkgroep Jaarrekening (ik ben lid van deze werkgroep) vindt het
feitelijk onaanvaardbaar dat de raad onvoldoende zicht heeft op de inkomsten en
uitgaven van individuele sportaccommodaties. Het college reageerde daar nogal teleurstellend op met de opmerking dat ze niet voornemens is om een
nieuwe rapportage ‘accommodaties’ toe te voegen aan de rapportage `grote
projecten´.
Dan zullen we hier dus als raad op een andere manier mee om moeten gaan.
Wij hadden daarom een motie voorbereid waarin het college wordt opgeroepen om voor de jaarrekening 2023 per daarvoor in aanmerking komende sportaccommodatie de financiële en maatschappelijke baten en lasten te verantwoorden.
In de discussie over deze motie kwam wethouder Ter Hoeven met de volgende
toezegging:
Wij hebben daarop de motie aangehouden. In afwachting van de
raadsinformatiebrief. Als het nodig is dienen we de motie alsnog in.
Je wordt niet vrolijk van het gedoe met en rond deze stukken.
De Werkgroep Jaarrekening licht
elk jaar de concept jaarstukken kritisch door met het doel een advies over de
jaarstukken aan de raad uit te brengen. Ik ben zelf lid van deze werkgroep. Ieder
jaar is er wel iets aan te merken maar dit jaar maakte het college het wel heel
bont. In het concept ontbrak essentiële informatie
zonder dat daar een verklaring voor werd gegeven. Dat veroorzaakte behoorlijk
wat irritatie. Ik kreeg echt het idee dat ik nodeloos energie aan het
verspillen was en heb dan ook op het punt gestaan om in de werkgroep
Jaarrekening de Pijp aan Maarten te geven.
Tot op het
laatste moment op 30 juni kwamen er nog wijzigingen.
De
accountant was ook niet tevreden over de opgeleverde stukken en had meer tijd
nog om de controles door te voeren. Sterker nog pas tijdens de raadsvergadering
van 4 juli waarin de jaarstukken aan de orde kwamen kwam de accountantsverklaring binnen.
De
conclusies van de werkgroep waren niet mals.
Enkele
alinea’s uit de bevindingen van de Werkgroep Jaarrekening.
“De werkgroep is van mening dat door het (nog) niet verstrekken van deze informatie haar belangrijke informatie is onthouden. Op basis van de jaarstukken, in de vorm zoals die nu aan de werkgroep zijn voorgelegd, valt daardoor niet op te maken hoe het is gesteld met de financiële positie van Rheden.”
“In de stukken staat vermeld dat de jaarrekening 2022 sluit met een positief saldo, te weten een overschot van afgerond € 2.691.000. Een mooi resultaat lijkt het, maar uit de stukken blijkt niet wat de aanleiding is van dit overschot en evenmin welke bestemming van het rekeningresultaat het college aan de raad wil voorstellen. Zijn de doelen die de gemeenteraad bij de begroting 2022 heeft vastgelegd wel gehaald? Zijn taken in 2022 goedkoper uitgevoerd dan begroot? Of was er geld beschikbaar gesteld, maar was het college er niet in geslaagd om dat in 2022 uit te voeren? In dat geval is er weliswaar sprake van een overschot, maar moet hiervoor een bestemmingsreserve worden aangelegd en zegt dit dus niets over het rekeningresultaat. De werkgroep jaarrekening is van mening datdit onvoldoende uit de overgelegde stukken kan worden afgeleid.”
“Volgens de bestuurlijke planning ontvangt de raad de definitieve jaarstukken eerst op 2 juni 2023. Dit is echter ook de datum waarop de werkgroep jaarrekening volgens planning haar advies uitbrengt. Dat betekent dat de werkgroep niet in staat is geweest om een oordeel te geven over de financiële positie van Rheden. Zij kan daarom niet anders dan zich te onthouden van een belangrijk onderdeel van haar advisering.”
