Geef uw mening!
Stuur uw brieven, foto's, afbeeldingen, filmpjes of cartoons naar
theo.kooijmans@gmail.com
Maak het niet te bont. De redactie behoudt zich het recht voor om inzendingen zonder opgaaf van redenen te weigeren.

maandag 24 maart 2008

Crossmedia: Ada's case

Ik zou het zelf gemist heben als verschillende mensen uit het Maasdrielse waaronder ons aller Cees me niet hadden gewezen op een interessant bericht. Ada’s plagiaat is nog niet uit het zicht verdwenen. Ik moet toch alerter worden. Af en toe wat meer googlen op Ada en op plagiaat.

Piet Bakker is benoemd tot lector aan de Utrechtse journalistenopleiding. ter gelegenheid van zijn inauguratie gaf hij een openbare les die op de website De Nieuwe Reporter is gepubliceerd. Hij gaat in op de wisselwerking tussen de “nieuwe” en de “traditionele” gedrukte media. Zie het artikel Ruimte voor kwaliteit? Media en journalistiek op het digitale kruispunt.

Daarbij neemt hij het plagiaat van Ada Boerma als uitgebreid voorbeeld. En hij doet het proces vanaf de melding op mijn weblog Politiek Rheden tot aan het moment dat het nieuws wordt opgepikt door de pers uitvoerig uit de doeken.

Arme Ada. Dacht ze er eindelijk vanaf te zijn en dan maakt zo’n journalistieke wijsneus er een voorbeeldcase van. In een “openbare les” die bestemd is voor aspirant-journalisten. Ja zo kom je er nooit vanaf. Als Piet dit als vaste case in zijn college opneemt dan duurt het allemaal nog wel even. Misschien krijgen we dan zelfs nieuwe synoniemen voor letterdieverij. Gaan we het op termijn wel Ada-inspiratie noemen.

Piet Bakker bezondigt zich niet aan plagiaat. Hij noemt zorgvuldig de namen van Cees Sips en mij. De crux van zijn betoog raakt het spanningsveld tussen weblogs, nieuwe media en de traditionele pers. Hij zegt letterlijk. “Het nieuws werd niet door een traditioneel medium onthuld maar verscheen voor het eerst op internet, het werd ook niet door een professionele journalist maar door een amateur, een blogger, naar buiten gebracht“ en even verderop “Aan de andere kant lijkt het erop dat de traditionele nieuwsmedia zich hier de kaas van het brood hebben laten eten.”

Zo is het maar net. Ik heb destijds diverse journalisten geïnformeerd over het plagiaat van Ada Boerma. Maar blijkbaar durfde men er zijn vingers niet aan te branden of werd de nieuwswaarde niet onderkend. En ja, Ada is natuurlijk ’n bestuurder hè. (zie daarvoor verderop). Ook is er sprake van kuddegedrag. Niet zo’n goede eigenschap voor een journalist die achter nieuws aanjaagt. Terwijl de pers er al veel eerder van wist werd het pas nieuws nádat Omroep Gelderland besloot er een item aan te wijden. Toen kon men plotseling niet meer achterblijven. De journalistiek werd dus zelf ingehaald door het nieuws!

Tussen mijn blog en de journalisten van de Gelderlander bestaat een merkwaardige relatie. In het verleden was de relatie met de toenmalige journalisten die het politieke gebeuren in Rheden versloegen uitstekend. Prima verslaggevers met wie ik goed overweg kon. Maar die mensen zijn overgeplaatst en sinds ’n dik jaar is die relatie met de huidige generatie Gelderlander-journalisten behoorlijk bekoeld.

Ik heb ze blijkbaar tegen me in het harnas gejaagd. Komt dat door m’n weblog? Of m’n kritsiche houding? Is er kinnesinne in het spel? Ik beschouw mezelf als observator en een bescheiden opiniemaker die probeert bestuurlijke misstanden en bestuurlijk en politiek onvermogen aan de kaak te stellen. En ik ben geen journalist maar men ziet mij kennelijk toch als een soort concurrent. En de Gelderlander is een echte “bestuurderskrant” die voor het nieuws zwaar leunt op een goede relatie met de lokale en regionale politieke bestuurderskliek.

Dat blijkt ook nu weer. De gemeente Rheden heeft voor de communicatie over Hart van Dieren een prominente plaats ingeruimd voor de Gelderlander. ’n Paar keer per maand wordt de Gelderlander “bijgepraat” over de ontwikkelingen. Soms staan zaken in de krant nog vóór dat de gemeenteraad is geïnformeerd. En de krant zal natuurlijk niet al te kritisch berichten anders slacht ze de kip met de gouden nieuwseieren. En als er al kritisch naar het functioneren van de lokale en regionale overheid wordt gekeken dan is dat toch wel heel spaarzaam en voorzichtig. Stel je voor zeg. Je zou je dan niet meer met goed fatsoen met de bestuursbobo’s kunnen verstaan. En ja, ik begrijp het wel. Als je je voortdurend in die kringen beweegt wordt je ongemerkt zelf onderdeel van de bestuurlijke coterie en ontwikkel je veel begrip voor de bestuurders. En dan is het moeilijk om je echt kritisch op te stellen, toch?

Ik heb tal van ingezonden brieven naar de Gelderlander geschreven maar ze werden steevast niet afgedrukt. Daarom ben ik daar maar mee gestopt. En ik weet dat mijn weblog door journalisten van de Gelderlander wordt gelezen maar Politiek Rheden wordt stelselmatig doodgezwegen. Wel kom ik in de krant regelmatig artikelen tegen over onderwerpen waarover ik ’n paar dagen eerder op mijn blog heb gepubliceerd. Te vaak om nog van toeval te kunnen spreken. Blijkbaar is het dus ook een bron van inspiratie. Op zich prima hoor! Heb ik geen enkele moeite mee. Meestal wordt de zaak dan van een andere kant belicht. Ik geef mijn persoonlijke mening en heb als vrijetijdsblogger niet de tijd om alle betrokkenen te horen voor ik iets publiceer. En dat is trouwens ook niet de bedoeling. Als iemand wil reagaren dan kan dat altijd. Sta ik open voor.

En eerlijk is eerlijk, andersom werkt het ook. Ik heb wel gemak van de Gelderlander. Naar aanleiding van krantenartikelen over onderwerpen die me interesseren ga ik zelf ook op zoek naar meer informatie. Het verschil is dat ik er dan wél bij vertel dat een artikel uit de betreffende krant de aanleiding vormt. Op een bepaalde manier vullen we elkaar dus toch aan. Maar, laat ik ook eens dure woorden gebruiken. Het blijft merkwaardig, die crossmediale interferentie.

zondag 23 maart 2008

Poll gemeenteraad verlengd naar woensdagavond.

Heb u al uw mening gegeven in de poll over het functioneren van de gemeenteraad? Vindt u dat deze raad het goed doet, er niks van bakt of interesseert het u geen bal?

Ik heb de poll met een paar dagen verlengd tot woensdagavond. Tot na de raadsvergadering over het masterplan die a.s dinsdagavond plaatvindt. Dan kunt u uw mening over dat debat nog laten meewegen.

Als ik naar de aantallen bezoekers kijk dan is er maar een kleine fractie van de lezers die zijn mening geeft. Neem de moeite om uw mening te geven. Links op de pagina staat de poll.

Vindt u dat de gemeenteraad goed functioneert en de juiste beslissingen neemt?
Heeft deze gemeenteraad iets in te brengen of bepaalt alleen het college van B&W wat er in deze gemeente gebeurt? Of juist niet gebeurt?

Zijn de politici en de politieke partijen in Rheden wel zichtbaar voor u? Ziet u verschil tussen de politieke partijen of is het een grijze massa. Weet u uit welke partijen de coalitie is samengesteld? Of is er nauwelijks onderscheid te maken tussen de oppositie en de coalitie?

En als u uw keuze wilt toelichten stuur me dan 'n mail.
Iedereen is welkom om een reactie te geven. Of u nu wel of geen inwoner bent van Rheden maakt mij niet uit. Misschien hebt u meer te maken met het gemeentebestuur van Rheden dan u denkt. Als u bijvoorbeeld een inwoner van Rozendaal bent.
Of als u vaak door Dieren rijdt, een bezoeker bent van de Posbank of als u uw hond uitlaat op het Rozendaalse Veld. Misschien bent u oud-inwoner van de gemeente Rheden en zou u graag terug willen maar bent u daar door het gebrek aan (huur)woningen niet toe in staat etc.

Er was eens...

Adriaan Dolk haakt in op opmerkingen in het bericht Gedeputeerde bekent: informatie was onjuist!.

Het college (van gedeputeerden) spreekt in de statennotitie "Structuur project Hart van Dieren" over "wij" als niet het college maar de stuurgroep bedoeld wordt.
-------------------------------------------------------------------

Een minister van Defensie die ook nog Generaal wilde zijn.

(een bizar sprookje over het Hart van Dieren, geinspireerd door de vergadering van de Provinciale Staten Gelderland op 9 januari 2008)

Er was eens een minister van Defensie, die er van droomde ooit nog eens een echte Generaal te zijn. Zij zag haar kans toen er door onze jongens een missie moest worden uitgevoerd in Verweggistan en liet zichzelf benoemen tot opperbevelhebber.

Zij zou worden ondersteund door een Stuurgroep, waarin allerlei mensen zaten die ze nauwelijks kende en ook wie er nu precies waarvoor verantwoordelijk was stond haar niet helemaal helder voor de geest.

Overigens, het verschil tussen verantwoordelijkheden en bevoegdheden ontging haar ten ene male, maar daar maakte ze zich geen zorgen over want ze had het beheer gekregen over de middelen waaruit de hele operatie zou worden bekostigd en wie betaalt die bepaalt.

Dus wie er echt aan de touwtjes zou trekken; dat kristallisseerde zich vanzelf uit; daar was ze niet bang voor. Ze was geen denker, volgens haar spindokters, maar een vrouw van kleine praktische stapjes vooruit; dan kwam je er ook in het leven.

Om een lang verhaal kort te maken het liep daar in den vreemde helemaal verkeerd. Het ene debâcle volgde na het andere. Akties die faliekant verkeerd uitpakten, vertragingen, grote verliezen, geen draagvlak onder de lokale bevolking en thuis onrust in het parlement.