“De conclusie van het voorgaande is, dat de werkgroep jaarrekening veel tijd en energie heeft gestoken in dit jaarrekeningproces, maar op basis van de haar ter beschikking gestelde informatie niet in staat is om haar adviesrol op een juiste manier te kunnen invullen. Dit moet naar de mening van de werkgroep jaarrekening echt anders. De werkgroep blijft dan ook bij haar standpunt dat het jaarrekeningproces zodanig moet worden ingericht dat de accountant met de controlewerkzaamheden kan starten in de eerste week van april en de werkgroep jaarrekening voldoende in staat is om de bevindingen van de accountant mee te kunnen nemen in haar beoordeling van de jaarstukken. Alleen dan is het voor de werkgroep jaarrekening mogelijk om een gedegen advies te kunnen geven over de jaarstukken en wordt de raad in positie gebracht om zijn controlerende rol goed te kunnen vervullen. Gelet op het voorgaande onthoudt de werkgroep jaarrekening zich van een inhoudelijk advies over de jaarstukken.”
In een reactie op de bevindingen van de werkgroep probeerde het college de schuld deels in de schoenen van de accountant te schuiven. (“veel tijd nodig voor afstemming met de accountant” )
Dit moet
echt beter. Niet alleen in tijd sneller maar ook kwalitatief beter. Het college dient alles
op alles te zetten om dit voor de jaarstukken 2023 fors te verbeteren.
Er wordt
veel geld gepompt in het professionaliseren van de organisatie. De
informatiesystemen zouden zo langzamerhand op orde moeten zijn evenals de
processen. Sinds vorig jaar worden er kwartaalafsluitingen gehouden. Die kwartaalafsluitingen
zouden juist moeten helpen om de jaarrekening goed en op tijd af te kunnen
ronden.
Begin eerder met de voorbereiding. Een goede voorbereiding is het halve
werk. Zodat de raad tijdig,
complete en kwalitatief goede en gecontroleerde jaarstukken ontvangen. Het college weet waar het verkeerd gaat.
Anticipeer
daar dan op.
Ik had
eerder (op 15 juni) al gevraagd wanneer de jaarafsluiting 2023 is gepland. Daarop kwam het antwoord: 1 maart 2024. Dat
werd in het verlsag van die vergadering echter niet vastgelegd. Ik heb in de
raadsvergadering van 4 juli daarom expliciet aan de wethouder gevraagd om dit
nog eens te bevestigen.
Vastgelegde toezegging tijdens de raadsvergadering van 4 juli:
Wethouder
Klomberg zegt, naar aanleiding van het verzoek van de heren Endeveld en
Kooijmans, toe op 1 maart de boeken te sluiten, zodat de accountant tijdig kan
beginnen met de controle werkzaamheden.
We zullen hem
hieraan houden!
Zijn alle voornemens uit de begroting van 2022 uitgevoerd en is het college binnen de financiële grenzen gebleven?
Er was een overschot van € 3.257.000.
Dat ziet er op het oog mooi uit maar het is niet zo mooi als het lijkt.
Dit overschot komt onder andere doordat niet alle voornemens konden worden uitgevoerd en er staan nog diverse punten open die alsnog moeten worden uitgevoerd.
Bovendien moet er geld opzij worden gezet voor tegenvallers die zich voor zullen doen. Voorbeelden hiervan zijn o.a. een reservering van € 544.000, - voor wettelijk verlof van ambtenaren (dat door de ambtenaren nog niet is opgenomen) en voor afvalverwerking van € 302.000, -. Resteert een voorlopig overschot van € 2.411.000,-
Maar er is nog een hele reeks zaken waar dat restantgeld aan besteed moet worden. De raad heeft o.a. bij een mede door de Volkspartij Politiek Rheden ingediende motie besloten om een voorschot van € 500,- aan energietoeslag uit te keren aan mensen met een inkomen tot 150 % van de bijstandsnorm.
Het college komt begin september met voorstellen waar het restant overschot aan besteed moet worden. Daarvoor heeft het college al een voorlopige indicatie gegeven. Het restant overschot van € 2.411.000,- is nu al te weinig om alle voorstellen te kunnen betalen.