De Generaal voerde tot haar verdediging aan dat er in dat verre land andere, zogenaamde exogene, factoren een rol speelden, die haar eerstens (per definitie) vreemd waren, en tweedens waar zij (dus) geen rekening mee had kunnen houden.

Na opnieuw een kolossale blunder waardoor de verbijstering bij het thuisfront toesloeg, werd uiteindelijk een onderzoekscommissie met deskundigen geinstalleerd onder leiding van een onafhankelijk vertegenwoordiger van de Verenigde Naties. Deze onderzoekscommissie deed enige maanden haar werk en bracht een rapport uit dat er niet om loog.

Op maar liefst vijf punten was het oordeel vernietigend:
1 De Generaal had de externe omstandigheden, die een groot deel van de verliezen heeft veroorzaakt, kunnen voorzien en hiermee rekening kunnen houden.

2 De Generaal heeft onvoldoende aandacht besteed aan het draagvlak bij de lokale bevolking.

3 De vertragingen in de akties als gevolg van lokale omstandigheden zijn geen onbekende verschijnselen en de Generaal had hiermee rekening kunnen houden.

4 De samenwerking tussen de operationele eenheden die onder leiding stonden van de Generaal liet veel te wensen over.

5 De Generaal had zich onvoldoende geinformeerd over de financiële en andere risiko’s van het projekt.

Tja, zoiets is fnuikend voor elke generale conduitestaat, maar zij rechtte haar rug, gordde zich aan en zag licht aan het einde van de tunnel. Weliswaar waren er wat lastige vragen uit het parlement te beantwoorden en een paar kleine partijtjes eisten dat zij zichzelf de kwalificatie onvoldoende opspelde, echter dat was niet de grootste hindernis. Zij was tenslotte ook nog de Minister zelf. Nee hoor, de Generaal - nu als Minister - blaakte van zelfvertrouwen en ging moedig glimlachend de uitdaging aan.

Natuurlijk kreeg de Minister in het parlement steun van haar eigen partij, maar ook de andere partijen in de coalitie vreesden voor verliezen in eigen gelederen en namen haar argumenten over.

De meerderheid in het parlement bevestigde nog een keer dat de exogene factoren als voornaamste oorzaak van de verliezen konden worden aangemerkt. Echter zij zwegen erover dat de Generaal die factoren had kunnen voorzien, zoals in het rapport nadrukkelijk was uiteengezet. Eveneens bevestigden zij de Minister in haar mening dat de ervaring in Verweggistan nuttige leermomenten voor de Generaal had gegenereerd.

En de bekentenis van de Minister dat de Generaal bij de uitvoering van de gevaarlijke operaties een verkeerde systematiek had gehanteerd werd door de partijen die haar ondersteunden met enige gêne aangehoord. Dat was nou echt niet nodig geweest om zo’n punt aan te roeren. Er zijn grenzen aan de intimiteiten waar je over wilt spreken en ook deze futuliteit werd in het mapje leermomenten opgeborgen.

Zelfs de kritiek onder punt 4 kon worden weerlegd, want gedurende alle operaties onder leiding van de Generaal was er sprake geweest van gedeelde verantwoordelijkheden. Hé, alweer zo’n leermomentje. Volgens de Minister was het in de toekomst voor de Generaal verstandig om de verantwoordelijkheden van de verschillende operationele eenheden duidelijk te formuleren. Oeps.

En tenslotte kreeg de Minister de handen op elkaar met de lumineuze inval dat, ondanks het rapport, het beeld van de hele mislukking nog niet compleet was omdat de Stuurgroep, in de afgelopen twee maanden nog geen gelegenheid hadden gekregen zich een oordeel te vormen. Dit select gezelschap had derhalve nog geen verslag kunnen uitbrengen aan haar opperbevelhebber de Generaal. En de Generaal had dus ook nog geen verslag kunnen uitbrengen aan de Minister. En de Minister had dus nog geen volledig beeld. van de hele operatie in Verweggistan die voor de Generaal jammer genoeg zo uiterst ongelukkig was verlopen.

Allez Hop, Sim Salabim. Wie doet me wat ? En zij dacht nog lang en gelukkig te leven.

Adriaan Dolk, Dieren

zaterdag 22 maart 2008

Gedeputeerde bekent: informatie was onjuist!

Van Martijn Leisink (D66-fractievoorzitter PS) kreeg ik 'n mail die gedeputeerde van Haaren onlangs aan de commissie Mobiliteit en Economische Zaken van provinciale staten heeft gestuurd.

Daarin geeft ze toe dat de statennotitie "Structuur project Hart van Dieren" onjuistheden bevat. In die notitie wordt onder andere het standpunt van de Stuurgroep van Hart van Dieren over het audit-rapport verwoord.

Een citaat uit die statennotitie:
Het college is van mening dat ook bij de inzet van een dynamisch systeem wij niet eerder dan voorjaar 2007 voldoende duidelijke signalen zouden hebben ontvangen dat de kosten de oorspronkelijke ramingen ver zouden gaan overtreffen en dat wij niet eerder tot andere beslissingen zouden zijn gekomen wat betreft het al dan niet continueren van het project in de huidige vorm. Wij hebben niet eerder in het project kunnen ingrijpen dan wij gedaan hebben. De belangrijkste prijsstijgingen, namelijk die op het gebied van omgevingsontwikkeling en in de GWW-sector, deden zich immers pas voor begin 2007 en werden pas nadien significant zichtbaar.


(Laat de eerste zin van dit citaat ook eens tot u doordringen. "Het college is van mening dat ook bij de inzet van een dynamisch systeem wij niet eerder dan voor jaar 2007 voldoende ....". Wie is die wij? Het college of de stuurgroep? Dat onderscheid is kennelijk alleen relevant als dat de bestuurders zo uitkomt.)

Gedeputeerde van Haaren geeft nu toe dat de prijsstijgingen in de GWW-sector (Grond-, Weg- en Waterbouw) al in 2006 bekend waren en niet pas in 2007 zoals de stuurgroep cq het college beweerden.

Ook wordt toegegeven dat het al in april 2006 en nòg eens in november 2006 aan de stuurgroep gemeld was dat de VON-prijzen (Vrij-op-naam prijzen) veel te hoog waren ingeschat. Er is ook een notitie “actualiteit Bcase 2005”. Zoals de titel van deze notitie al suggereert, er is wel degelijk gekeken of de businesscase 2005 nog wel actueel was.

Maar van Haaren verschuilt zich achter de methodiek. Ze houdt vol dat dit soort gegevens niet eerder op waarde konden worden geschat omdat er geen goede methode voor het actualiseren van de businesscase beschikbaar was. Die zijn ze nu aan het ontwikkelen. En is dus nog niet gereed. Mag ik daar dan de voorzichtige conclusie uit trekken dat alle infraprojecten van vóór 22 maart 2008 (vandaag) zijn gebaseerd op nattevingerwerk? Dan staat ons nog heel wat te wachten.

Nog 'n opmerkelijk zin in de mail:
In de Bcase 2005 is is de gebruikelijke systematiek voor Provinciale Infrastructuur gehanteerd en niet deze ProRail methodiek, omdat ProRail ten tijde van de opstelling van de Bcase 2005 nog geen partner was in het project.

Nou breekt echt m'n klomp. De businesscase 2005 kon volgens de Rhedense wethouder Joop Kock niet openbaar gemaakt worden omdat ProRail daar bezwaar tegen had want dan zou de systematiek voor kostenramingen van ProRail bij derden bekend worden. Maar de systematiek van ProRail is bij de samenstelling van de businesscase 2005 niet eens gebruikt.

Ons wordt dus iets op de mouw gespeld! En niet alleen ons maar ook de gemeenteraad!

Nog een dan:
In de loop van 2005 heeft ProRail, als aanbestedende dienst voor de infrastructuur, het schetsontwerp (FPvE) getoetst en herberekend op basis van hun SSK-ramingsmethodiek. Dit heeft geresulteerd in een hogere totaalraming voor de infrabundel, met name veroorzaakt door de hogere opslagpercentages die door ProRail worden gehanteerd.


Stukje bij beetje wordt nu toegegeven dat men al veel eerder op de hoogte was van allerlei gegevens die de kosten omhoog joegen. En dat die Businesscase 2005 een rammelkast was.

Maar op de momenten waarop deze zaken bekend werden heeft de stuurgroep niet ingegrepen.

En daar is een eenvoudige conclusie uit te trekken:


De bestuurlijke controle was volstrekt onvoldoende. Wat heet!? Ze heeft volledig gefaald!

Onderstaand de mail van de gedeputeerde.
----------------------------------------------------------------------------
van: Marijke van Haaren
aan: leden commissie Mobiliteit en Economische Zaken

Op 5 maart jl. is de Statennotitie “Structuur project Hart van Dieren” in uw commissie Mobiliteit en Economische zaken besproken. Bij de bespreking bleek dat de notitie op een enkel onderdeel correctie dan wel aanvulling behoeft. Deze aanvullende notitie strekt hiertoe.

Algemeen:
Namens de D66-fractie is opgemerkt dat het feitelijk onjuist is dat, zoals de notitie vermeldt, eerst in het voorjaar 2007 de prijsstijgingen in de GWW-sector significant duidelijk werden.

Het college erkent deze onjuistheid en is het met de D66-fractie eens dat de prijsstijgingen al in 2006 zichtbaar werden. Dit gegeven doet overigens niet af aan het door het college ingenomen standpunt dat niet eerder kon worden ingegrepen dan gedaan is. In het najaar 2006 was de Stuurgroep doende al het materiaal te verzamelen om in 2007 te komen tot een geactualiseerde businesscase. Het heeft tot april/mei 2007 geduurd tot het plaatje compleet was. Daarna kon pas de businesscase samengesteld worden en konden vervolgens conclusies getrokken worden.

Met betrekking tot de standaard systematiek kostenraming merken wij op dat wij, na gesprekken met andere provincies, maar ook met bijvoorbeeld PIANOO, een gesprek zijn aangegaan met CROW (2004) om de ontwikkeling van een kostenramingssystematiek daar onder te brengen. Bij CROW lag een theoretisch model/raamwerk van SSK; dit moest echter nog gevuld en (volledig) geoperationaliseerd worden. Om deze te vullen waren mensen nodig met allerlei ervaring. De bedoeling was om te kijken of wij vanuit het theoretisch model geredeneerd, een kostenramingssystematiek konden ontwikkelen, die voor meerdere partijen te gebruiken zou zijn. Wij vervulden hierbij een voortrekkersrol.

Samen met CROW, Rijkswaterstaat, ProRail, ONRI, Bouwend Nederland, MKB en andere partijen hebben wij deze ramingssystematiek (door)ontwikkeld. Een van de elementen die ontwikkeld moesten worden was de objectenbibliotheek. Het is uiteindelijk een modulair opgebouwd systeem geworden met een basismodule, naar behoefte aan te vullen met bijzondere kennismodules (riolering, 2500 objecten uit nomenclatuur voor weg en verkeer, 130 functies met 220 aanverwante eisen van de weg). Dit systeem beslaat het hele infrabouwproces en is door zowel ingenieursbureaus als bouwbedrijven alsmede publieke partijen te gebruiken.

Hart van Dieren
Wat betreft de VON-prijzen voor de woningen zoals gehanteerd in de Bcase 2005 merken wij op dat deze prijzen (gemiddeld € 260.000,-) zijn berekend door het gemeentelijk grondbedrijf van de gemeente Rheden, in overleg met de externe adviseur. Deze waren gebaseerd op de toen bij de gemeente Rheden gebruikelijke prijzen, welke zijn getoetst door 1 plaatselijke en 1 regionale makelaar.

In 2006 zijn deze prijzen – in opdracht van de projectorganisatie - opnieuw berekend door een externe planeconoom; deze concludeerde dat de VON-prijzen gemiddeld ca € 30.000,- te hoog waren ingeschat. Deze bevinding is in april (en november) 2006 gemeld aan de stuurgroep in de notitie “actualiteit Bcase 2005”. De Stuurgroep besloot om dit gegeven mee te nemen in de totale herberekening van de Bcase, die uiteindelijk in 2007 heeft plaatsgevonden.

Wat betreft de Standaard Systematiek Kostenramings (SSK) merken wij nog op dat voor de kostenraming van het infrastructuurontwerp 2007 de SSK-ramingsmethodiek van ProRail is gebruikt. Deze SKK is een andere dan de door de provincie gebruikte SSK-ramingsmethodiek. Alhoewel de naam hetzelfde is (SKK) en de methodiek op hoofdlijnen eveneens, heeft ProRail – evenals overigens de provincies - e.e.a. aangepast voor hun specifieke (rail)projecten. Daarnaast hanteert ProRail t.b.v. zgn. derdenwerk een omvangrijke extra opslag voor projectonvoorzien. Dit om risico’s van scopewijzigngen in de planfase financieel af te dekken.

In de Bcase 2005 is is de gebruikelijke systematiek voor Provinciale Infrastructuur gehanteerd en niet deze ProRail methodiek, omdat ProRail ten tijde van de opstelling van de Bcase 2005 nog geen partner was in het project. In de Bcase 2005 is expliciet aangegeven welke opslagpercentages zijn gehanteerd voor project-en objectonvoorzien (blz. 8 toelichting Bcase).

In de loop van 2005 heeft ProRail, als aanbestedende dienst voor de infrastructuur, het schetsontwerp (FPvE) getoetst en herberekend op basis van hun SSK-ramingsmethodiek. Dit heeft geresulteerd in een hogere totaalraming voor de infrabundel, met name veroorzaakt door de hogere opslagpercentages die door ProRail worden gehanteerd.

vrijdag 21 maart 2008

Dorpsvisie Dieren

Ik werd al 'n beetje kregelig. Voor de raadsvergadering van 25 maart stond het Voorstel over de verdere uitwerking van Hart van Dieren geagendeerd maar de stukken op de website waren niet compleet. Gelukkig kreeg ik gisteren en vandaag deze stukken vanuit verschillende bronnen alsnog toegestuurd. Waarvoor mijn dank.

Mijn conclusie bij de bespreking van de presentatie klopt dus. De Dorpsvisie is er al. Toevallig reed ik dinsdagavond langs het gemeentehuis en daar was het een drukte van belang. Ik weet niet of daar op dat moment de dorpsvisie werd besproken maar het lijkt me, achteraf gezien, wel waarschijnlijk. Het document is ook gedateerd op deze dag (18 maart). (Of ging dat soms over het Lysias-onderzoek van de gemeenteraad? Laten we in de gaten houden dat dit rapport niet op het laatste moment even snel tussen neus en lippen door wordt afgehandeld. Ik heb eerder dergelijke manoeuvres meegemaakt)

Het is duidelijk dat de Dorpsvisie onder grote tijdsdruk tot stand is gekomen. Dat is al af te leiden uit de spel- en typefoutjes die er in zitten.

Wat ik me nu in gemoede afvraag is waar de inbreng van de Dierenaren is? Heeft het GBO, een of meer van clubs uit het GBO of bewoners nu wel of geen deel gehad aan de totstandkoming van dit document? Dat is de belangrijkste vraag.

Het Atelier v/h Verdaas en de stuurgroep kunnen wel roepen dat draagvlak van het grootste belang is maar hoe geeft wethouder Kock hier nu invulling aan?
Ik mag toch hopen dat deze visie niet als een wals over Dieren wordt gerold!
Dat zou 'n zeer slechte start voor het uiteindelijke masterplan zijn.

Of denkt Joop Kock "eerst iets op tafel en dan praten. Anders gebeurt er niks en wordt er alleen maar gekletst. En nu houd ik het stuur in ieder geval in handen"
Daar kan ik me iets bij voorstellen maar dan moet er vóórdat de gemeenteraad het accordeert toch wel eerst met de belangrijkste stakeholders overlegd worden. En dat zijn de bewoners van het plangebied en de belangenverenigingen die in het GBO zijn verenigd.

En het college van B&W houdt alles toch nog low-profile. Wel 'n bericht in de Gelderlander maar de stukken nog niet eens compleet op de website van de gemeente. Geen goede zaak.

Hoezo communicatie? Dit document, deze Dorpsvisie, is wel effe 'n stukje belangrijker dan pakweg 'n bericht over de Start van het toeristisch-recreatieve project 'de bevordering van grensoverschrijdend cultuur en natuurtoerisme' op de nieuwspagina.

De Dorpsvisie had een prominente plaats op de website van de gemeente moeten krijgen. Minimaal bij het nieuws op de homepage van de gemeentelijke website zodat eenieder er op eenvoudige wijze kennis van kan nemen.

Het kwartje wil maar niet op de goede plek in de hoofden van B&W vallen. Ze begrijpen het nog steeds niet. Of ze willen het niet begrijpen.

Daarom vandaag op weblog Politiek Rheden de volledige tekst van de Dorpsvisie. Opdat eenieder die daar behoefte aan heeft de inhoud tot zich kan nemen en 'n paar dagen de tijd heeft om een mening te vormen.

Helaas kan ik ook as dinsdag weer niet aanwezig zijn. Zeer spijtig maar brood op de plank is m'n eerste bekommernis. Als iemand zo vriendelijk wil zijn om mij na de raadsvergadering te informeren houd ik me ten zeerste aanbevolen.

Enfin, onderstaand de volledige tekst van de Dorpsvisie. Voor de leesbaarheid is hier en daar wat "wit" toegevoegd. In de tekst staan ook woorden die zijn onderlijnd, 'n technische onmogelijkheid van deze blog. Die zijn door mij schuin- en vetgedrukt weergegeven.

Op de inhoud van de Dorpsvisie en bijbehorende voorstellen kom ik natuurlijk nog terug. Kijken wat er écht staat. Een belangrijke les van een vroegere leraar Nederlands: "Lees maar, er staat niet wat er staat."

-------------------------------------------------------------------

Dorpsvisie Dieren,
opgesteld in het kader van het Masterplan Hart van Dieren

versie 03, d.d. 180308

1. Het kader voor deze dorpvisie

Toen afgelopen zomer duidelijk werd dat het project Hart van Dieren in de beoogde vorm geen doorgang kon vinden, heeft de Stuurgroep Hart van Dieren een advies voor de herstart van het project laten opstellen.

Dat advies, uitgebracht door het zogeheten Atelier, behelsde o.m. het opstellen van een dorpsvisie als basis en onderlegger voor een nieuwe aanpak van de verkeersproblemen in Dieren, het zogeheten Masterplan. Dat advies volgend heeft het College in concept een dergelijke dorpsvisie opgesteld. Zij bevat de hoofdlijnen van de te voorgenomen ontwikkeling van Dieren in de komende 15 à 20 jaar.

Uitgangspunt daarbij is de huidige structuur: de Burgemeester de Bruinstraat die als provinciale weg door Dieren loopt, alsmede de parallel daaraan liggende spoorlijn. Die inrichting is indertijd –het eind van de vorige eeuw- gerealiseerd als een voorlopige voorziening. Toen al wisten beleidsmakers dat zij niet zou voldoen en is aangegeven dat op termijn de Burgemeester de Bruinstraat verbeterd zou moeten worden. Dat gaat nu gebeuren.

De toendertijd gekozen oplossing om het verkeer dwars door Dieren te laten lopen, parallel aan het treinverkeer, heeft samen met andere historische ontwikkelingen de vormgeving van Dieren bepaald. Dieren kent een grote mate van verscheidenheid als je kijkt naar de verschillende dorpsdelen.

Die verscheidenheid bepaalt mede het eigen karakter en daarmee ook de sterkte van het dorp. Voor het College is behoud van die verscheidenheid uitgangspunt geweest bij het opstellen van deze dorpsvisie. Zij is opgedeeld in de onderdelen: wonen, werken, recreatie en verkeer.

Na bespreking met de Raad en belanghebbenden, zal deze visie in definitieve vorm een plaats krijgen in het Masterplan Hart van Dieren, waarover de Raad een beslissing zal nemen.

2. Wonen

De brede provinciale weg, de spoorlijn en de stationsomgeving vormen op dit moment een forse barrière. Het is hinderlijk steeds weer te moeten wachten voor de verkeerslichten en/of de spoorbomen. Bovendien kunnen hierdoor (verkeers)onveilige situaties ontstaan.