Onderstaand de (voorlopige lijst met) voorstellen:
Op dit moment spelen enkele lastige onderwerpen.
De kadernota over de inrichting van de voormalige hockeyvelden in Dieren is gebaseerd op een concept van drie pijlers: woningbouw, tiny houses en ruimte voor een natuurtuin. Er is felle tegenstand tegen de voorgestelde invulling van deze pijlers. Natuur(beleving), de enorme behoefte aan woningen en het woongenot van omwonenden botsen met elkaar. De gemeenteraad heeft aangegeven meer informatie en meer tijd nodig te hebben om tot een afgewogen oordeel te komen.
Een ander dilemma betreft de Koersnota Loenen-Eerbeek die de verkeersstromen rond Eerbeek behandelt. Daarin staan voorstellen om het vrachtverkeer door Laag-Soeren te beteugelen. Een goede zaak. Maar de effecten van de verkeersstromen op de veiligheid van de Kanaalweg in Dieren en de geluidsoverlast langs de Ellecomsedijk worden volledig genegeerd. Een beroep op de provincie om dit alsnog in de Koersnota op te nemen is terzijde geschoven. De gemeenteraad stelde voor om dan maar geen instemming te geven aan deze koersnota. Maar dat brengt de broodnodige verkeersmaatregelen in Laag-Soeren weer in gevaar.
Zodra we voldoende informatie hebben zullen weeen ke uze maken. De dynamiek van deze met elkaar strijdige belangen maakt het lastig en tegelijkertijd juist ook interessant. U hoort nog van ons.
In de Raadsvergadering van 23 mei werd het verzoek van GroenLinks-wethouder Hofman voor ontheffing voor één jaar van de vereiste van ingezetenschap (woonplaatsvereiste) behandeld.
Daarvoor
dient de gemeenteraad toestemming te verlenen. De Volkspartij Politiek Rheden
heeft tegen de gevraagde ontheffing gestemd. Alle overige partijen waren wel
voor dus hij kreeg die ontheffing wel. Onderstaand mijn bijdrage in de
raadsvergadering met daarin de reden waarom wij, de VPR, als enige partij tegen die ontheffing
heeft gestemd.
================
In beginsel dient een wethouder in de gemeente te wonen waar hij of zij wethouder is maar Hofman woont zelf dus niet in de gemeente Rheden. Daarvoor is hem in de raadsvergadering van mei vorig jaar door de gemeenteraad voor de duur van één jaar ontheffing verleend. Raadsleden konden alleen voor- of tegenstemmen. Wij, de fractie van Volkspartij Politiek Rheden, wilden destijds blanco stemmen omdat wij niet direct dwars wilden liggen maar dat kon dus niet. Daarom hebben wij toen voorafgaand aan de stemming de raadszaal verlaten (overigens samen met enkele andere raadsleden) zodat wij toen geen stem hebben uitgebracht.
Wethouder Hofman organiseerde eerder dit jaar de fotowedstrijd “Een beetje verliefd op Rheden”. Hij bekende daarbij dat hij sinds zijn aantreden zelf ook “een beetje verliefd” op Rheden was geworden en vond dat liefde voor onze omgeving en andere mensen leidend zou moeten zijn bij de keuzes die we als samenleving hebben te maken.
Mooie woorden maar wij zien dat dat “beetje verliefd op Rheden” niet is
uitgemond in een innige romance. Het blijft bij dat “beetje”. Hij blijft in
Drempt wonen en is niet van plan bij zijn geliefde Rheden in te trekken. Hij houdt het liever bij een
Latrelatie.
Wij willen niks afdoen aan de capaciteiten en de kundigheid van de wethouder. En zijn huidige woonplaats Drempt is niet zo ver weg. Dus je zou kunnen zeggen “een kniesoor die daarover valt” en maar het is voor ons toch onvoldoende om onze bedenkingen weg te nemen. Wij vinden dat een wethouder die buiten de gemeente woont, ook al is dat misschien onbewust, zich vooral laat leiden door zijn politieke overtuiging, zich minder betrokken voelt bij lokale kwesties en minder gevoel heeft bij de specifieke uitdagingen en behoeften van de gemeente. Het brengt de balans tussen politieke overtuiging en het lokale belang uit zijn evenwicht waarbij de politieke overtuiging al snel de overhand dreigt te krijgen.