De ontwikkelingen in het Hart van Dieren-gebied zullen zoals in par. 1. gesteld, uitgaan van de verscheidenheid van de de dorpsdelen Zuid en Noord. Het College streeft er wel uitdrukkelijk naar om de bereikbaarheid tussen die twee dorpshelften te verbeteren. Dit zal de leefbaarheid van het dorp ten goede komen. Daarbij zal veel aandacht geschonken moeten worden aan de beleving van de weg en de entreefunctie van het dorp. De ontwikkelingen in dit gebied moeten in ieder geval recht doen aan het karakter van de verschillende dorpsdelen die aan de Burgemeester de Bruinstraat grenzen.

Onderzocht moet worden of het gebied zo ingericht kan worden dat de structuur van het dorp beter zichtbaar en voelbaar wordt. Hierbij moet gelet worden op de schaal en het profiel van de weg en de omgeving. Vanzelfsprekend zal ook voldaan moeten worden aan de wettelijke normen die gelden voor geluid en lucht.

In met name Dieren-Noord liggen op dit moment diverse locaties die de komende jaren herontwikkeld worden. De belangrijkste zijn:

- het plan Bloemershof (het terrein van school De Tender aan de Burgemeester Bloemersstraat),

- het terrein van de vroegere Da Costa-school (hoek Harderwijkerweg-Admiraal Helfrichlaan),

- het niet bebouwde deel van het Johan Wagenaarplein,

- het Beverode-terrein,

- de hoek Wilhelminaweg-Buitensingel,

- het terrein waar voorheen de Imbosmavo was gesitueerd (aan de Imboslaan).

Deze ontwikkelingen hebben planologische consequenties. Nagegaan zal worden in welk opzicht dat invloed zal hebben op de verkeersontwikkeling in Dieren en daarmee ook de inrichting van de centrale as.

Gedurende de looptijd van deze dorpsvisie komt ook de herstructurering van de wijk Stenfert I (dit is de woonbuurt tussen Calluna, Spankerenseweg en de VSM-spoorlijn) aan de orde. Het College zal nagaan of het wenselijk is dat rekening wordt gehouden met de mogelijke aanleg van een extra (of verbeterde) ontsluitingsweg tussen Calluna en de Spankerenseweg/Kanaalweg.

Ook de Kanaalzone is ontwikkeling en ook daar zal naar verwachting sprake zijn van woningbouw. De plannen m.b.t. de Kanaalzone komen in par. 3 (Werken) aan de orde.

De Attent Zorggroep wil het terrein aan de Harderwijkerweg waar verpleeghuis Gelders Hof is gevestigd opnieuw ontwikkelen. Nagegaan wordt welke betekenis de verkoop van LPG bij het Shell-benzinestation aan de Burgemeester De Bruinstraat kan hebben voor deze ontwikkeling.

Het College wil het groene karakter van Dieren in stand houden en waar mogelijk verder ontwikkelen. Voor Dieren-West geldt dat we streven naar het versterken van de bosachtige uitstraling in aansluiting op de overgang naar de Veluwe. Voor de rest van Dieren geldt een passende groene inrichting met de juiste boom op de juiste plek. Hiervoor bieden het groenstructuurplan (2002) en de beleidsnota bomen (2005) voldoende aanknopingspunten voor behoud en versterking van 'het groen' in Dieren.

Het College blijft ook de komende jaren aandacht schenken aan de kwaliteit en de bereikbaarheid van de accommodaties in Dieren en Spankeren (bij accommodaties moet gedacht worden aan sportvoorzieningen, sociaal-culturele voorzieningen, recreatieve voorzieningen en scholen). Ook zal onderzocht worden of er sprake zal zijn van intensivering van het gebruik van deze accommodaties, bijvoorbeeld als gevolg van woningbouw.

De ontwikkelingen in Dioeren kunnen van invloed zijn op het dorp Spankeren. Het College zal onderzoeken of de dorpsvisie die de inwoners van Spankeren zelf hebben opgesteld past in het toekomstbeeld dat de gemeente heeft van het dorp. Het College ziet Spankeren als zelfstandig dorp binnen de gemeente Rheden.


3. Werken

Uit recent onderzoek is gebleken dat winkelcentrum Calluna goed functioneert en goed bereikbaar is, maar dat het centrum wel nieuwe kwaliteitsimpulsen nodig heeft. Voor het winkelcentrum bestaan op dit moment geen grote herstructureringsplannen. Het College streeft ernaar Calluna op de huidige locatie te handhaven en de positie van het winkelcentrum de komende jaren waar mogelijk verder te versterken door andere functies daaraan toe te voegen. Daarbij denkt het College aan sociaal-culturele en/of maatschappelijke functies.

Het Ericaplein fungeert op dit moment mede als evenemententerrein en parkeerterrein. In samenhang met de ontwikkelingen t.a.v. Calluna zal het College nagaan of het mogelijk is de ruimtelijke kwaliteiten van het Ericaplein te verbeteren, overigens met behoud voor dit gehele gebied van de functies evenementen, markt en parkeren. Daarbij zal beoordeeld worden hoe de geïsoleerde ligging van het plein (met zicht op achterkanten van winkels) verbeterd kan worden.

De Kanaalzone beslaat de gebieden aan beide zijden van het Apeldoorns Kanaal waar met name bedrijven gevestigd zijn. In aansluiting op de Structuurvisie 2006 (met de titel: “Een droom om in te wonen”) is een onderzoek ingesteld naar de feitelijke onwikkelingsmogelijkheden van dit gebied. De resultaten komen binnenkort beschikbaar. Daarmee wordt ook de vraag beantwoord in hoeverre de ambities uit de Structuurvisie in feitelijke plannen omgezet kunnen worden.

Het College wil de gebieden aan de Spankerense zijde van het kanaal in zijn algemeenheid verder versterken als bedrijventerrein. De voorwaarden voor de vestiging van nieuwe bedrijven en de ontwikkeling van de bestaande bedrijven zullen verder verbeterd worden. In deze gebieden is het behoud van de bestaande werkgelegenheid van belang.

De gebieden aan de Dierense zijde van het kanaal kunnen zich op de (middel)lange termijn geleidelijk ontwikkelen als woon/werkgebied (gecombineerde ontwikkeling van wonen en werken). De gemeente zal deze verkleuring naar woon/werkgebied actief stimuleren. In deze gebieden is het ontwikkelen van nieuwe woonlocaties van belang, maar er zal ook aandacht blijven voor de ontwikkeling van de bestaande bedrijven. De Kanaalweg wordt gehandhaafd als belangrijke doorgaande route en als ontsluitingsweg. Het College voorziet geen grootschalige uitbreiding van het woongebied bij Spankeren.

Het Du Commerce-terrein (één van de deelgebieden van de Kanaalzone) kan een functie krijgen als woon/werkgebied. Ook is een functie denkbaar als vestigingsplaats voor aan de VSM gerelateerde activiteiten (zoals een werkplaats voor stoomtreinen of een klein museum).

Het College ziet de Molenwegdriehoek (het gebied tussen de Molenweg, de Burgemeester De Bruinstraat en de spoorlijn Arnhem-Zutphen) als een mogelijke herstructureringslocatie voor nieuwe woningbouw, kantoren of een combinatie hiervan. Deze locatie ligt tussen Dieren-Noord en -Zuid en is goed bereikbaar met de auto en het openbaar vervoer.Als gekozen wordt voor (nieuwe) woningbouw in deze driehoek zullen milieumaatregelen getroffen moeten worden.

Uit nader onderzoek zal moeten blijken of het Shell-benzinestation aan de Burgemeester De Bruinstraat gehandhaafd kan worden op de huidige locatie. Het uitgangspunt daarbij is het verkooppunt voor motorbrandstoffen op de huidige locatie te handhaven. Als de verkoop van LPG gehandhaafd blijft, kan dit de ontwikkelingsmogelijkheden van Gelders Hof (zie par. 2) beperken.

Gazelle vervult op dit moment een heel belangrijke rol voor wat betreft de werkgelegenheid in Dieren, maar draagt ook heel nadrukkelijk bij aan de naamsbekendheid en daarmee het imago van het dorp. Het College gaat er vanuit dat de fabriek de komende jaren op de huidige plek gevestigd blijft. Het College ziet dan ook geen aanleiding na te denken over een andere invulling van het terrein waar Gazelle is gevestigd. Wel kan Gazelle beter ingepast worden in de directe omgeving.

4. Recreatie

Het College streeft ernaar een dorpsas in Dieren te creëren die loopt van de veerstoep, via de Spoorstraat en Wilhelminaweg naar Calluna en de speeltuin aan de Harderwijkerweg. De dorpsas zal bestaan uit een kralensnoer van toeristisch-recreatieve functies, zoals het horecaplein, de stationsomgeving, de VSM-halte, winkelcentrum Calluna en de speeltuin.

Het College voorziet geen uitbreiding van het winkelareaal aan de dorpsas (Calluna is en blijft het winkelcentrum van Dieren); wel kunnen waar mogelijk nieuwe woningen gebouwd worden aan deze as. Ook is de vestiging van kleine speciaalzaken en ambachtelijke bedrijfjes aan de dorpsas denkbaar, voorzover deze de concurrentiepositie van Calluna niet wezenlijk aantasten.

Het College wil door ontwikkeling van de dorpsas Dieren-Noord en –Zuid meer met elkaar verbinden. De verwachting is dat Calluna hierdoor beter bereikbaar zal zijn voor fietsers en voetgangers uit Dieren-Zuid. De verwachting is bovendien dat voor toeristen en recreanten hierdoor een aantrekkelijke en herkenbare route in Dieren zal ontstaan. Een belangrijke randvoorwaarde hierbij is dat kwalitatief goede oversteekmogelijkheden gecreëerd worden bij de Burgemeester De Bruinstraat en het spoor. Daarnaast zal de sfeer op de dorpsas verbeterd moeten worden door bijvoorbeeld een kwalitatief hoogwaardige inrichting van de buitenruimte, een goede bewegwijzering en een logische ordening van functies.

Voor het deel van de dorpsas dat in Dieren-Zuid ligt, is van belang dat de as kan bijdragen aan het ontwikkelen van de leefbaarheid in dit deel van het dorp. Het College wil in dat kader de vestiging van (winkel)voorzieningen op of direct bij de dorpsas stimuleren voorzover deze de concurrentiepositie van Calluna niet wezenlijk aantasten en de leefbaarheid van Dieren-Zuid bevorderen.

De halte van de Veluwsche Stoomtrein Maatschappij (VSM) is een belangrijke kraal aan het snoer van de te ontwikkelen dorpsas. Het College wil deze halte graag op zo kort mogelijke afstand van de Wilhelminaweg gesitueerd zien. De VSM heeft aangegeven dat zij haar positie in Dieren wil versterken. Als dat om een kleinschalige ontwikkeling gaat (zoals een ouderwetse wachtkamer of een klein museum), zou onderzocht kunnen worden of een ruimte op of bij het Gazelleterrein denkbaar is (eventueel in combinatie met een fietsmuseum). Als het om een grootschaliger ontwikkeling gaat (zoals een werkplaats voor stoomtreinen), dan lijkt het Du Commerce-terrein een betere locatie.

Het College wil geen grootschalige toeristisch-recreatieve ontwikkeling van de veerstoep of het daarbij gelegen gebied. De locatie leent zich daar niet voor en bovendien wil het College hier geen nieuwe activiteiten die veel autoverkeer aantrekken. De ontwikkeling van een (kleine) passantenhaven in combinatie met een kiosk of koffiehuis past echter wel in het beleid om de dorpsas te versterken. De boot van en naar Zutphen legt bij voorkeur aan bij de veerstoep. De recreanten die deze boot (en de stoomtrein) nemen, maken dan immers gebruik van de route van de veerstoep naar het NS-station.

De wandelmogelijkheden tussen Spankeren en Hof te Dieren moeten waar mogelijk verbeterd worden. Ook moet meer aandacht komen voor de ontwikkeling van de regionale fietsroutes.

Het College streeft ernaar de bestaande Dierense sportvoorzieningen te concentreren op sportpark Het Nieuwland.

De wens bestaat de toeristisch-recreatieve functie van het Apeldoorns Kanaal (met name de omgeving van de sluis) verder te stimuleren. Daarbij zal aandacht moeten zijn voor de natuurwaarden en de cultuurhistorische waarden van het kanaal. Doelstelling moet zijn dat de kwaliteiten van het kanaal ten goede komen aan de omgeving. Het kanaal kan bevaarbaar gemaakt worden voor de pleziervaart. Daarbij zal wel een oplossing gevonden moeten worden voor het verontreinigde bagger en de diverse vaste bruggen over het kanaal.

Landgoed Hof te Dieren wordt doorsneden door de provinciale weg N348 en door de daarnaast gelegen ventweg. Het College streeft er ook in de komende jaren naar om landgoed Hof te Dieren zoveel mogelijk als eenheid verder te ontwikkelen. Waar mogelijk zal de doorsnijding van het landgoed door wegen verminderd moeten worden, bij voorkeur door bundeling van weg en spoor.

5. Verkeer

Zoals in par. 1. al gemeld, wordt in deze dorpsvisie uitgegaan van de optimalisering van de huidige verkeersstructuur (de Burgemeester de Bruinstraat met parallel daaraan het spoor). Het College ziet de Burgemeester De Bruinstraat als een hoofdroute die primair bedoeld is voor het doorgaande regionale verkeer van Arnhem naar Zutphen (en omgekeerd). Op de Kanaalweg rijdt het regionale verkeer van Dieren naar Apeldoorn (en omgekeerd), maar de weg wordt ook gebruikt als lokale ontsluitingsroute. De Harderwijkerweg zou uitsluitend een functie moeten hebben als lokale ontsluitingsroute. Regionaal verkeer moet worden geweerd op deze weg. Het oostelijke deel van de Imboslaan blijft een lokale ontsluitingsroute.

Het College streeft ernaar het regionale verkeer zo onbelemmerd mogelijk te laten rijden op de met name voor regionaal verkeer bedoelde wegen (Burgemeester De Bruinstraat en Kanaalweg). Het College streeft er daarbij naar de leefbaarheid in de gebieden grenzend aan deze wegen te verbeteren. Daarbij moet onder meer gedacht worden aan geluidhinder en luchtkwaliteit.

Het College streeft ernaar het lokale verkeer zo veel mogelijk op de lokale (ontsluitings)wegen te laten rijden. In dat kader moet een goede aansluiting gerealiseerd worden van de provinciale weg op de Harderwijkerweg ter hoogte van de school Het Rhedens.

Belangrijk is de wachttijden bij de spoorwegovergangen zoveel mogelijk te verminderen en de veiligheid bij het oversteken zoveel mogelijk te waarborgen. Ook het aantal overgangen over het spoor moet – waar mogelijk – verminderd worden.

En tot slot: Het zal ook in de toekomst mogelijk blijven om met de auto vanuit Dieren-Zuid naar Dieren-Noord te rijden (en omgekeerd). Aan de hand van deze doelstelling zal het Dollege onderzoeken in welke mate de dorpsas autoluw kan zijn (om op die wijze het verblijfsklimaat van de as te vergroten).

Wat het treinverkeer betreft wenst het College de intercity- én regionale haltefunctie van het station te handhaven. Het College gaat ervan uit dat het station gehandhaafd blijft op de huidige locatie. Het is wenselijk dat het station aan zowel de noord- als zuidzijde bereikbaar is (dat dus ingangen aan beide zijden worden aangelegd). Deze ingangen moeten aantrekkelijk en uitnodigend zijn. Van belang daarbij is de ligging en inrichting van de Burgemeester De Bruinstraat.

Juist de intercity-haltefunctie van het station in Dieren stelt hoge eisen aan de bereikbaarheid en dus ook aan de parkeermogelijkheden. Het College is van oordeel dat er een parkeervisie voor het stationsgebied moet worden ontwikkeld, waarin wordt ingegaan op de omvang van de parkeerbehoefte en op het al dan niet betaald parkeren. Doelstelling van het parkeerbeleid moet zijn dat mensen zo efficiënt en effectief mogelijk kunnen parkeren, met zo min mogelijk overlast voor de omwonenden.

Het College wil bij de mogelijke herinrichting van het stationsgebied de cultuurhistorische waarden zoveel mogelijk behouden en waar mogelijk verder ontwikkelen. Van belang daarbij is dat Dieren-Zuid (deels) is aangewezen als beschermd dorpsgezicht. Uit cultuurhistorisch oogpunt heeft het station een belangrijke functie.

6. Hoe verder?

Deze dorpsvisie is het uitgangspunt voor de verdere planvorming rond Hart van Dieren. In de volgende fase willen we ons richten op een aantal knooppunten. Daarbij zullen we beoordelen op welke wijze de dorpsvisie voor Dieren in contact komt met het provinciale grondgebied en de gronden van ProRail. Het gaat globaal gezien om de volgende locaties:
1. Kruising Ellecomsedijk-N348
2. Hof te Dieren/Doesburgsedijk
3. Kruising Harderwijkerweg-Burgemeester De Bruinstraat
4. Stationsgebied, Burgemeester De Bruinstraat
5. Dorpsas
6. a. Kruising Molenweg-Burgemeester De Bruinstraat
b. Kruising Molenweg-spoorlijn Arnhem-Zutphen
7. Kruising Burgemeester Willemsestraat-Burgemeester De Bruinstraat
8. Kruising Spankerenseweg-Kanaalweg
9. Overige kruisingen van de Kanaalweg met de bebouwde kom van Dieren-Noord

Deze volgende fase in de planvorming moet randvoorwaarden opleveren voor de mogelijke herinrichting van bepaalde wegen, kruispunten en/of gebieden.

* * *

donderdag 20 maart 2008

Rozendaalse Veld naar Natuurmonumenten?

De gemeente Rheden reageert via de Gelderlander op de brief van Marja Braaksma over bodemverontreiniging met cadmium en radioactiviteit op het Rozendaalse Veld. De afdeling Milieu zegt dat er geen aanleiding is ons zorgen te maken over zware metalen in de bodem van het Rozendaalse Veld. Plagmonsters die bij de voorbereiding op de werkzaamheden op het Rozendaalse Veld zijn genomen op arseen, cadmium, chroom, koper, lood, nikkel en zinkbij leverden “geen waarden op die een goede bodemkwalitiet zouden kunnen bedreigen” en er zijn “door de landelijke instituten die onderzoek doen naar radioactiviteit geen problemen gemeld”

Mevrouw Braaksma zet haar strijd voor een vrij Rozendaalse Veld voort. Zij heeft brieven geschreven aan het College van Beheer van de Geërfden en naar de Rhedense wethouder Tiemens over berichten van overdracht van het Rozendaalse Veld naar Natuurmonumenten. Een van de gevolgen zou zijn dat honden dan niet meer los zouden mogen lopen op het Rozendaalse Veld.

Klopt het dat de gemeente het Rozendaalseveld wil overdragen aan Natuurmonumenten en daarmee een groot deel van de zeggenschap over dit gebied kwijtraakt? Op wiens initiatief gebeurt dit en waar komt dit voorstel vandaan? Hebben de geërfden niks meer te zeggen?

Of is het gewoon onzin? Een gerucht en meer niet?

Onderstaand beide brieven. De eerste vraagt om informatie aan de wethouder over een agendapunt waarin de raad zou worden geïnformeerd over de aansluiting van het gebied van Natuurmonumenten op het stuifzandgebied. Dit agendapunt bleek later te zijn doorgehaald.
---------------------------------------------
Velp, 16 maart 2008

Wethouder H. Tiemens
Gemeente Rheden
Hoofdstraat 3
6994 AB De Steeg

Geachte mevrouw Tiemens,

In de lijst van toezeggingen door het College van december 2007
heb ik onderstaande gegevens gevonden.

Agendapunt 2D: Lijst van toezeggingen door het College
De doorgehaalde toezeggingen worden volgende maand van de lijst afgevoerd,
tenzij de raad bij de behandeling van de toezeggingenlijst anders besluit.