Al met al zijn dit voor ons voldoende redenen om tegen de gevraagde
ontheffing stemmen.
In de raadsvergadering van 28 maart kwam de motie "Oproep tot voortschrijdend inzichtinzake de Megastal Ellecom" aan de orde. Deze was ingediend door de coalitiepartijen (GroenLinks, D66, PvdA, GPR Burgerbelangen, Christen Unie). In deze motie wordt aan de Provincie Gelderland gevraagd om een andere invulling te geven aan de plek waar de stal bedoeld is. Met andere woorden om de bouw van de stal tegen te houden.
Wij, de Volkspartij Politiek Rheden, stemden tegen deze motie evenals het CDA en de VVD.
Onderstaand
mijn stemverklaring waarin de redenen van onze tegenstem zijn aangegeven.
------------
Ik heb een dubbel gevoel bij deze motie. Aan de ene kant ben ik geneigd mee te gaan in de pogingen om te voorkomen dat een dergelijke megastal hier wordt gebouwd maar wij hebben ook grote bedenkingen. We hebben zelfs overwogen een eigen motie over de voorgenomen bouw in te dienen. Deze motie gaat over voortschrijdend inzicht. Des te meer informatie ik boven water kreeg des te meer kwam het besef dat we veel te weinig over deze materie weten.
Bij ons
heeft dat voortschrijdend inzicht tot de conclusie geleid dat wij veel te
weinig weten van de voor- en tegenargumenten voor deze specifieke megastal.
Ik ben geen
supporter van Middachten, ik vind de invloed van Middachten op het Rhedense
gemeentelijke beleid onevenredig groot. Maar we kunnen Middachten niet kwalijk
nemen dat ze opkomt voor haar eigen belang. Het is haar goed recht.
In deze
motie wordt de nadruk gelegd op de stikstofbelasting. Ik heb een grenzeloos
respect voor de bedenkers van de stikstofcrisis en koppeling van stikstof aan
Natura2000. Een politieke meesterzet van de eerste orde. Een heel land is daarmee in het slot gegooid.
Ippon voor de stikstofpolitici die een heel
land in een wurggreep houden. Daarbij dreigen complete bedrijfstakken te
worden vernietigd. De boerenstand wordt over de kling gejaagd en industrie en
werkgelegenheid wordt uit het land gepest. Dus naast dat grenzeloze respect heb
ik vooral een stevige allergie voor de stikstofisten.
En juist
omdat dat dat een van mijn politieke allergieën is maakt het mij minder
ontvankelijk voor zo’n motie. Ik zie het beroep op stikstof vooral als
politieke chantage.
Deze motie
is te eenzijdig. Het gaat voor over stikstof. En wat ik vooral mis is de aandacht voor het welzijn en het welbevinden
van de dieren zelf. Dat verbaast mij hogelijk. Dat welzijn en welbevinden van
de dieren is m.i. juist het allerbelangrijkste. Ik krijg er de vinger niet
achter waarom dat in deze motie niet aan de orde komt
En hoe
zitten alle betrokkenen er in? Zijn zij bij de voorbereiding van deze motie
gehoord? Hoe zit dat? Zelfs de pachter, de familie Arends, degene met het
grootste belang is niet gehoord. Dat staat toch haaks op alle mooie woorden over
participatie die de indieners van deze motie die tevens de coalitie vormen van
GPR Burgerbelangen, GroenLinks, D66, PvdA en ChristenUnie zo graag bezigen? Hier
wordt zelfs de direct belanghebbende niet gehoord. Dat doet mij denken aan het
jaar 1713 toen bij de onderhandelingen over de Vrede van Utrecht de Franse
onderhandelaar uitriep 'Wij
onderhandelen hier bij u, over u en zonder u'.