Klik om te vergroten


(Theo: Moeilijk te lezen op de afbeelding maar de tekst luidt: Weth Tiemens informeert raad over aansluiting Natuurmonumenten op stuifzandgebied)

In de Lijst van toezeggingen door het College van januari 2008 is dit onderwerp doorgestreept, alhoewel ik bij de raadsvergaderingen hier niets over heb kunnen vinden.
E staat nu ook een datum achter dit onderwerp, maar deze is ook meteen doorgestreept.

Klik om te vergroten


Mijn vragen zijn:

a. Is dit nu wel of niet behandeld? Is de raad nu geïnformeerd?

b. Wanneer wordt de bevolking hiervan op de hoogte gesteld?

c. Betekent aansluiten aan de plannen van de Gemeente Rheden ook dat de Gemeente Rheden voornemens is om het beheer van het Rozendaalse zand over te dragen aan Natuurmonumenten? Of het gebied te verkopen aan Natuurmonumenten?
En zal dat geschieden onder inwilliging van de eis van Natuurmonumenten om in het losloopgebied per 1 januari 2009, of andere datum, een aanlijnplicht in te stellen?

Deze gegevens zijn mij namelijk ter ore gekomen.

Graag ontvang ik schriftelijk antwoord op mijn vragen.

Hoogachtend,
M. Braaksma-de Vries
-------------------------------------------------------

In de tweede brief, gericht aan het college van beheer van de Geërfden, wordt gevraagd of zij hiervan op de hoogte zijn en wat het college van beheer hieraan gaat doen.
-------------------------------------------------------
Velp, 16 maart 2008

Geachte College van Beheer,

Ik heb uit een aantal betrouwbare bronnen vernomen, dat de Gemeente Rheden het Rozendaalse Zand, zodra de subsidie binnen is, of in ieder geval per 1 januari 2009 zal laten beheren door of verkopen/schenken aan Natuurmonumenten, wat zou betekenen dat per die datum ook het honden losloopgebied zal worden gesloten.

Mijn vragen zijn:

A. Ben u hiervan op de hoogte?

B. Indien u hiervan niet op de hoogte bent, en de Gemeente Rheden het zou laten beheren of zou verkopen/schenken, zonder voorafgaande toestemming van de CvB, vindt u dan dat de Gemeente dat mag doen?

C. Indien u van mening bent dat de Gemeente Rheden dit niet zonder toestemming van de CvB mag doen, bent u dan van mening, dat alleen de CvB hiervoor toestemming mag geven , of bent u dan van mening dat hierover gestemd moet worden in een jaarvergadering, c.q. bijzondere vergadering van geërfden?

Ik vraag dit omdat ca. 17 jaar geleden er ook sprake was van overdracht van het Rozendaalse Veld aan Natuurmonumenten. De Gemeente Rheden wilde toen ook af van het Rozendaalse veld en zand. Toen heeft de vergadering van geërfden tegen dit plan gestemd en is dit niet doorgegaan.

In veel rapporten kunt u lezen dat het onderhouden van een zandverstuiving van 30 ha veel beheersmaatregelen vergt. De Gemeente Rheden zegt in de Besluitenlijst van de informatieavond van de gemeenteraad van 9 oktober jl. dat het terugbrengen van het stuifzand niet leidt tot extra structurele lasten en dat informatie volgt over aansluiting van Natuurmonumenten aan het gemeentelijk plan.
Dat het stuifzand wel degelijk leidt tot extra structurele lasten moge duidelijk zijn uit rapporten over stuifzandprojecten zoals het Kootwijkerzand.

Gezien de informatie die mij nu heeft bereikt, wil ik graag weten wat er mogelijk gaat gebeuren en welke beslissing de CvB eventueel voornemens is te nemen.

Met vriendelijke groet,
Marja Braaksma

Stakeholders

Adriaan Dolk beschouwt de wijze waarop het gemeentebestuur omgaat met het opstellen van de dorpsvisie Dieren en het het masterplan voor Hart van Dieren.
---------------------------------
De gemeente Rheden werkt op dit moment aan een ‘dorpsvisie’ voor Dieren en op basis daarvan wordt door de Provincie en de gemeente samen de bijpassende infrastructuur bedacht. Aldus een bericht in de Gelderlander (dG) van 7 maart met als kop “Kock praat raad bij over ‘Hart”. Dat bijpraten gebeurde op 11 maart in het gemeentehuis tijdens een oriëntatieavond. Dorpsvisie plus infrastructuur moeten dan samen het masterplan vormen.

Nu even terug naar december vorig jaar toen in het advies van het atelier Verdaas, het begrip masterplan werd gelanceerd. “Het belangrijkste advies van het atelier Verdaas luidde: ontwikkel samen met de bevolking eerst een dorpsvisie voor Dieren, waarin gekeken wordt naar de aspecten wonen, werken, winkelen en recreatie” (dG 13.12.2007).

Het raadselachtige feit doet zich nu voor dat na half december er drie maanden voorbij zijn gegaan (de aanbevolen maand bezinning is door de gemeente genegeerd; we zijn direct hard aan de slag gegaan, aldus Kock) maar er is nog nauwelijks contact met de bevolking geweest. Wél zijn er gesprekken met de stakeholders gaande, aldus Kock. Wie zijn dat nu weer, vroeg de SP. Dat zijn volgens Kock, de eigenaar van het Shell benzinestation en Twickel natuurlijk en ook de Provincie is stakeholder.

Steun zoekend in de Wikepedia (want de voortschrijdende taalvernieuwing speelt mij parten) lees ik onder meer dat een stakeholder een belanghebbende is bij een overheidsbesluit of een nieuw project. Organisaties moeten altijd rekening houden met hun stakeholders. Dit kan leiden tot stakeholdermanagement. (permanente analyse van de stakeholders en hun behoeften) Tot zover de Wikepedia.

Heeft de heer Kock zich op enig moment afgevraagd of de belangenorganisaties in Dieren, die gedurende meerdere jaren het vuur uit de sloffen liepen en bij bestuurders tevergeefs aandacht vroegen voor hun standpunten, ook misschien belanghebbende zouden kunnen zijn? Heeft een permanente analyse van de behoeften van deze stakeholders bij de heer Kock enige prioriteit? Was in het audit rapport niet één van de vijf vernietigende conclusies over de stuurgroep dat deze er niet in geslaagd was draagvlak voor het plan HvD bij de bevolking te vinden? Is er daarna gemeenteraadbreed niet schuldbewust aangedrongen op draagvlak, draagvlak en draagvlak?

Belangenorganisaties? Standpunten? Stakeholdermanagement?

Heeft u zich al gemeld om uw inbreng bij de ontwikkeling van de dorpsvisie te leveren? Dat was die avond in het gemeentehuis een vraag aan een insprekende voorman van een belangenorganisatie.

Een grotere minachting en brutaliteit bij monde van een gekozen volksvertegenwoordiger kan ik werkelijk niet bedenken. Wanneer breekt het licht nu eindelijk eens door bij onze Rhedense bestuurders?

Adriaan Dolk, Dieren

(ook verschenen in de Regiobode dd 19 maart 2008)

woensdag 19 maart 2008

Gelderland

Het CDA zingt weer het oude liedje. Volgens de christendemocraten brengt de actie voor het tolvrij houden van de Pleijroute de doortrekking van de A15 in gevaar.

Zodra zich ergens verzet tegen plannen begint af te tekenen wordt op deze wijze geprobeerd om critici de mond te snoeren. Vooral de regentenpartijen hebben hier een handje van. “Als jullie niet akkoord gaan met plan zus of project zo dan gaat het hele feest niet door.” Dergelijke uitspraken waren ook al enkele malen te beluisteren bij Hart van Dieren.

De tijden dat men zich hiermee de mond liet snoeren zijn allang voorbij. Integendeel, het irriteert en het stijft mensen juist in hun verzet.

Ik ben voorstander van doortrekking van de A15 naar de A12. Het kan de wegen rond het Velperbroekcicuit in belangrijke mate ontlasten en het slechten van de Rijnbarrière heeft voor het verkeer vanuit Brabant, de Betuwe en de Randstad naar de Achterhoek en Duitsland v.v. een aanzienlijke verlichting betekenen. Maar dat wil nog niet zeggen dat wij voor de kosten moeten opdraaien.

Dus steun de actie “Houd de Pleij Tolvrij!”


De provincie wordt veelal gezien als een overbodig bestuurslichaam. Het staat op grote afstand van de burger en is vaak onzichtbaar. Gelukkig krijgt de provinciale politiek, vooral de oppositie met D66, SP en Solidara/Toine van Bergen, meer en meer oog voor de burger. Een goede ontwikkeling.

Ik ben vooral onder de indruk van de D66. Die bemoeit zich actief met zaken die de burger direct raken zoals bij ons in de gemeente Rheden met Hart van Dieren en nu weer met het tolvrij houden van de Pleijroute. Provinciale besluiten hebben vaak grote impact op het dagelijks leven van de gewone burger en met een dergelijke actieve opstelling gaat de provinciale politiek voor de burger meer spreken. Dat maakt het natuuurlijk wel lastiger voor de regenten in het provinciehuis maar dat moet ook. Die gaan hopelijk eens beter beseffen dat Gelderland niet uitsluitend uit wegen, landkaarten en nota’s bestaat maar dat er ook nog mensen wonen. Twee miljoen!

Allemaal Gelderlanders!

dinsdag 18 maart 2008

Wat vindt u van het Rhedense gemeentebestuur: 1. De gemeenteraad

Geef uw mening over het gemeentebestuur van Rheden. Wat denkt u van de gemeenteraad en hoe zit het met de wethouders die onder aanvoering van burgemeester Petra van Wingerden de Rhedense zaken bestieren?

Vanaf heden periodiek een poll over deze vraag. De eerste poll gaat over het algemeen functioneren van de raad. Vindt u dat deze raad het goed doet, er niks van bakt of interesseert het u geen bal?
Daarna zal ik (in eventueel meerdere polls tegelijk) u andere vragen over de gemeente en het gemeentebestuur voorleggen. En, mits de polls populair blijken, laten we de afzonderlijke politieke partijen en eventueel zelfs individuele raadsleden de revue passeren.

Vindt u dat de gemeenteraad goed functioneert en de juiste beslissingen neemt? Is er voldoende echt debat of zijn de raadsleden het juist te snel met elkaar eens? Vindt u het juist dat er een coalitie is waarin PvdA, CDA, VVD, CU en GroenLinks, vijf van de zeven partijen in de raad of vindt u dat hierdoor het debat en de discussie juist wordt platgeslagen? Is er wel een werkelijk onderscheid tussen de verschillende politieke partijen of is dat maar schijn? Hoe doet de oppositie, de SP en Gemeentebelangen, het? Zijn de partijen en de politici voldoende zichtbaar naar de burger? Voelt u zich betrokken bij (de beslissingen van) dit gemeentebestuur? enzovoorts, enzovoorts….

En als u de keuzes tussen goed of slecht te beperkt vindt stuur me dan aub een mail met uw verhaal waarom u iets juist reuze goed of verschrikkelijk slecht vindt of waarom u niet kunt kiezen. En als u suggesties hebt voor interessante vragen dan houd ik me aanbevolen.

Iedereen is welkom om een reactie te geven. Of u nu wel of geen inwoner bent van Rheden maakt mij niet uit. Mensen die deze weblog lezen hebben vaak een band met Rheden of hebben te maken met de gevolgen van Rhedense beslissingen. Bijvoorbeeld de inwoners van Rozendaal dat een samenwerkingsverband heeft met Rheden, mensen die vaak door Dieren rijden en dus ook met Hart van Dieren te maken krijgen, mensen die graag in Rheden zouden willen wonen maar daartoe door gebrek aan (huur)woningen niet in staat zijn, etc.

maandag 17 maart 2008

Hart van Dieren - presentatie 11 maart (dl 2)

Afgelopen dinsdag 11 maart presenteerde wethouder Joop Kock de aanpak voor de ontwikkeling van het masterplan voor Hart van Dieren. Vandaag over de aanpak van het masterplan zelf.

Joop Kock begon met te zeggen dat de adviezen van het Atelier v/h Verdaas nauw worden gevolgd. Dat “nauw” moet u alvast met een fikse korrel zout nemen. De Atelieristen hadden geadviseerd om het project onder de leiding van één partij te brengen maar dat is niet gebeurd. Een afgeslankte versie van de stuurgroep met daarin gedeputeerde van Haaren en wethouder Kock neemt in dit proces de beslissingen. Ouwe meuk dus. Dezelfden die het project in de soep hebben laten lopen.

En het Atelier kwam ook met het “mijtervoorstel” (rechts) waarin ook de Harderwijkerweg voor doorgaand verkeer was bestemd. Daar zijn Joop Kock c.s. van afgestapt. De Harderwijkerweg wordt niet bestemd voor doorgaand verkeer. Begrijp me goed. Er is niks mis met die beslissing maar ga dan niet roepen dat de adviezen van het Atelier "nauw worden gevolgd".

Om tot het masterplan te komen gaat de gemeente eerst een probleemanalyse uitvoeren, een dorpsvisie ontwikkelen en randvoorwaarden vaststellen. Daarna zullen de provincie en ProRail de infrastructurele aanpassingen inbedden in de gemeentelijke plannen.

Ik kan u melden dat die probleemanalyse en de dorpsvisie al gereed zijn. Die heeft Joop afgelopen dinsdag al gepresenteerd. In een van de sheets staat namelijk dat de dorpsvisie leidt tot raakvlakken met de provincie en ProRail. De dorpsvisie moet dus vooraf gaan aan de vaststelling van die raakvlakken. En aan die dorpsvisie moet weer de probleemanalyse ten grondslag liggen. Maar die raakvlakken werden dinsdagavond ook al gepresenteerd. Ergo, de probleemanalyse en dorpsvisie zijn dus al klaar.
Op de sheets staat trouwens ook dat dit in maart 2008 klaar is. Nu moeten dus alleen nog de randvoorwaarden worden vastgesteld.

Onderstaand die raakvlakken. Ik heb de informatie uit twee van de sheets in onderstaande afbeelding geïntegreerd. Klik op de afbeelding om te vergroten.


En ik begrijp dan ook weer niet waar die uitspraken over "Communicatie" op slaan. Daarin staat onder andere dat bewoners, stakeholders, politiek en media worden geïnformeerd en dat het vertrouwen van de bewoners en de raad via communicatie wordt gewonnen. Ook worden de bewoners betrokken bij de plannen.

Dat is dus allemaal mosterd na de maaltijd. Het grootste deel is al klaar. Dat was ook niet zoveel werk hoor. Op een achternamiddag is een powerpointpresentatie in elkaar gedraaid en voilà, het grootste deel van de gemeentelijke bijdrage aan het masterplan is gereed. Het moet alleen nog even worden opgeschreven in lijvige rapporten. Daarvoor gaat Joop Kock externe deskundigen inhuren.

Om ons te overtuigen heeft Joop ook een strategie. Samengevat in de woorden “media, raad, bewoners, belangengroepen en stakeholders”. Bij de presentatie werd er natuurlijk, hoe kan het ook anders, bij gezegd dat dit allemaal zorgvuldig moet gebeuren. Daar kun je jezelf nooit een buil aan vallen. Zorgvuldig is een rekbaar begrip. Wat de gemeente onder zorgvuldig verstaat is vaak heel iets anders dan wat ik daaronder versta.

De gemeente gaat ons becommuniceren via de Gelderlander, de Regiobode en een actuele website (welke?). Daarnaast is er BODT-overleg met belangengroeperingen, zijn er informatiebijeenkomsten en worden ambassadeurs ingezet.

BODT betekent trouwens Benen Op De Tafel. Leuk hè! Als dat maar niet ontaardt in BOT overleg waarin de gemeente praat en de belangengroeperingen alleen nog maar ja mogen zeggen.

Ik ben wel benieuwd wie die ambassadeurs zijn. Gaan de Muzikanten weer een deuntje spelen? Komt Dijkstal of een andere hotemetoot weer tevoorschijn?

Joop Kock vroeg ook nog aan de gemeenteraad of die maar even akkoord wil gaan met het uitgeven van 200.000 euro voor al dit moois. Joop was alvast met het uitgeven begonnen. Die uitgaven wil ie dus buiten het budget voor Hart van Dieren houden.

En ja dan is er natuurlijk ook nog dat duivelse dilemma. De tijd voor inspraak en debat is zeer beperkt. Alles moet immers vóór de zomer klaar zijn want anders staan de rijksbijdragen op de tocht.

De boodschap is helder: koppen dicht en luisteren!

Naar Your Master's Voice.

Tot zover de presentatie. Onderstaand het deel van de presentatie over het masterplan. Als u op een afbeelding klikt dan wordt deze in een apart scherm vergroot weergegeven.















zondag 16 maart 2008

Hart van Dieren - Presentatie 11 maart (dl 1)

Dinsdagavond 11 maart 2008 gaf de Rhedense wethouder Joop Kock een overzicht van de stand van zaken en de marsroute voor de ontwikkeling van een Masterplan voor Hart van Dieren.

De presentatie startte met een overzicht van een aantal gebeurtenissen in het project Hart van Dieren gegeven (Zie daarvoor de powerpointsheets die ik aan het eind van dit bericht heb geplaatst).

Alles uiteraard vanuit de perceptie van Joop Kock. Zo begint het voor hem pas op 16 juni 2005. Bij de ondertekening van de samenwerkingsovereenkomst (SOK) tussen de gemeente, de provincie en ProRail.

Wat daaraan voorafging ligt voor Kock blijkbaar in de pré-historie. Het falen was al ingezet voordat de SOK werd ondertekend. De businesscase 2005 die in april 2005 werd gepresenteerd was al 'n wrak.

En kennelijk is er niets belangrijks te melden over de periode tussen juni 2005 en juni 2007.

Dat vind ik veelzeggend. In die periode vergat de stuurgroep namelijk om op de centjes te passen.

Enkele andere dingen wil ik toch ook nog ‘ns benoemen. Als ik verbijsterd of geschokt ben dan is aan mij echt wel te merken dat er iets niet in orde is. Zoniet bij onze vrijetijdspolitici. Op 21 augustus werd de gemeenteraad over het tekort geïnformeerd. Op 28 augustus is daar nog ‘ns met de raad over gesproken en op 6 september wordt het tekort wereldkundig gemaakt. Vervolgens reageren de politici dat ze “verbijsterd” en “geschokt” zijn. Die verbijstering hebben ze toch ’n week of twee heel goed weten te verbergen. De schijnheiligheid droop er vanaf. Maar ja, wat wil je. Onze politici zijn immers gepokt en gemazeld. Die hakken natuurlijk vaker met dit bijltje.

En op 6 september, dus nog vóór de bekendmaking van het tekort, had de stuurgroep al besloten tot een audit en het Atelier Verdaas. Pas op 16 oktober werd een opdracht voor de audit geformuleerd en pas in november startte het onderzoek naar de vraag hoe nu verder te gaan.

Vervolgens komen op 11 december de resultaten van de audit en Ateleir Verdaas naar buiten. En dan duurt het nog tot februari voordat de stuurgroep met een reactie komt op de audit en het Atelier.

En de gemeente doet nog een schepje boven op alle verwarring. Terwijl de stuurgroep al ontbonden is en gedeputeerde staten de Samenwerkingsovereenkomst (SOK) al heeft dood verklaard weten B&W nog niet wat ze met de SOK aan moeten. Ze nemen het besluit van gedeputeerde staten voor kennisgeving aan en hebben de reactie en de adviezen van de stuurgroep doorgestuurd naar de raad. Samen met een begeleidende brief. Wat er in die brief staat weet ik niet. Is die soms ook geheim? Ik schat in dat ze bang zijn voor financiële angels en voetklemmen als ze nu al zouden zeggen dat ze de SOK als ontbonden beschouwen. Het zorgt in ieder geval weer voor meer onduidelijkheid.
Dat bleek ook wel uit de vragen die diverse raadsleden stelden. Die snappen er ook niks meer van.

Sinds het tekort aan de stuurgroep werd gemeld zijn zeven maanden verstreken. Nu komt Kock met een paar powerpointsheets naar buiten waar de onzekerheden en de mitsen en maren van afdruipen. Het masterplan wordt op straffe van het afblazen van heel Hart van Dieren nu binnen drie-en-een-halve maand door de Dierense strot worden geduwd.

Want de rijksoverheid wil dit plan nu voor de zomer hebben. Althans, dat zeggen Kock en de stuurgroep.

En als dat niet lukt dan zijn de schuldigen al snel aangewezen. Dat zijn degenen die gaan dwarsliggen en het niet met de uitkomsten van het masterplan eens zijn.

Nou daar trap ik niet in. De schuldigen, dat zijn en blijven de leden van de stuurgroep en hun paladijnen in provinciale staten en gemeenteraad.
Die al die tijd verzuimd hebben om gewoon hun taak uit te voeren: fatsoenlijke bestuurlijke controle.

Een laatste staaltje daarvan.
In de commissie Mobiliteit en Economische Zaken (5 maart) van provinciale staten heeft gedeputeerde van Haaren toegegeven dat de opmerking van de stuurgroep dat de belangrijkste kosten-stijgingen zich begin 2007 voordeden, onjuist was. Daarop stelde D66-fractievoorzitter Martijn Leisink dat daarmee haar legitimatie wegviel voor de conclusie dat ze niet eerder had kunnen ingrijpen. Dat werd door haar weer ontkend en de commissie nam daar in meerderheid genoegen mee. D66 kreeg alleen steun van de SP en de afgesplitste Toine van Bergen.

Dat gedraai geldt behalve voor gedeputeerde van Haaren ook voor de andere leden van de stuurgroep waaronder wethouder Joop Kock. De stuurgroep, waarin dus ook Joop Kock zitting heeft, zegt in het document met de wijdlopige titel “Standpunt Stuurgroep inzake de beëindiging van het project Hart van Dieren en voorstel voor het in gang zetten van het vervolg van het project” letterlijk:
“Daarnaast acht de Stuurgroep de doorlooptijd die het Atelier noemt (6 maanden) niet reëel voor een breed gedragen masterplan dat een onderlegger is voor keuze ten aanzien van de infrastructuur knelpunten.”

Dus eerst zegt Joop Kock als lid van de stuurgroep dat een doorlooptijd van zes maanden voor een breed gedragen masterplan niet reëel is en nu gaat diezelfde Joop Kock dat masterplan even binnen drie-en-een-halve maand ophoesten.

Hoezo ongeloofwaardig!

In deze posting het eerste deel van de presentatie: de "historie" en de "huidige status" van het project. Morgen het deel dat over het masterplan gaat. Daar valt ook nog het een ander over te zeggen.

Als u op een afbeelding klikt dan wordt deze in een apart scherm vergroot weergegeven.








zaterdag 15 maart 2008

Omwonenden tegen bouwplan gezondheidscentrum

De bouwplannen voor de gezondheidsonderneming aan de Rozendaalselaan worden concreet. Al eerder was er gekrakeel tussen Atelier Velp en de gemeente en nu komen omwonenden van het nieuw te bouwen EersteLijnsCentrum Velp in het geweer tegen de plannen.

De bouwplannen voldoen niet aan de wensen van de omwonenden en passen (volgens de omwonenden) niet op de eerder door de gemeente gehanteerde uitgangspunten.

Zij voelen zich miskend.

"Het vertrouwen van de bewoners in de Gemeente zou bij doorgang van het huidige plan en de door Gemeente in het verleden gewekte verwachtingen met betrekking tot de invulling ernstig geschaad worden."

Bijgaande brief ontving ik afgelopen donderdag.

-------------------------------------------------------------------------
Burgemeester en Wethouders Gemeente Rheden

Postbus 9110
6994 ZJ De Steeg

Datum : 12 maart 2008
Onderwerp : Zienswijze omwonenden op het Bouwplan voor het EersteLijnsCentrum Velp

Geacht college,

Naar aanleiding van de gepubliceerde bouwaanvraag voor het EersteLijnsCentrum op het terrein van de vm. Kohnstamm Mavo aan de Rozendaalselaan te Velp, geven wij u hierbij de zienswijze van de omwonenden op dit plan.

De afgelopen jaren hebben wij als bewoners al diverse informatiebijeenkomsten mogen bijwonen en vele bouwplannen mogen aanschouwen. Hierbij werd steeds de indruk gewekt dat de bewoners een stem zouden hebben in het uiteindelijke plan. Regelmatig is er door omwonenden op gewezen dat de bebouwing moest passen in de bestaande omgeving, een open karakter met groen en aansluiten op de aanwezige laagbouw. Een visie die zoals blijkt uit de onderstaande correspondentie aan de projectontwikkelaar en de bewoners door de Gemeente werd ondersteund.

In een brief van de gemeente (kenmerk ORSVM0570-576 dd. 28 januari 1999) werd de toenmalige projectontwikkelaar Credo verzocht het ontwerp aan te passen en kort samengevat wel als volgt:

- geen hoge bebouwingsdichtheid; grootte van bouwmassa’s in relatie tot de onderlinge afstand

- aansluiting zoeken bij de huidige open (groen) stedenbouwkundige structuur in verband met de korrelgrootte van de omliggende bebouwing etc.

- voorkomen van het ontstaan van een te zware en stedelijke straatwand etc.

Ook in de brief aan een bewoner (kenmerk ORSVM0863-2455 dd. 31-03-1999) werd deze visie nog eens onderstreept:
- de maat en schaal van de omgeving in acht nemen; groene uitstraling

- het is van belang dat het plan niet te zeer verdicht wordt en voldoende openheid krijgt waarin de bestaande karakteristieke bomen worden opgenomen (een van deze bomen was thans niet meer karakteristiek en is inmiddels gekapt).
De toenmalige ontwerpen staan wat betreft opzet en ruimtelijke indeling (losse eenheden met open ruimtes) in schril contrast met het grote aaneengesloten bouwvolume zoals dit nu in het bouwplan is weergegeven.

De wensen van de omwonenden met betrekking tot het ontwerp zijn op de inloopavond dd. 7 juni 2006 nog eens gemeld: - geen hoog gebouw, behoud karakter van de straat, uitstraling van het gebouw.

De thans voorliggende bouwplannen zijn geheel niet in overeenstemming met de wensen van de omwonenden, en voldoen op geen enkele wijze aan de eerder door de gemeente gehanteerde uitgangspunten.

Alhoewel wij de komst van een EersteLijnsCentrum niet afwijzen, willen wij de gemeente houden aan de gedane toezeggingen en randvoorwaarden.
De omwonenden zijn van menig dat het bouwvolume en de hoogte van het gebouw niet passen in de omgeving en het karakter van de buurt nog verder aantasten en daarbij door de relatief korte afstand tot de bestaande bebouwing onevenredig veel schade toebrengen aan de privacy en de toetreding van licht en lucht voor de percelen en de woningen.

Zo zullen de bewoners van de panden welke aan de noordgevel van het nieuwe gebouw grenzen op korte afstand worden geconfronteerd met een gevel van 12 meter resp. 15,1 meter hoogte (ook is er nog sprake van een hoogteverschil tussen maaiveld van de huidige woning en het peil waarop gebouwd wordt; ca. 1m). Hierdoor blijven de woningen en met name de tuinen gedurende een groot deel van het jaar verstoken van zonlicht. Ook de privacy in de aangrenzende tuinen wordt geheel ontnomen. Daarbij zullen zij hinder ondervinden van de geplande hellingbaan, die dicht langs de bestaande huizen wordt aangelegd. De voertuigen zullen bij het gebruik van deze voorziening veelvuldig remmen of met zwaar belaste motor de helling oprijden. Dit leidt tot stank en eluidsoverlast. Mogelijk zal ook het openen van de garagedeur en/of slagboom geluidshinder kunnen veroorzaken.

Voor bewoners, die thans vanuit de Parkstraat zicht hebben op het perceel moet nog rekening gehouden worden met een extra hoogteverschil van 1,4 meter. De woningen zijn gebouwd op straatniveau welke 1,4 meter lager gelegen is t.o.v. het peil waarop gebouwd gaat worden, hierdoor wordt alle zicht en de middagzon ontnomen door een gevel met een hoogte 13,5 resp. 16,5 meter. Ook hier zijn er de nadelige gevolgen voor de privacy.

De toegestane goothoogte bedraagt weliswaar 9 meter met een mogelijke afwijking van 10%, maar door toepassing van een schuine kap komt de bouwhoogte dus op een totaal van 12,5 resp. 15,1 meter.

De hierdoor ontstane zolderverdieping wordt niet als bouwlaag benut en is derhalve leeg. De argumentatie voor deze kap is volgens mededeling het feit dat een pannendak minder onderhoudsgevoelig is en beter in de buurt zou passen. Het aanzicht van de buurt wordt thans echter voor een groot deel bepaald door het nieuwe appartementengebouw, welk onlangs is opgeleverd. Dit gebouw wordt gekenmerkt door enigszins aangepaste platte daken. Door toepassing van een soortgelijke dakconstructie kan de hoogte met ca. 5 meter verlaagd worden.

Ook bestaan er bij de omwonenden twijfels of het gehele gebouw verhuurd kan worden in kader van de gezondheidszorg en vrezen dat er mogelijk ruimtes verhuurd gaan worden aan niet
ELC- gegadigden teneinde alle ruimtes verhuurd te krijgen. Naar onze mening zijn belanghebbenden te veel geïnteresseerd in een maximale opbrengst. In het huidige plan worden de uiterste grenzen met alle mogelijke uitbreidingen direct geclaimd.

Op grond hiervan zijn wij van mening dat gekeken moet worden naar mogelijkheden om het bouwvolume te beperken, de hoogte te verminderen en een redelijke afstand tot de bestaande bebouwing te waarborgen, alsmede ruimte te creëren voor groen. Hierdoor zou het gebouw beter passen in de huidige omgeving.

Het vertrouwen van de bewoners in de Gemeente zou bij doorgang van het huidige plan en de door Gemeente in het verleden gewekte verwachtingen met betrekking tot de invulling ernstig geschaad worden.

Het verdient ons inziens aanbeveling dit bouwplan te betrekken in de huidige discussie binnen de gemeenteraad met betrekking tot maximale toegestane bouwhoogtes in Velp.

Uw reactie zien wij graag tegemoet.

Met vriendelijke groet,

De omwonenden volgens bijlage.
Een afschrift met bijlagen is gezonden aan de raadsfracties.